ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Artritis/artrose van de duimbasis

Diagnose en behandeling op de polikliniek Plastische chirurgie

Artritis en artrose zijn aandoeningen waarbij het kraakbeen van de gewrichten slijt. De botten wrijven dan tegen elkaar aan, waardoor het gewricht uiteindelijk kapot gaat. Hier vertellen wij u over diagnose en behandeling van artritis/artrose van de duimbasis.

Uitleg

Wat is artritis/artrose van de duimbasis?

Artritis en artrose zijn aandoeningen van de gewrichten. In een normaal gewricht zijn de uiteinden van de botten bedekt met kraakbeen, dat ervoor zorgt dat de botten soepel en pijnloos over elkaar heen schuiven. Bij artrose (degeneratieve artritis) slijt het kraakbeen en gaan de botten tegen elkaar wrijven. Er ontstaan klachten en uiteindelijk gaat het gewricht kapot (afbeelding 1).

In de hand ontstaat artrose vaak in het basisgewricht van de duim. Dit gewricht wordt gevormd door een klein handwortelbeentje en het eerste van de drie duimbeentjes. De vorm van deze beentjes geeft de duim de mogelijkheid veel kanten op te bewegen, waardoor het mogelijk wordt met duim en vingers iets vast te pakken (pincetgreep).

 
Afbeelding 1: Artritis/artrose van de duimbasis 
 

Wie krijgen artritis/artrose van de duimbasis?

Vrouwen krijgen deze aandoening vaker dan mannen. Meestal ontstaat het na het veertigste levensjaar. Eerder letsel van dit gewricht (breuken of verstuikingen) vergroten de kans om later artrose te krijgen.

Symptomen en klachten

Het eerste symptoom van artrose van de duimbasis is pijn bij het vastpakken van voorwerpen met de duim en vingers (pincetgreep), bijvoorbeeld bij het openen van potjes, het openen van het autoportier, en het omdraaien van sleutels.

Zware belasting van de duim en weersveranderingen (in temperatuur of luchtvochtigheid) kunnen de pijn uitlokken. Naarmate de ziekte verergert, gaat de geringste beweging al pijn doen. De kracht neemt af en de duim kan opzetten wanneer hij gebruikt wordt. Het gewricht zet op en lijkt uit de kom te gaan. Uiteindelijk wordt de beweging van het gewricht beperkt.

Diagnose

De geschiedenis van de hand (hoe is de hand gebruikt, welke eerdere letsels heeft de duim opgelopen) kan de plastisch chirurg op het spoor zetten van de diagnose. Bij nauwkeurig onderzoek wordt vaak een knobbel aan de duimbasis ontdekt die ontstaat tengevolge van zwelling of uit de kom raken van de vinger. Drukken op het gewricht doet vaak pijn. Ook het bewegen van de duim terwijl het gewricht als het ware in elkaar gedrukt wordt doet pijn en geeft een knarsend gevoel. Dit betekent dat de botten over elkaar schuren.

Aanvankelijk is de bewegingsmogelijkheid van het gewricht nog normaal, later wordt dit minder (vooral bij het naar buiten bewegen van de duim). In de ernstigste gevallen, wanneer het gewricht helemaal wegslijt, zakt het eerste duimbeentje weg in de hand wanneer kleine voorwerpen worden vastgepakt. Hierdoor wordt het tweede gewrichtje van de vinger overstrekt bij het grijpen van grotere voorwerpen.

Behandeling

Bij vroegtijdige ontdekking kunnen de symptomen van de aandoening meestal verdwijnen met niet-­operatieve maatregelen zoals bewegingsbeperking, een spalkje of geneesmiddelen die de zwelling tegengaan. In de ernstiger gevallen is een operatie noodzakelijk.

Er zijn twee soorten operaties mogelijk:

  • De ene ingreep houdt in dat het gewricht wordt vervangen door een klein kunstgewrichtje.
  • Bij de andere ingreep wordt het kleine handwortelbeentje verwijderd.

In beide gevallen wordt het schuren van de botten over elkaar voorkomen met als gevolg verlichting van de pijn. De beweeglijkheid blijft daarbij zo veel mogelijk behouden. De plastisch chirurg zal u informeren welke behandeling het meest geschikt voor u zal zijn.

Na een operatie krijgt u gips om uw duim rust te geven en te laten herstellen van de operatie. Na één tot vier weken mag het gips eraf. Daarna start u onder begeleiding van de handtherapeut met oefeningen om uw duim weer goed te kunnen gebruiken. Zo’n twaalf weken na de operatie kunt u de meeste activiteiten weer uitvoeren.

Contact

Heeft u na het lezen van dit voorlichtingsmateriaal nog vragen of wilt u meer informatie, dan zal de plastisch chirurg u tijdens zijn spreekuur graag te woord staan. Het kan handig zijn uw vragen van tevoren op papier te zetten. De polikliniek Plastische chirurgie is te bereiken op telefoonnummer (038) 424 56 36.

Bent u door de huisarts doorverwezen naar Plastische chirurgie of heeft u een vervolgafspraak? Dan bepaalt u voortaan zelf het best passende moment voor de afspraak. Zie ook: zelf afspraak maken.


5 oktober 2017 5404 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht