Peritoneaaldialyse
Peritoneaaldialyse wordt ook wel buikvliesdialyse genoemd. De buikholte en alle organen zijn bedekt met buikvlies (peritoneum). Het buikvlies blijkt een geschikt membraan (dun vliesje) voor dialyse omdat het een natuurlijke scheiding vormt tussen het bloed en het dialysaat. Ook bij deze vorm van dialyse is het doel het verwijderen van overtollige zouten, afvalstoffen en vocht uit uw bloed.
Hoe werkt peritoneaaldialyse?
Bij peritoneaaldialyse wordt er dialysaat in uw buikholte gebracht via een katheter. Omdat het buikvlies rijk doorbloed is, kunnen zouten, afvalstoffen en vocht vanuit uw bloed via uw buikvlies naar het dialysaat gaan. Uw buikvlies wordt dan gebruikt als filter om deze overtollige zouten, afvalstoffen en vocht te verwijderen. In het dialysaat zit onder andere suiker (glucose). Dit trekt vocht aan, waardoor het teveel aan vocht aan het lichaam wordt onttrokken. Om het in- en uitlopen van het dialysaat mogelijk te maken is het noodzakelijk om een dun slangetje (katheter) door de buikwand in de buikholte te plaatsen.
Hoe verloopt de katheterimplantatie?
Het plaatsen van een katheter gebeurt tijdens een operatie. De operatie wordt onder algehele verdoving (narcose) uitgevoerd en duurt ongeveer dertig minuten. De ziekenhuisopname hiervoor duurt gemiddeld twee à drie dagen. De chirurg maakt een sneetje van ongeveer drie centimeter met enkele hechtingen in uw onderbuik. Deze hechtingen blijven twee weken zitten. Het open eind van de katheter wordt in het laagste punt van uw buikholte geplaatst; dit maakt goed en volledig in- en uitlopen van het dialysaat mogelijk. De katheter wordt aan de rechter- of linkerkant van uw buik naar buiten gebracht. (In de voorbereidingsfase beslist u samen met de verpleegkundige waar de katheter geplaatst gaat worden). Deze katheter kan langere tijd gebruikt worden. Na de implantatie kunt u na ongeveer twee weken starten met de peritonaalbehandeling.

Twee soorten peritoneaaldialyse
Peritoneaaldialyse is een behandeling waarvoor u uitgebreide instructies krijgt tijdens een training in ons dialysecentrum, zodat u deze behandeling zelfstandig thuis kunt uitvoeren. Er zijn twee mogelijkheden van peritoneaaldialyse:
- CAPD = continue ambulante peritoneaaldialyse
- APD = automatische peritoneaaldialyse.
CAPD
CAPD vindt 24 uur per dag plaats (‘continu’) en dat zeven dagen in de week. U kunt het grootste deel van de tijd gaan en staan waar u wilt (‘ambulant’). Na vier tot zes uur is het dialysaat verzadigd (vol met afvalstoffen) en dan is het nodig om het dialysaat te verversen. Het verwisselen van het dialysaat moet vier of vijf keer per dag. Een wisseling duurt gemiddeld dertig minuten.
Hoe werkt CAPD?
Gemiddeld heeft u twee liter dialysaat in de buikholte. Op de katheter wordt een wisselsysteem aangesloten waaraan een uitloopzak en een dialysaatzak verbonden zijn. De uitloopzak wordt op de grond gelegd en door de zwaartekracht loopt de buikholte leeg. Als de buikholte leeg is, wordt de dialysaatzak opgehangen aan een infuusstandaard. Ook dit dialysaat loopt door de zwaartekracht de buikholte in. Als dit klaar is, kunt u zichzelf afkoppelen en de katheter voorzien van een steriele afsluitdop. Het dialysaat blijft nu vier tot zes uur zitten tot de volgende wisseling.
APD
APD vindt ’s nachts plaats. De wisselingen worden door een machine gedaan (‘automatisch’) terwijl u slaapt. De APD-machine is voorzien van een computerprogramma, waarin wordt vastgelegd hoe vaak en met hoeveel dialysaat moet worden gewisseld.
Hoe werkt APD?
De APD-machine staat op een nachtkastje naast uw bed. Als u naar bed gaat, sluit u de katheter aan op de machine. Bij het wakker worden de volgende ochtend is de behandeling voltooid. U kunt dan de machine ontkoppelen en de katheter voorzien van een steriele afsluitdop.
De tijd dat u aan de machine doorbrengt, is minimaal acht uur. Het kan soms nog nodig zijn om overdag dialysaat in de buikholte te hebben of nog een CAPD-wisseling erbij te doen om tot een optimale behandeling te komen. Dit is afhankelijk van de afvalstoffen en wordt bepaald door de behandelend nefroloog aan de hand van uw bloeduitslagen.
Praktische zaken
Voordat u kunt beginnen met de peritoneaaldialyse, zijn er in uw huis aanpassingen nodig. Ook moet u thuis kunnen beschikken over de benodigde materialen.
Aanpassingen in huis
Allereerst maakt een verpleegkundige van de afdeling Peritoneaaldialyse een afspraak voor een bezoek bij u thuis. Zij kijkt samen met de dialysetechnicus of er in uw huis aanpassingen gedaan moeten worden. Als dit het geval is, doet de technicus dat in overleg met u. Ook regelt hij dit met uw zorgverzekeraar. Dit geldt tevens voor aanpassingen op uw werkplek of op school.
Benodigde materialen
Het benodigde dialysaat wordt thuis afgeleverd op een door u gewenste plaats. Ook is het mogelijk dat de firma de vloeistoffen op uw vakantieadres bezorgt.
Via de afdeling Peritoneaaldialyse krijgt u gedurende de dialyseperiode een aantal spullen in bruikleen, zoals een bloeddrukmeter, infuusstandaard, weegschaal en dergelijke.
Training CAPD en APD
Normaal gesproken wordt de behandeling, en dus ook de training, twee weken na uw katheterimplantatie gestart. De trainingsbijeenkomsten vinden plaats op de afdeling Peritoneaaldialyse. De training duurt gemiddeld vier tot vijf dagen, maar dit verschilt per persoon.
Inhoud van de training
De training wordt gegeven door een peritoneaaldialyse-verpleegkundige. Zij leert hoe u een wisseling praktisch moet uitvoeren. Naast het praktisch oefenen wordt er ook tijd besteed aan het theoretische gedeelte. Verder krijgt u adviezen en tips om peritoneaaldialyse zo goed mogelijk in uw dagelijks leven in te passen.
Schoon en zorgvuldig werken bij de wisselingen en bij de verzorging van de katheter zijn van belang om risico’s van infectie zo klein mogelijk te houden. Tijdens de training wordt hier veel aandacht aan besteed. Ook leert u hoe u met de materialen moet omgaan en wat u moet doen in geval van een complicatie.