ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Wegnemen van blaasslijmvlies uit de blaas (blaasbiopten)

Informatie over de operatie

Bij het afnemen van blaasbiopten neemt de uroloog het blaasslijmvlies uit de blaaswand weg, zodat het laboratorium het weefsel nader kan onderzoeken. Hier informeren wij u over de voorbereiding, de operatie zelf en het herstel na de ingreep.

Voorbereiding
Vóór de operatie is het de bedoeling dat u vanaf 24.00 uur ’s nachts nuchter bent. Als u later op de dag wordt geopereerd, kunt u ’s morgens een licht ontbijt (thee en beschuit) gebruiken. Een verpleegkundige of medewerker van de afdeling Opname zal u hierover informeren.

Op de dag van opname bereidt een verpleegkundige u voor op de operatie. U krijgt een injectie met Fraxiparine om bloedstolling (trombose) te voorkomen. Deze injectie krijgt u dagelijks totdat u weer naar huis gaat.

Operatie

Op de dag van de operatie krijgt u ’s ochtends een tablet waarvan u wat slaperig wordt, zodat u zich beter kunt ontspannen (premedicatie). Wanneer u aan de beurt bent, brengt een verpleegkundige van de afdeling u naar de operatiekamer. U ontmoet hier uw behandelend uroloog en anesthesioloog. U heeft de anesthesioloog of één van zijn/haar collega’s gesproken tijdens het preoperatief onderzoek.

Nadat de anesthesioloog de verdoving heeft toegediend, begint de operatie. De uroloog brengt een instrument door de plasbuis in de blaas, waarmee hij kan opereren. Aan het instrument zit een ‘happertje’, waarmee hij stukjes blaasslijmvlies kan wegnemen. Hij brandt de plek waar het blaasslijmvlies is weggehaald direct erna dicht. Het verwijderde blaasslijmvlies gaat naar het laboratorium voor onderzoek. Tijdens de operatie krijgt u een katheter in de blaas. Deze blaaskatheter is noodzakelijk om bloedstolsels uit de blaas te spoelen.

Gemiddeld duurt de operatie een kwartier.

Na de operatie

Na de operatie gaat u voor korte tijd naar de uitslaapkamer (recovery). Als u weer voldoende bij kennis bent en de controles van bijvoorbeeld bloeddruk en ademhaling in orde zijn, gaat u terug naar de verpleegafdeling.

Herstel

Wanneer u weer op de verpleegafdeling bent, begint de periode van herstel. Op de operatiedag controleert de verpleegkundige regelmatig uw bloeddruk, pols en temperatuur. Ook bespreekt zij iedere dag met u de verpleegkundige zorg. Dagelijks komt de uroloog of zijn/haar assistent bij u langs om te kijken hoe het met u gaat en om eventuele vragen te beantwoorden. De blaaskatheter wordt verwijderd, als de urine weer bijna of helemaal helder is.

Nadat de katheter is verwijderd, kan een aantal dingen anders zijn dan u gewend bent:

  • U kunt ongewild wat urine verliezen.
  • Er kan nog wat bloed in uw urine voorkomen.
  • Soms kunt u niet plassen, terwijl u wel aandrang heeft.
  • Het plassen kan met kleine beetjes gaan en kan pijnlijk zijn.

Dit zijn normale verschijnselen van voorbijgaande aard. Wanneer u denkt dat het afwijkend is, waarschuwt u dan een verpleegkundige.

Om de blaas goed door te spoelen, vragen wij u om ongeveer twee liter vocht per dag drinken en als het warm weer is tweeënhalf à drie liter.

Pijn

De arts heeft met de verpleegkundige besproken welke medicijnen u krijgt tegen de pijn. Blijft u ondanks deze medicijnen pijn houden, geeft u dat dan door aan een verpleegkundige. Zij zal u in overleg met de arts extra of andere medicijnen geven.

Weefselonderzoek

Meestal krijgt de uroloog de uitslag van het weefselonderzoek zeven dagen na de operatie. Voordat u naar huis gaat, zal de uroloog met u bespreken wanneer en hoe hij u de uitslag van het onderzoek zal geven. Afhankelijk van de uitslag bespreekt hij de verdere behandeling met u.

Ontslag

Tussen de eerste en derde dag na uw operatie gaat u naar huis. De verpleegkundige zal uw contactpersoon van uw ontslag op de hoogte stellen, wanneer u dat zelf niet kunt.

Na het ontslag

Tot ongeveer zes weken na uw ontslag uit het ziekenhuis kan er nog wat bloed in de urine voorkomen en kan het plassen nog pijnlijk zijn. Houden deze verschijnselen langer dan zes weken aan, dan kunt u het best een afspraak maken op de polikliniek Urologie.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle en Kampen

Urologie
(038) 424 27 40 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Meppel

Urologie
(0522) 23 38 22 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.


9 augustus 2017 5205 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht