Urineleiders
Een mens heeft twee urineleiders. De urineleider (ureter) is de buis die loopt tussen de nier en de blaas. De lengte van de urineleider bij een volwassen persoon is ongeveer 25 tot 35 cm.
De twee urineleiders (uit elke nier één) zorgen voor het transport van de urine naar de blaas. Aan het eind van de urineleider, bij de inmonding van de blaas, zit een soort ventiel. Dit ventiel verhindert dat urine vanuit de blaas weer terug kan stromen naar de nier.
Afwijkingen van de urineleiders
Aan de urineleiders kunnen afwijkingen ontstaan die tot allerlei klachten leiden. Hier vindt u informatie over de verschillende afwijkingen van de urineleiders en de behandeling ervan:
Vernauwing van de urnineleider
Normaal gesproken is de urineleider overal even wijd. We spreken van ‘vernauwing’ als door obstructie (verstopping) de doorgang van de urineleider nauwer is geworden, waardoor problemen in de afvloed van urine zijn ontstaan.
Klachten van een vernauwing van de urineleider
Een geleidelijke vernauwing van de urineleider geeft weinig of zelfs helemaal geen klachten. Zo’n vernauwing komt vaak pas aan het licht bij afwijkende uitslagen van bloedonderzoek of röntgenonderzoek die om andere redenen bij u zijn verricht.
Als door de vernauwing de nier gestuwd is, kan dit pijnklachten in de zij (flank) geven.
Oorzaken van een vernauwing van de urineleider
Een van de meest voorkomende oorzaken van vernauwing is obstructie (verstopping) van de urineleider door een steen die in de urineleider geklemd zit. Hierdoor kan de urine niet meer passeren en het urineverzamelsysteem zet uit (stuwing van de nier). Soms is de urineleider van buiten af dichtgedrukt met vernauwing als gevolg, bijvoorbeeld door een tumor in de onderbuik of door uitzaaiingen van een tumor elders in de buik.
Behandeling van een vernauwing van de urineleider
Als er stuwing optreedt in de urineleider is opheffen van de vernauwing noodzakelijk. Omdat de natuurlijke urineafvloed tussen nier en blaas belemmerd is, zal de uroloog allereerst een nierdrain (nefrostomiekatheter) bij u inbrengen via de rug.

Een nefrostomiekatheter is een dun hard slangetje, dat de uroloog via een incisie (snede) in uw zij (flank) inbrengt in het nierbekken. Om te voorkomen dat de katheter uit de nier valt, komt deze met een hechting aan de huid vast te zitten. Via deze katheter kan de urine uit de nier afvloeien. Wanneer de urine in de nier geïnfecteerd raakt zal met spoed een nefrostomiekatheter worden ingebracht om de ontstoken, gestuwde nier te ontlasten.
Soms is het mogelijk om via de blaas tijdelijk een inwendig slangetje in de urineleider te brengen. Na het inbrengen van de katheter zal verder onderzoek plaatsvinden naar de oorzaak van de obstructie. Ernstige beschadiging leidt tot verwijdering van de nier en de urineleider.
Stenen
De meeste stenen in de urineleider verlaten via de urine spontaan het lichaam. Mocht dit niet spontaan gebeuren dan worden deze stenen op dezelfde manier behandeld als nierstenen.
Meer informatie
Download hier de Isala-folder:
Nefrostomiekatheter