ISALA

Huisregels

Wilt u iemand opzoeken in Isala, maar bent u verkouden of grieperig? Of heeft u een andere infectieziekte zoals buikgriep of diarree?

Als u een infectieziekte heeft of vermoedt dat u besmet bent, overweeg dan of een bezoek aan het ziekenhuis verstandig is. Veel patiënten hebben minder weerstand en kunnen daardoor gevoeliger zijn voor infecties.

Ga bij voorkeur niet bij een patiënt op bezoek als u een infectie (zoals een huidinfectie), diarree, koorts, verkoudheid of griep(verschijnselen) heeft. Voor kinderen geldt dit ook als zij een kinderziekte hebben (zoals waterpokken, roodvonk, mazelen, rode hond, kinkhoest, bof, vijfde of zesde ziekte) of korter dan drie weken voor het bezoek in contact zijn geweest met iemand met een kinderziekte. Wanneer bezoek aan een patiënt toch noodzakelijk is, moet u/uw kind zich eerst melden bij de verpleging.

Misschien kunt u uw bezoek uitstellen totdat uw klachten over zijn?

Heeft de patiënt die u gaat opzoeken, een infectieziekte? Of vermoedt u dat de patiënt besmet is?
In dat geval vragen we u om deze richtlijnen te volgen:

  • Gebruik niet het toilet van de patiënt. Maak gebruik van de bezoekerstoiletten in het ziekenhuis.
  • Als u de kamer van de patiënt verlaat, was dan uw handen heel goed met water en zeep.
  • Als u meerdere patiënten in het ziekenhuis wilt bezoeken, ga dan eerst naar de andere patiënten. Bezoek de besmette patiënt als laatste en ga daarna naar huis.
  • We begrijpen dat het volgen van deze richtlijnen extra aandacht van u vraagt. We vertrouwen op uw medewerking. Doel is om de verspreiding van infectieziekten te voorkomen.

Besmetting voorkomen

Infectieziekten worden overgedragen van mens op mens. De veroorzakers zijn bacteriën, virussen, schimmels of parasieten. U kunt een infectieziekte oplopen door bijvoorbeeld:

  • contact met besmette personen, besmette oppervlaktes of besmet water
  • het inademen van besmette lucht.

Een infectieziekte kan in het ziekenhuis grote problemen veroorzaken. In het ziekenhuis zijn veel mensen bijeen die elkaar razendsnel kunnen besmetten. Ook hebben veel patiënten minder weerstand, waardoor ze gevoeliger zijn voor infecties.

Wat kunt u doen?

  • Pas handhygiëne toe:
    • na toiletbezoek
    • na hoesten of niezen
    • voorafgaand aan het uitvoeren van verzorgende handelingen zoals voor en na het helpen van de patiënt bij het eten en/of bij toiletbezoek.
  • Raak wonden, katheters en/of verbanden niet met de handen aan.
  • Houd de hand, of een papierenzakdoek voor de mond bij niezen en hoesten of hoest in de binnenkant van de elleboog. Pas daarna handhygiëne toe.
  • Gebruik papieren zakdoekjes en gooi deze direct weg na gebruik. Pas daarna handhygiëne toe.
  • Volg de instructie(s) van de medewerker op als u iemand bezoekt die in isolatie wordt verpleegd.

Richtlijnen voor patiënt met infectieziekte

Behalve voor u als bezoeker, gelden ook voor besmette patiënten speciale richtlijnen:

  • De afspraak voor onderzoek of behandeling wordt meestal verzet naar het einde van de dag.
  • De patiënt wordt verpleegd op een eenpersoonskamer, of op een kamer met andere patiënten die dezelfde infectieziekte hebben. De patiënt kan weer weg uit deze kamer als deze, na het doormaken van de ziekte, geen klachten meer heeft.
  • Ziekenhuismedewerkers dragen een schort en handschoenen als zij de patiënt onderzoeken of verzorgen. Als de patiënt braakt, dragen zij een masker voor hun mond en neus.
  • De patiënt moet de handen heel goed wassen met water en zeep, als hij/zij het toilet heeft gebruikt.
  • De patiënt mag zijn/haar kamer alleen verlaten na overleg met de verpleegkundige.
  • Als de patiënt uit het ziekenhuis wordt ontslagen, gaat deze vanuit de kamer rechtstreeks naar buiten.