Longkanker / bronchuscarcinoom

Longkanker ontstaat geleidelijk en komt vijf keer zo vaak voor bij mannen dan bij vrouwen. Er is kleincellig longkanker, niet kleincellig longkanker en mesothelioom (asbestkanker). De vormen verschillen in groeisnelheid, aangetaste cellen, behandeling en overlevingskans. Als een specialist in één of beide longen een kwaadaardig gezwel constateert zijn er verschillende behandelmethoden. Voor meer info kunt u kijken op www.longkanker.info.

Tijdens uw ziekenhuisbezoeken zult u veel verschillende mensen zien: specialisten, chirurgen en regieverpleegkundigen. De regieverpleegkundigen begeleiden u. Zij spreken uw taal en die van uw artsen. Ze denken mee met u en uw huisarts. Daarnaast stemmen ze afspraken op elkaar af en bieden ze veel (achtergrond-) informatie. Neem dus gerust contact op met de regieverpleegkundige als u vragen hebt!

De behandeling van longkanker is multidisciplinair. Dat betekent dat er meerdere specialisten bij betrokken zijn. Daar zit in ieder geval altijd uw arts en een regieverpleegkundige bij. De longartsen die gespecialiseerd zijn in de oncologie binnen de Isala Klinieken zijn dr. J.A. Stigt en dr. C. Kloosterziel. Bij de behandeling van longkanker wordt gebruik gemaakt van operatie, chemotherapie, radiotherapie of een combinatie van deze behandelingen. De keuze van de behandeling is afhankelijk van het type gezwel en de mate van uitgebreidheid. Over de mogelijkheden kunt u hier meer lezen:



Eerste symptomen

De verschijnselen van longkanker verschillen door de grootte van het gezwel, de plaats waar het zit en eventuele uitzaaiingen. 

Vooral in het begin, als het gezwel nog relatief klein is, heeft u waarschijnlijk geen symptomen. Vaak wordt het gezwel bij toeval ontdekt. Achteraf blijkt u dan soms al vage symptomen te hebben zoals niet fit voelen, verminderde eetlust en gewichtsverlies zonder duidelijke oorzaak. 

Symptomen die meer in de richting van longkanker wijzen zijn: veranderd hoestpatroon, bloed ophoesten, toenemende kortademigheid, herhaaldelijke luchtweginfecties, pijn in de borstkas en pijnen in het lichaam afhankelijk van mogelijke uitzaaiing.

Onderzoeken

Als uw huisarts denkt dat u longkanker heeft, verwijst hij of zij u naar de snelpolikliniek van de longgeneeskunde. U wordt opgenomen op afdeling B4 (locatie Weezenlanden). Een verpleegkundige van de afdeling begeleidt u deze dag. Op deze afdeling vindt een sneldiagnostiek plaats. 

Om een diagnose te stellen, vinden verschillende onderzoeken plaats.

  • PET / CT-scan
  • Uw longfunctie wordt onderzocht met een blaastest
  • U krijgt een gesprek met een longarts die tevens een lichamelijk onderzoek uitvoert
  • Bronchoscopie, dit betekent letterlijk kijken (scopie) in de luchtwegen (bronchiën). Met een flexibele slang met aan het uiteinde een heel kleine camera kijkt een arts naar de structuur van het slijmvlies, de aanwezigheid van ontstekingen en eventuele afwijkingen. Ook kunnen stukjes slijmvlies weggenomen worden voor onderzoek.
  • Echogeleide punctie.
  • Endo-echografie. Via een echoapparaatje aan het uiteinde van een flexibele slang worden beeldopnamen gemaakt van uw organen en klieren in de bovenbuik en tussen de longen. De flexibele slang gaat via uw mond en slokdarm naar uw maag. We hebben ook een folder met meer informatie.
  • EBUS. Via uw mond wordt een buigzame slang (bronchoscoop) de luchtpijp ingebracht. Op het uiteinde van deze endoscoop zit een klein echoapparaatje, welk onhoorbare geluidsgolven uitzendt (echografie). Hiermee kunnen lymfeklieren in het gebied rond de grote luchtwegen zichtbaar gemaakt worden op een beeldscherm.

    Eventuele aanvullende onderzoeken om een diagnose te stellen, kunnen zijn:
  • MRI-scan. Met een sterke magneet en radiogolven worden er in het te onderzoeken lichaamsdeel radiogolven opgewekt. Een antenne vangt de signalen op en de computer zet deze om in beelden. Zo kunnen er doorsneden van het lichaam worden weergegeven.
  • Biopsie. Bij een biopsie wordt er een stukje weefsel weggenomen met een naald.
  • Aanvullende longfunctietest.

Behandeling

Operatie
Een operatie is een plaatselijke behandeling. De chirurg verwijdert het zieke orgaan of weefsel of een deel daarvan. Dit kan een longkwab- of longverwijderende operatie zijn. Naast de tumor haalt de chirurg ook schijnbaar gezond weefsel weg. Door ruim te opereren, vergroot hij de kans dat hij inderdaad alle kankercellen verwijdert. Dat is namelijk met het blote oog niet te zien. Meestal verwijdert hij ook nabijgelegen lymfklieren klieren uit het mediastinum (dit is de ruimte in de borstkas tussen beide longen) om te onderzoeken of hier kankercellen in zitten. 

Na de operatie onderzoekt een patholoog-anatoom het weggehaalde weefsel in het laboratorium. Met een microscoop kijkt hij of er kankercellen in het weefsel zitten. De uitslag van het onderzoek geeft belangrijke informatie over het stadium van de ziekte. Deze informatie bepaalt mede of en welke behandeling mogelijk is. 

Chemotherapie
Chemotherapie is de behandeling van kanker met celdodende of celdelingremmende medicijnen: cytostatica. Er zijn verschillende soorten cytostatica, elk met een eigen werking. De medicijnen worden per infuus of als tablet toegediend. Via het bloed verspreiden zij zich door uw lichaam en bereiken op vrijwel alle plaatsen de kankercellen. 

Radiotherapie
Bij radiotherapie wordt gebruikgemaakt van straling. Kankercellen zijn gevoelig voor bestraling. De straling beschadigt de genen, oftewel het erfelijk materiaal (DNA). De kankercel verliest daardoor het vermogen om te delen en gaat dood. Lees hier meer over de behandeling van longkanker.

Palliatieve behandeling
Als uw longkanker niet (meer) kan worden genezen, is een palliatieve behandeling mogelijk. Zo’n behandeling is gericht op het remmen van de ziekte en of vermindering van de klachten. Een palliatieve behandeling verschilt van persoon tot persoon. Hoe de behandeling er voor u uit kan zien bespreekt de longarts met u. Hij geeft u de informatie die voor u van toepassing is. Aanvullend krijgt u ook schriftelijke informatie in uw patiënten-informatie dossier (PID). 

Onderzoeken/Studies
Binnen oncologie vinden er verschillende onderzoeken (studies) plaats om de behandeling van kanker nog verder te verbeteren en te zoeken naar nieuwe behandelmethoden en medicijnen.

Voor meer informatie kunt u terecht op de site van oncologie, onderzoek en onderwijs of op www.longkanker.nl.

Controle

Na de behandeling van longkanker komt u voor controle bij uw longarts op de polikliniek.

Bent u bestraald dan komt u ook voor controle bij de radiotherapeut-oncoloog. Zij stemmen de controles op elkaar af en zullen u om en om zien. 

Wilt u meer weten?

  • Op www.longkanker.info, de site van het Longkanker Informatiecentrum vindt u informatie over medische en niet-medische problemen waar u mee te maken kunt krijgen.
  • Via het portaal www.kanker.info kunt u ook snel en gericht zoeken naar betrouwbare informatie over kanker. Het portaal is een gezamenlijk initiatief van KWF Kankerbestrijding, de Vereniging van Integrale Kankercentra (VIKC) en de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK). 
  • De stichting Longkanker bestaat uit mensen die zelf longkanker hebben of hebben gehad en biedt via de website www.kankerpatient.nl hulp en steun aan hen die daaraan behoefte hebben. Ook aan nabestaanden biedt zij een luisterend oor.
  • De afdeling radiotherapie van de Isala klinieken heeft ook een eigen website.
Print paginaPrint pagina

PID Longkanker

Meer informatie vindt u in het Patiënten Informatie Dossier (PID) Longkanker.