Voor de opname

Om u voor te bereiden op uw opname, kunt u hier informatie vinden over:



Opnamedatum

Het kan zijn dat u op verzoek van uw behandelend specialist op de wachtlijst voor opname bent geplaatst. Op deze website kunt u de wachttijden voor opname bekijken. Het zijn gemiddelde wachttijden die één keer per maand worden berekend.

Als uw opnamedatum bekend is, krijgt u telefonisch of schriftelijk bericht van de polikliniek/het secretariaat van uw behandelend specialist. U heeft dan de gelegenheid thuis het nodige te regelen. (In sommige gevallen heeft u al een opnamedatum gekregen van de secretaresse van uw behandeld arts.)

Bij het vaststellen van de opnamedatum wordt geprobeerd zo veel mogelijk rekening te houden met uw wensen. Ook doen we onze uiterste best om u op de afgesproken datum te behandelen. Er kunnen zich echter onvoorziene omstandigheden voordoen waardoor dit niet mogelijk is. Voor eventuele financiële schade die u hierdoor mocht lijden, is ons ziekenhuis niet aansprakelijk.

Regelen voor dagopname/short stay

Als u komt voor een dagopname, is het goed om voorafgaand hieraan alvast enkele praktische zaken te regelen met het oog op uw thuiskomst.
U wordt dringend geadviseerd om:

  • Vervoer te regelen van het ziekenhuis naar huis.
  • Na een operatieve ingreep ervoor te zorgen dat u de eerste 24 uur thuis niet alleen bent.
  • Zo nodig opvang en hulp voor thuis te regelen, eventueel door de thuiszorg (omdat uw opname van korte duur is, moet u een aanvraag vóór thuiszorg al voor uw opname indienen).

 

Infectieziekten

Hebt u een infectieziekte, zoals een verkoudheid of griep? Of vermoedt u dat u besmet bent?
Het kan zijn dat u een verkoudheid of griep hebt opgelopen. Of een andere infectieziekte zoals diarree, bof of TBC. In dat geval is het van groot belang dat u bij uw opname laat weten dat u ziek bent. Meld het s.v.p. aan de verpleegkundige op de verpleegafdeling. Ook als u vermoedt dat u besmet bent, is het belangrijk dit te melden.

Uw onderzoek of behandeling kan gewoon doorgaan. Maar bij uw verpleging volgen we een aantal speciale richtlijnen om te voorkomen dat ook andere patiënten besmet raken. 

Een infectieziekte kan in het ziekenhuis grote problemen veroorzaken. Infectieziekten worden overgedragen van mens op mens. De veroorzakers zijn bacteriën, virussen, schimmels of parasieten. U kunt een infectieziekte oplopen door bijvoorbeeld:

  • contact met besmette personen, besmette oppervlaktes of besmet water; of
  • het inademen van besmette lucht. 

In het ziekenhuis zijn veel mensen bijeen die elkaar razendsnel kunnen besmetten. Ook hebben veel patiënten minder weerstand, waardoor ze gevoeliger zijn voor infecties. Daarom volgen we, als u (vermoedelijk) ziek bent, uit voorzorg de volgende richtlijnen: 

Richtlijnen bij infectieziekten

  • Uw afspraak voor onderzoek of behandeling wordt meestal verzet naar het einde van de dag.
  • U wordt verpleegd op een eenpersoonskamer, of op een kamer met andere patiënten die dezelfde infectieziekte hebben. U kunt weer weg uit deze kamer als u, na het doormaken van de ziekte, geen klachten meer hebt.
  • Ziekenhuismedewerkers dragen een schort en handschoenen als zij u onderzoeken of verzorgen. Als u braakt, dragen zij een mondkapje voor hun mond en neus.
  • Als u naar het toilet bent geweest, moet u uw handen heel goed wassen met water en zeep.
  • U mag uw kamer alleen verlaten na overleg met de verpleegkundige.
  • Als u uit het ziekenhuis wordt ontslagen, gaat u vanuit uw kamer rechtstreeks naar buiten.

Voor uw bezoek geldt:

  • Bezoekers mogen niet uw toilet gebruiken.
  • Als bezoekers uw kamer verlaten, moeten zij hun handen heel goed wassen met water en zeep.
  • Als uw bezoekers meerdere patiënten in het ziekenhuis willen bezoeken, dan gaan ze eerst naar de andere patiënten; als laatste bezoeken ze u. Daarna gaan ze naar huis.

We beseffen dat sommige richtlijnen voor u niet prettig zijn. We vertrouwen op uw begrip en medewerking.

Meer informatie
Hebt u nog vragen over het omgaan met infectieziekten? Stel deze gerust aan uw arts of verpleegkundige.

MRSA-bacterie

Bent u mogelijk drager van de MRSA-bacterie?
Het kan zijn dat u -zonder dat u dat zelf weet- drager bent van de MRSA-bacterie. MRSA komt in Nederland gelukkig zeer weinig voor: minder dan één op de duizend mensen draagt de bacterie bij zich. Mocht u drager zijn van deze bacterie, dan hoeft dat voor uzelf geen gevolgen of ziekteverschijnselen te geven. Voor het ziekenhuis echter vormt deze bacterie een groot probleem omdat zij voor de meeste antibiotica ongevoelig is. Daarom is het van groot belang dat u vóór uw opname laat weten of u mogelijk drager bent van deze bacterie.

U hebt een grotere kans op het dragen van de bacterie:

  • Als u in het afgelopen halfjaar in een buitenlands ziekenhuis opgenomen bent geweest.
  • Als u in het afgelopen halfjaar in een verpleeghuis of ziekenhuis hebt gelegen waar MRSA was uitgebroken.
  • Als u in het dagelijks leven werkt met varkens en vleeskalveren, of hiermee in contact komt.

Behoort u tot een van deze drie risicogroepen? Dan wordt u dringend verzocht om –vóór uw opname – contact op te nemen met het secretariaat van uw behandelend arts.

Meer informatie
In de online folder Maatregelen bij mogelijke dragers van MRSA kunt u meer lezen over de MRSA-bacterie. In het ziekenhuis kunt u een papieren versie ontvangen.