IVF/ICSI (In Vitro Fertilisatie / IntraCytoplasmatische Sperma-Injectie

Voordat u begint met een IVF- of ICSI-behandeling hebt u twee intakegesprekken bij het Fertiliteitscentrum Isala:

  • Het eerste gesprek hebt u met een arts. Hierbij worden o.a. afspraken gemaakt voor verschillende onderzoeken. Verder bespreekt de arts de risico’s van de behandelingen.
  • Het tweede gesprek hebt u met een verpleegkundige. Deze geeft uitleg over de behandeling en vertelt wanneer u met de behandeling kunt beginnen.

Een IVF- of ICSI-behandeling bestaat uit vier fasen:



Fase 1: Hormonale stimulatie

Hormonale stimulatie is nodig om voldoende eicellen te krijgen. De hormoonbehandeling bestaat uit verschillende stappen. 

U wordt behandeld met:

Toelichting

1. Agonist (lucrin of decapeptyl) zijn sub-cutane injecties

Een agonist:

  • verhoogt de zwangerschapskans;
  • voorkomt een voortijdige eisprong; en
  • maakt het makkelijker om de IVF of ICSI te plannen.

2. Gonadotrofinen (Menopur®, Puregon® en Gonal-F®)
(sub-cutane injecties)

Dit bevordert de groei en rijping van de eiblaasjes (follikels).  

Tijdens deze hormoonbehandeling komt u regelmatig voor een vaginale echo. Hierbij controleren we het aantal en de groei van de eiblaasjes.  

Mogelijk is het nodig om bloed te prikken, om het oestradiolgehalte te bepalen.

3. Pregnyl® (HCG) of Ovitrelle ®

Dit is nodig voor het laatste deel van de rijping van de eicellen. Pregnyl® of Ovitrelle ®wordt gegeven als de punctie kan plaatsvinden (35 uur vóór de punctie).  

Pregnyl® of Ovitrelle ®maakt de eicel los van de wand van het eiblaasje. Laat de eicel vaak rijpen .Hierdoor komt de cel, bij de punctie, meestal mee met de vloeistof uit het eiblaasje.

Fase 2: Eicelpunctie

De eicelpunctie wordt gepland als er minimaal drie eiblaasjes zijn van 18 mm of meer.  

De punctie verloopt als volgt: 

  • Als de punctie wordt afgesproken krijgt u een pijnstillende en eventueel een kalmerende tablet mee.
  • 35 uur vóór de punctie krijgt u een injectie met Pregnyl® of Ovitrelle®.
  • Als de punctie begint, krijgt u via een infuus een pijnstillend middel waardoor u wat soezerig wordt.
  • De punctie wordt gedaan met een holle naald. Die wordt, met een naaldgeleider, in de schede gebracht. Met de naald worden de eiblaasjes onder echo geleide aangeprikt en leeggezogen, zie figuur 1.
  • De punctie duurt vijf tot tien minuten. Een punctie is niet geheel pijnloos.
  • Na de punctie blijft u nog ongeveer een uur rusten.
  • Als u voldoende bent opgeknapt, hebt u een kort gesprek met een laboratoriummedewerker:
  1. U hoort hoeveel eicellen er zijn gevonden.
  2. U hoort wat de kwaliteit is van het spermamonster dat wordt gebruikt voor de IVF/ICSI.
  3. U wisselt telefoonnummers uit, zodat we u kunnen bellen over de uitslag van de laboratoriumfase (zie fase 3), en de datum voor embryoplaatsing (zie fase 4).

Fase 3: Laboratoriumfase

De laboratoriumfase voor IVF is anders dan voor ICSI.

a. Laboratoriumfase IVF
Na de punctie gebeurt in het laboratorium het volgende: 

Eicellen zoeken
Een laboratoriummedewerker zoekt de eicellen in het follikelvocht. De eicellen worden opgezogen in een klein spuitje en er worden zoveel mogelijk cumuluscellen weggesneden (die zitten om de eicel heen). De eicellen worden gespoeld met kweekvloeistof en in een kweekdruppel gezet, onder een olielaag, in een klein schaaltje.

Fertiliteit Isala klinieken Zwolle

Sperma opwerken

  • Op de dag van de IVF produceert de man een spermamonster; thuis of in het ziekenhuis.
  • Het monster wordt afgegeven bij de balie samen met een labformulier. Op dit formulier moet de man nog enkele vragen invullen.
  • De man  en een medewerker controleren de gegevens op het spermapotje/ labformulier en zetten hun paraaf ter bevestiging.
  • Het spermamonster wordt ‘opgewerkt’. Het volume en het aantal zaadcellen worden eerst bepaald. Als er te weinig zaadcellen zijn voor de IVF-behandeling, kunnen we de man vragen om nog een spermamonster te produceren.
  • Bij het ‘opwerken’ worden bewegende (motiele) zaadcellen gescheiden van de kwalitatief mindere cellen.

Fertiliteit Isala klinieken Zwolle

Insemineren

  • Ongeveer vier uur na de punctie wordt een deel van de opgewerkte zaadcellen gebruikt om te beoordelen.
  • Na beoordeling van het monster worden de zaadcellen bij de eicellen gebracht. Deze handeling wordt altijd door twee medewerkers uitgevoerd. Dit om te borgen dat de juiste combinatie van zaadcellen en eicellen wordt gebruikt.

Controle van bevruchting
Ongeveer 24 uur na de punctie wordt gecontroleerd of de eicellen bevrucht zijn. Hiervoor wordt bekeken of de eicellen twee kernen (PN) hebben. Zo ja, dan zijn ze bevrucht.  

Telefonisch bericht

  • Twee dagen na de punctie wordt u gebeld door een medewerker van het laboratorium. Deze vertelt hoe de behandeling tot nu toe verloopt. Bij een geslaagde bevruchting zijn er inmiddels een aantal cellen ontstaan (meestal twee of vier).
  • Als de bevruchting geslaagd is, wordt er een afspraak gemaakt voor het plaatsen van het embryo. Dit gebeurt op dag 3 of 4 na de punctie.

Vervolg bij geen bevruchting

  • Helaas kan het voorkomen dat er geen bevruchting is opgetreden. U wordt dan ook gebeld en krijgt zoveel mogelijk informatie. Desgewenst volgt er een belafspraak met een verpleegkundige.
    Let op: als u niet bij Fertiliteitscentrum Isala onder behandeling bent, kunt u bellen met uw eigen kliniek.
  • ’s Middags wordt u gebeld door de verpleegkundige. Deze maakt afspraken met u over het vervolg van de behandeling.
  • In het team wordt overlegd of verder behandelen zinvol is, en zo ja, met welke behandeling.
  • Als er geen bevruchting is opgetreden, kunt u stoppen met Progestan®.


b. Laboratoriumfase ICSI

N
a de punctie gebeurt in het laboratorium het volgende: 

Eicellen zoeken
Een laboratoriummedewerker zoekt de eicellen in het follikelvocht. De eicellen worden opgezogen in een klein spuitje en er worden zoveel mogelijk cumuluscellen weggesneden (die zitten om de eicel heen). De eicellen worden in een schaaltje met kweekmedium geplaatst.

Sperma opwerken

  • Op de dag van de ICSI produceert de man een spermamonster; thuis of in het ziekenhuis.
  • Het monster wordt afgegeven bij de balie, samen met een labformulier. Op dit formulier moet de man nog enkele vragen invullen.
  • De man en een medewerker controleren de gegevens op het spermapotje/ labformulier en zetten hun paraaf ter bevestiging.
  • Het spermamonster wordt ‘opgewerkt’. Het volume en het aantal zaadcellen worden eerst bepaald. Als er te weinig zaadcellen zijn voor de ICSI-behandeling, kunnen we uw partner vragen om nog een spermamonster te produceren.
  • Bij het ‘opwerken’ worden bewegende (motiele) zaadcellen gescheiden van de kwalitatief mindere cellen.

Fertiliteit Isala klinieken Zwolle 

Eicellen kaalmaken
ICSI kan alleen worden uitgevoerd met ´rijpe´ eicellen ( en dus niet met alle eicellen). Als een eicel rijp is, zit er een bolletje, poollichaampje, aan de buitenkant van de eicel.
Om de rijpheid te kunnen beoordelen, worden de cumuluscellen verwijderd. De rijpe eicellen worden vervolgens apart gezet in een mediumschaaltje.

A= zeer onrijpe eicel (germinal vesicle). Deze zal niet meer afrijpen.
B= rijpe eicel, met poollichaampje (bolletje) boven op de eicel. 

Uitvoeren ICSI

  • Bij een ICSI-behandeling worden de rijpe eicellen en de zaadcellen in kleine druppels gebracht, die onder olie staan in een klein schaaltje.
  • In de zaadceldruppel wordt een zaadcel gezocht van goede kwaliteit. Deze zaadcel wordt opgezogen met een naald en in de eicel geprikt.
  • Als alle eicellen geïnjecteerd zijn, worden ze in een schaaltje gezet met kweekvloeistof.
  • Voor het uitvoeren van de ICSI-behandeling wordt door twee medewerkers gecontroleerd of de juiste combinatie van zaadcellen en eicellen wordt gebruikt.

Controle van bevruchting
Ongeveer 24 uur na de punctie wordt gecontroleerd of de eicellen bevrucht zijn. Hiervoor wordt bekeken of de eicellen twee kernen (PN) hebben. Zo ja, dan zijn ze bevrucht. 

 Fertiliteit Isala klinieken Zwolle

Telefonisch bericht

  • Twee dagen na de punctie wordt u gebeld door een medewerker van het laboratorium. Deze vertelt hoe de behandeling tot nu toe verloopt. Bij een geslaagde bevruchting zijn er inmiddels een aantal cellen ontstaan (meestal twee of vier).
  • Als de bevruchting geslaagd is, wordt er een afspraak gemaakt voor het plaatsen van het embryo. Dit gebeurt op dag 3 of 4 na de punctie.

Vervolg bij geen bevruchting

  • Helaas kan het voorkomen dat er geen bevruchting is opgetreden. U wordt dan ook gebeld en krijgt zoveel mogelijk informatie. Desgewenst volgt er een belafspraak met een verpleegkundige.
    Let op: als u niet bij Fertiliteitscentrum Isala onder behandeling bent, kunt u bellen met uw eigen kliniek.
  • ’s Middags wordt u gebeld door de verpleegkundige. Deze maakt afspraken met u over het vervolg van de behandeling.
  • In het team wordt overlegd of verder behandelen zinvol is, en zo ja, met welke behandeling.
  • Als er geen bevruchting is opgetreden, kunt u stoppen met Progestan®.

Fertiliteit Isala klinieken Zwolle

 

Fase 4: Embryo plaatsen

Als er bevruchting is opgetreden door IVF of ICSI, plaatsen we een of twee embryo’s (afhankelijk van het protocol). Dit gaat als volgt:

  • Op de ochtend voor de plaatsing beoordelen twee laboratoriummedewerkers uw embryo’s op het aantal cellen, de symmetrie van de cellen en eventuele fragmentatie.
  • Er worden één of twee embryo’s geselecteerd voor plaatsing. Als er nog meer mooie embryo’s van goede kwaliteit zijn, kunnen deze worden ingevroren voor latere plaatsing.
  • U komt naar de behandelkamer en heeft een halfvolle blaas. De arts en de laboratoriummedewerker hebben samen gecontroleerd of de juiste embryo’s zijn klaargezet.
  • De laboratoriummedewerker vertelt hoe de embryo’s zich hebben ontwikkeld en wat de kwaliteit is van de te plaatsen embryo’s. Ook controleert hij/zij uw naam/geboortedatum en vertelt of er embryo’s zijn ingevroren. Zo ja, dan krijgt u hierover een brief.
  • Uw arts maakt een buikecho om uw baarmoeder in beeld te brengen en haalt het teveel aan Progestan® of slijm weg uit de vagina.
  • Er wordt een katheter ingebracht tot net in de baarmoeder. Met een dunnere katheter, die door de ingebrachte katheter loopt, worden de embryo’s geplaatst. Soms zijn twee plaatsingen nodig, omdat een embryo in de katheter achterblijft. Dit heeft geen negatieve gevolgen voor de behandeling.
  • Na de plaatsing kunt u eventuele vragen stellen aan de laboratoriummedewerker. Deze zal u ook vertellen of de embryo’s zijn achtergebleven in de katheter.
  • 14 dagen na de plaatsing kunt u een zwangerschapstest doen.
  • U geeft de testuitslag door aan Fertiliteitscentrum Isala of uw eigen behandelende kliniek. Bij een negatieve test bespreekt u het verdere beleid met een verpleegkundige. Bij een positieve test maakt u een afspraak voor een echo.

Vervolg bij zwangerschap

Bij een positieve uitslag van uw zwangerschapstest maakt u een afspraak voor een zwangerschapsecho. De eerste echo is vijf tot zes weken na de punctie. Er wordt gekeken:

  • hoeveel vruchtzakjes er zijn;
  • of er al hartactie zichtbaar is;
  • of er geen EUG is (buitenbaarmoederlijke zwangerschap) of miskraam;
  • of de groei van het embryo past bij de zwangerschapsduur.

Ook bespreekt de arts met u de mogelijkheden voor prenatale diagnostiek en maakt zonodig een vervolgafspraak. 

Na deze echo krijgt u nog een echo bij 11 tot 12 weken zwangerschap. Hier wordt gekeken of er sprake is van een doorgaande zwangerschap. Ook bespreekt u waar de zwangerschapscontrole verder plaatsvindt. 

Voor meer informatie over prenatale diagnostiek kunt u kijken op de site van de afdeling verloskunde van de Isala klinieken.

Wachttijd, leeftijd en bijzonderheden

Wachttijd
Er is een wachttijd voor het eerste intakegesprek voor IVF. Ook voor de ICSI-behandeling is er een wachttijd. Ga naar de wachttijden.

Leeftijdsgrens
IVF en ICSI zijn mogelijk voor:

  • vrouwen tot 41 jaar; en
  • vrouwen tot 43 jaar die een normale FSH en AFC hebben.

Bijzonderheden
Voor IVF en ICSI hebt u intakegesprekken en tekent u een contract. Daarnaast volgen wij een meerlingenprotocol. 

Contract
Vóór de behandeling tekent u een contract. Hierin worden uw en onze rechten en plichten vastgelegd voor de IVF- en ICSI-behandeling, en voor het bewaren van embryo's.   

Meerlingenprotocol
Om de kans op meerlingen te verkleinen, volgt Fertiliteitscentrum Isala het volgende protocol.

  • Bij vrouwen jonger dan 36 jaar, bij wie de hormoonstimulatie goed verloopt, plaatsen we 1 embryo (SET). Dit op voorwaarde dat het embryo van zeer goede kwaliteit is en het de eerste plaatsing is.
  • Zijn er geen top-embryo’s, dan worden twee embryo’s (DET) geplaatst.
  • Op deze manier wordt de kans op meerlingen verkleind. De zwangerschapskans wordt niet kleiner.