ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Insulinetolerantietest

Met een insulinetolerantietest wordt op het bloedafnamelaboratorium door middel van bloedonderzoek gemeten of het lichaam voldoende groeihormoon en bijnierschorshormoon aanmaakt. Uw arts heeft dit onderzoek voor u aangevraagd. Hier leest u meer over de test en de voorbereiding daarop.

Uitleg
Tijdens de test wordt op gezette tijden bloed afgenomen nadat eerst insuline is ingespoten. Het bloed wordt vervolgens op het laboratorium onderzocht. Uit de resultaten hiervan kan uw arts afleiden of u voldoende groeihormoon of bijnierschorshormoon aanmaakt.

Voorbereiding thuis
Op de dag van de test is het de bedoeling dat u nuchter bent. Dit wil zeggen dat u minimaal acht uur vóór aanvang van de test niet meer kunt eten en drinken, behalve water. Het is verstandig om iets te eten en te drinken mee te nemen voor direct na de test.

Ook mag u geen geneesmiddelen innemen die de test verstoren, zoals geneesmiddelen die cortisol bevatten. Belt u bij twijfel naar het laboratorium.

Als u met eigen vervoer komt, is het raadzaam om u te laten begeleiden.

Melden in het ziekenhuis

In de afspraakbevestiging vragen wij om vóór het ziekenhuisbezoek uw persoonlijke gegevens te controleren, zoals adres, telefoonnummer, verzekeringsgegevens, naam huisarts en BSN (Burgerservicenummer). Eventuele correcties of aanvullingen kunt u doorbellen naar de afdeling Patiëntenregistratie via telefoonnummer: (038) 424 54 79.

Voor uw afspraak in het ziekenhuis verwelkomen wij u graag in Vlinder 1, wachtruimte 85.

Verloop van de test

  • De laboratoriumarts heeft een kort gesprek met u en legt de test uit.
  • Hij plaatst een infuusnaaldje zodat u maar één keer geprikt hoeft te worden. Via het naaldje wordt eerst bloed afgenomen en later insuline toegediend.
  • Hierna wordt via het infuusnaaldje bloed afgenomen na twintig, dertig, veertig, zestig, negentig en 120 minuten. Bij iedere bloedafname wordt direct uw bloedsuikergehalte gecontroleerd.

Tijdens de test is eten, drinken (behalve water) en roken niet toegestaan omdat dit de uitslagen van de test kan beïnvloeden. Na afloop van de test kunt u gewoon naar huis en is geen verdere nazorg noodzakelijk. Wel is het aan te raden om na de test een maaltijd te gebruiken.

Door het inspuiten van de insuline zal uw bloedsuikergehalte dalen. Hierdoor krijgt u een honger­ gevoel, gaat u transpireren en kunt u wat slaperig worden. Dit zijn normale bijwerkingen. De arts houdt tijdens de test uw bloedsuikergehalte nauwkeurig in de gaten en dient - als u last krijgt van deze verschijnselen - extra suiker toe (via het infuusnaaldje of eventueel door u een zelf meegebrachte boterham te laten eten).

Bij kinderen en bij sommige volwassenen is een verlaging van het suikergehalte niet gewenst, bijvoorbeeld patiënten met epilepsie of met een hartaandoening; daarom mogen zij deze test niet ondergaan.

Uitslag

De uitslag krijgt u van de arts die de test heeft aangevraagd.

Contact

Wanneer u bent verhinderd, verzoeken wij u om dit zo snel mogelijk telefonisch aan ons door te geven. Ook als u vragen heeft over de test, kunt u ons bellen. Wij zijn bereikbaar van maandag tot vrijdag tussen 8.00 en 10.00 uur op telefoonnummer (038) 424 24 68.

Heeft u binnenkort een afspraak? Dan vindt u de tijd en de plaats waar u verwacht wordt in uw afspraakbevestiging.​


4 april 2017 5285 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht