Astma

Op deze pagina vindt u informatie over astma. Als u na het lezen nog vragen heeft, dan kunt u daarop tijdens uw polikliniekafspraak terugkomen.



Wat is astma?

Astma is een chronische ziekte van de luchtwegen. Chronisch wil zeggen: langdurig. Astma is een probleem dat jarenlang duurt (vaak zelfs levens­lang aanwezig blijft). Gelukkig is astma doorgaans wél goed te behandelen! De meeste mensen met astma zijn, mits ze hun medicijnen trouw en goed gebruiken en verdere adviezen goed opvolgen, (vrijwel) klachtenvrij.

De luchtwegen zijn de buisjes waar lucht doorheen gaat onderweg naar de longen. De luchtwegen bestaan uit de neus, de mondkeel­holte, de luchtpijp (trachea), de afsplitsing van de luchtpijp naar de linker- en rechterlong en de verdere vertakkingen daarvan (de bronchiën).

De luchtwegen zijn aan de binnenkant bekleed met een dun laagje slijm­vlies (vergelijkbaar met het slijmvlies aan de binnenkant van de wangen), en zijn aan de buitenkant omringd door spiertjes. Onder normale omstandigheden is dit slijmvlies dun en rustig, en zijn de spiertjes ontspannen. De lucht kan dan ongehinderd door de luchtwegen naar binnen en naar buiten stromen; de ademhaling is onbelemmerd.

Het probleem bij astma is dat het slijmvlies van de luchtwegen voortdurend ‘ontstoken’ ofwel geïrriteerd is. U kunt ter vergelijking denken aan het slijmvlies van uw neus tijdens een verkoudheid – ook dat is dan ontstoken en geïrriteerd. Nu is een verkoudheid tijdelijk, maar de ontsteking van het luchtwegslijmvlies bij astma is een chronische ontsteking. De mate van ontsteking varieert wel in de loop van de tijd: er zijn momenten van heel weinig ontsteking (dan heeft u ook meestal weinig tot geen klachten) en er zijn momenten en perioden van veel meer ontsteking (veel klachten).

Wat is de oorzaak van astma?

De oorzaak van astma is niet goed bekend. Het is zeer waarschijnlijk dat mensen die astma krijgen, zijn geboren met de aanleg (gevoeligheid) om astma te gaan krijgen. Deze aanleg is ten dele erfelijk bepaald en zit dus vaak in de familie. Of deze mensen ook daadwerkelijk astma gaan krijgen, hangt echter weer af van een aantal invloeden uit de omgeving, bijvoorbeeld teveel hygiëne, sigarettenrook en erfelijkheid. Meer informatie over een aantal invloeden uit de omgeving die mogelijk astma kunnen veroorzaken, vindt u in het Patiënten Informatie Dossier Astma.

Welke factoren kunnen astma veroorzaken?

Als u eenmaal astma heeft, ontstaan klachten doorgaans niet zomaar, maar pas na blootstelling aan uitlokkende factoren (prikkels). De prikkels die astmaklachten kunnen veroor­zaken, worden onderscheiden in twee soorten:

Allergische prikkels

  • Huisstofmijt
  • Kat, hond
  • Pollen (stuifmeel, meestal boom- of graspollen)
  • Andere bloemen, planten of dieren
  • Voedingsmiddelen (zeer zeldzaam)
  • Bakluchtjes
  • Emoties (stress)

Niet-allergische prikkels

  • Verkoudheid (virusinfectie)
  • Sigarettenrook
  • Koude, vochtig lucht (mist)
  • Lichamelijke inspanning
  • Wisseling van temperatuur

Klachten bij astma kunnen kortdurend zijn (‘kleine benauwdheid’), meestal uitgelokt door blootstelling aan een (inhalatie) allergeen, door kou , rook, inspanning enz. Deze ‘kleine benauwdheden’ reageren meestal goed op inhalatie van een luchtwegverwijder. Tussen deze ‘kleine benauwdheden’ in bent u vaak klachtenvrij.

Klachten bij astma kunnen echter ook langer (meerdere dagen) duren en heftiger zijn. Sommige patiënten spreken dan van een ‘grote benauwdheid’ (artsen noemen dit een exacerbatie). Zo’n tachtig procent van de astma-exacerbaties wordt uitgelokt door een verkoudheid. Bij een exacerbatie heeft u vaak meerdere dagen klachten, en reageren de klachten maar weinig op inhalatie van luchtwegverwijders. Als dat het geval is, is het verstandig uw huisarts of longarts te raadplegen.

Bij de meeste patiënten uit astma zich als een piepende ademhaling of als benauwdheid (kortademigheid). Een piepende ademhaling is het meest kenmerkend voor astma. Hoewel mensen met astma ook vaak moeten hoesten, is hoesten op zich weinig kenmerkend voor astma. Een opkomende astma-aanval kan, voordat de echte benauwdheid of het piepen optreedt, allerlei klachten geven, zoals onrustig of prikkelbaar gedrag, moeheid etc. In de loop der tijd leert u zulke vroege voortekenen van een astma-aanval vanzelf herkennen.

Onderzoek astma

De klachten van astma (piepen, benauwdheid, hoesten) zijn niet specifiek voor astma, maar kunnen ook andere oorzaken hebben. Terugkerende klachten van piepen, benauwdheid en hoesten worden meestal wel (maar niet altijd) veroorzaakt door astma. 

Als u vanwege klachten als hoesten, piepen of benauwdheid bij de huisarts of longarts komt, zal deze in eerste instantie allerlei vragen over de klachten stellen (de ‘anamnese afnemen’).

Met de anamnese probeert de arts duidelijkheid te krijgen of astma inder­daad de oorzaak is van uw klachten. Hij probeert een duidelijk beeld te krijgen van de klachten en de mogelijke uitlokkende factoren.

Voordat de arts met u kan praten over de behandeling van uw klachten, zal hij een conclusie willen trekken waar de klachten door veroorzaakt worden (een ‘diagnose stellen’). Er bestaat geen ‘test’ (aanvullend onderzoek) om de diagnose astma te kunnen stellen. Geen enkele test geeft dus zekerheid of u astma heeft. Vaak kan de arts de diagnose astma stellen op grond van alléén de anamnese (eventueel aangevuld door het lichamelijk onderzoek). Daarom is die anamnese ook zo belangrijk. De arts zal daar samen met u veel tijd in steken, zeker bij het eerste polikliniekbezoek.

Toch levert aanvullend onderzoek vaak nuttige extra informatie op. Daarom wordt bij veel mensen bij wie de diagnose astma gesteld is, dan ook verder onderzoek gedaan. U kunt dan denken aan een longfunctieonderzoek. Soms vindt verder onderzoek plaats, bijvoorbeeld een röntgenfoto of bloedonder­zoek, om andere oorzaken van de klachten te kunnen uitsluiten.

Behandeling van astma

Zoals eerder gezegd: de meeste mensen met astma kunnen succesvol behan­deld worden. Met een goede behandeling zijn ze (vrijwel) klachtenvrij. De behandeling kan astma meestal niet genezen. Het is dus ook onverstandig om zelf te stoppen met de behandeling, of om alleen maar medicijnen te gebruiken bij klachten, terwijl er een onderhoudsbehandeling geadviseerd is. Doe dit uitsluitend in overleg met uw arts. Na staken van de onderhoudsbehandeling zult u vermoedelijk binnen zes tot acht weken weer terugvallen in uw oude klachtenpatroon.

De behandeling bestaat uit twee delen:

  • behandeling waarbij geen medicijnen worden gebruikt (niet-medica­menteuze behandeling)
  • behandeling met medicijnen (medicamenteuze behandeling)

In het Patiënten Informatie Dossier Astma vindt u uitgebreide informatie over de onderzoeken en behandelmethodes van astma. Ook staat hierin informatie over stoppen met roken, medicijngebruik en hoe u leert omgaan met astma.