ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Gevolgen van de behandeling van de lymfklieren in de oksel: operatie

Bijlage van het PID Borstkanker

Na het verwijderen van alle lymfklieren uit de oksel, is er kans op het ontstaan van lymfoedeem, schouderstijfheid en zenuwpijn. Hier geven we mogelijkheden om de kans op (blijvende) klachten te verkleinen.

Het lymfstelsel

Het lymfstelsel bestaat uit lymfvaten en lymfklieren.

  • Via lymfvaten wordt lymfvocht door ons lichaam vervoerd. Dit vocht speelt een rol bij onze afweer. Lymfvaten komen samen in lymfklieren.
  • In die klieren wordt het lymfvocht gezuiverd (gefilterd) en worden stoffen gemaakt die we nodig hebben voor onze afweer. Lymfklieren vinden we onder meer in de hals, oksels en liezen.
 
Afbeelding 1: Schematische weergave waar de belangrijkste lymfvaten en lymfeklieren zich bevinden
 

Na de operatie waarbij uw oksellymfklieren zijn verwijderd, kan zich vocht ophopen in uw arm aan de geopereerde zijde. Ook kan vochtophoping voorkomen in de flank of het gebied van de borst of het schouderblad. Dit heet lymfoedeem.

Lymfoedeem is een abnormale ophoping van vocht en eiwitten, als gevolg van een verstoord evenwicht tussen aan- en afvoer van vocht. Door zware belasting, door invloeden van buitenaf, of als er een infectie optreedt, wordt extra vocht aangemaakt. Vrouwen bij wie de oksel na de operatie ook bestraald wordt, hebben een groter risico op lymfoedeem.

Signalen van lymfoedeem

De verschijnselen die zich kunnen voordoen in arm, hand, oksel, borst of rug zijn:

  • zwelling
  • een zwaar, gespannen of moe gevoel
  • minder goed kunnen bewegen
  • pijn en/of tintelingen.

Voorkomen van lymfoedeem

Om problemen te voorkomen is het goed ervoor te zorgen dat:

  • er niet te veel lymfvocht ontstaat in de lymfvaten van de arm
  • het lymfvocht goed door het lichaam blijft stromen.

Basisadviezen

  • Leg uw arm en hand wat hoger als u ligt of zit. Gebruik hiervoor een extra kussen. Dit geldt met name de eerste tijd na de operatie en wanneer u klachten heeft.
  • Laat bij voorkeur geen bloeddruk meten aan uw arm van de geopereerde zijde.
  • Laat bij voorkeur geen bloed afnemen aan uw arm van de geopereerde zijde.
  • Laat geen infuus aanleggen aan uw arm van de geopereerde zijde.

Schouderstijfheid

Na de operatie is er ook kans op schouderstijfheid. De beweeglijkheid van de arm kan verminderen. De volgende oefeningen en leefregels zijn van belang om te voorkomen dat dit probleem ontstaat of blijvend is.

Na ongeveer zes weken moet u uw arm weer kunnen gebruiken zoals u gewend was.

Lukt het niet de schouder weer soepel te krijgen met behulp van oefeningen, dan kan uw regieverpleegkundige of specialist u verwijzen naar een fysiotherapeut. 

Oefeningen

We adviseren u al snel na de operatie te beginnen met onderstaande oefeningen. De verpleegkundige zal deze met u doornemen. Als u vragen heeft over de oefeningen, bespreek deze dan met de (regie)verpleegkundige.

Doe de volgende oefeningen 3 of 4 keer per dag:

  • Buig en strek uw vingers (15 keer).
  • Beweeg uw hand vanuit de pols op en neer (15 keer).
  • Buig en strek uw elleboog (15 keer).

Aanvullende oefeningen

Wanneer u voor controle geweest bent op de polikliniek, kunt u de basisoefeningen uitbreiden met de aanvullende oefeningen. Deze oefeningen hebben twee doelen:

  • Het bevorderen van de beweeglijkheid van uw schouder.
  • Het verkleinen van het risico op het ontstaan van lymfoedeem.

Algemene aanwijzingen

  • Voer de oefeningen elke dag 3 tot 4 keer uit, totdat u uw arm weer kunt bewegen als vóór de operatie. Meestal duurt dat 6 tot 8 weken. Ook daarna kunt u de oefeningen doen, zodra u merkt dat het nodig is.
  • Zolang u binnen de pijngrens blijft, hoeft u niet bang te zijn dat door de oefeningen de wond opengaat of de hechtingen loslaten. Forceer niet.
  • Uw arm ontzien en te voorzichtig bewegen is niet goed. Dit kan juist schouderklachten veroorzaken.
  • Adem tijdens de oefeningen goed door, let erop dat u uw adem niet vasthoudt.
  • Houd uw rug recht tijdens de oefeningen, strek uzelf uit.
  • Let erop dat u tijdens de oefeningen niet met uw armen gaat veren.
  • U kunt de meeste oefeningen zowel staand als liggend uitvoeren. Het is goed om liggend te beginnen. In een later stadium van het genezingsproces is zittend of staand beter, het liefst voor een spiegel. U kunt dan zelf zien of u de oefeningen goed uitvoert.

Oefening 1

Vouw uw handen of pak uw pols vast en breng de armen gestrekt omhoog. Laat ze daarna weer zakken. Herhaal dit vijf tot tien keer.

 
 
Afbeelding 2: Oefening 1 

 

Oefening 2

Ga met uw gezicht naar de muur staan, met uw tenen ongeveer tegen de muur.‘Kruip’ met beide handen langs de muur omhoog en weer terug. Herhaal dit vijf tot tien keer.


Afbeelding 3: Oefening 2

 

Oefening 3

Ga met uw buik tegen de muur staan en beweeg beide armen zijwaarts omhoog, alsof u cirkels op de muur tekent. Breng uw armen weer terug. Herhaal dit vijf tot tien keer.

 
Afbeelding 4: Oefening 3

 

Oefening 4

Vouw uw handen achter uw rug in elkaar. Breng daarna uw armen gestrekt naar boven en weer terug. Herhaal dit vijf tot tien keer.


Afbeelding 5: Oefening 4

 

Oefening 5

Leg uw handen losjes achter in uw nek. Houd uw ellebogen eerst ontspannen naar voren en breng ze daarna naar achteren en weer terug naar voren. Herhaal dit vijf tot tien keer.


Afbeelding 6: Oefening 5

Leefregels

Wanneer u de volgende leefregels in acht neemt kán dit ertoe bijdragen dat lymfoedeem niet optreedt.

Beweging

  • Zoek een goed evenwicht tussen rust en inspanning. Bouw activiteiten na de operatie rustig op. Probeer uw arm niet te veel te ontzien. Bewegen moet niet leiden tot vermoeidheid of pijn in uw arm/schouder.
  • Het is goed om te (gaan) sporten ter preventie, maar ook als er sprake is van lymfoedeem. Door te sporten gaat de spierpomp aan het werk en zorgt deze voor een betere lymfafvloed.
    Het is belangrijk welke sport u kiest. Ook is het belangrijk de activiteiten rustig op te bouwen en te kijken hoe uw lichaam reageert. Niet iedere sport is even geschikt. Bij de keuze telt bijvoorbeeld het risico om verwonding op te lopen. Het dragen van een therapeutische elastische kous tijdens het sporten wordt in het algemeen aanbevolen, omdat de kous bij het bewegen extra goed zijn werk doet. Maar er zijn ook mensen die geen kous dragen.
  • Het is verstandig om in eerste instantie onder begeleiding het sporten weer op te pakken, bijvoorbeeld bij een fysiotherapeutpraktijk. Het is belangrijk om stap voor stap te gaan sporten. Bouw de activiteiten langzaam op. Belangrijk is om steeds na te gaan of u klachten en/of (extra) oedeem ontwikkelt. Al naargelang de klachten kunt u uw activiteiten aanpassen, opbouwen en eventueel uitbreiden. Luister goed naar uw lichaam. U zult een balans moeten vinden tussen belasting en belastbaarheid. Probeer uit te zoeken op welke momenten u klachten krijgt en probeer het net niet zo ver te laten komen. Maar probeer ook steeds iets meer te doen dan de vorige keer en luister daarbij goed naar wat u lichaam aangeeft.

Voorkom wondjes en infecties aan arm en hand

  • Probeer wondjes te voorkomen. Ontsmet eventuele wondjes goed met een desinfecterend middel en doe er een pleister op.
  • Draag handschoenen bij ruwe karweitjes, zoals tuinieren, vuil huishoudelijk werk e.d.
  • Vet een ruwe huid regelmatig in om kloofjes te voorkomen.
  • Zorg voor schone nagels en handen.
  • Krab puistjes en insectenbeten niet open.
  • Gebruik bij ontharen een crème en spatel, geen mesje.
  • Voorkom prikken, snijden en branden.
  • Neem bij kneuzingen of verstuikingen/letstel van arm en hand contact op met uw huisarts.
  • Neem contact op met uw huisarts bij een infectie aan uw arm, of als uw arm dik, rood en/of warm wordt en u een griepgevoel krijgt.

Voorkom overbelasting van uw arm

  • Las pauzes in bij handwerken en computerwerk.
  • Vermijd zwaar tillen.
  • Verdeel lichamelijk werk (tuinieren, zwaardere huishoudelijke klussen) zo veel mogelijk over de dag en week.

Wees voorzichtig met extreme warmte en koude

  • Wees terughoudend met lang en heet douchen en baden en met langdurig zonnebaden.
  • Gebruik bij huishoudelijk werk niet te heet water.
  • Wees voorzichtig met stoom (aardappels afgieten e.d.).
  • Gebruik geen kruiken,‘kersenpit’, rode lamp of warme of koude pakkingen op uw arm of schouder.
  • Saunabezoek kan ontstaan van lymfoedeem uitlokken. Wilt u toch graag een sauna bezoeken, bouw dan rustig op wat betreft tijd en intensiteit. Controleer na elk bezoek of er klachten van de arm ontstaan.

Wees voorzichtig met druk op uw schouder en arm

  • Voor vrouwen geldt het volgende: draag een goed passende bh. Er zijn speciale bh's met brede banden en een brede elastische onderrand. Ook zijn er losse schouderstukjes verkrijgbaar voor onder de bandjes. Eventueel kan een schoudervulling gebruikt worden. Uw bh mag niet te strak zitten onder de arm en in de oksels. Kies geen beugel bh. Lymfevaatjes bevinden zich vlak onder het huidoppervlak. Een beugel bh geeft mogelijk knelling op de huid en oefent dan ongewenste druk uit op het lymfesysteem. Wanneer u een borstprothese draagt, laat u dan informeren in een speciaalzaak.
  • Draag geen knellende kleding, sieraden of 'mouwophouders'.

(Vlieg)reizen

Tijdens lange vliegreizen hebben veel mensen wat dikkere handen of voeten vanwege het lange zitten en het weinig bewegen. Heeft u nooit lymfoedeem gehad, probeer dan tijdens een lange vliegreis bewust wat te bewegen, door de pols en elleboog te buigen en te strekken en uw arm te bewegen. Heeft u ooit oedeemklachten gehad, dan is het verstandig de therapeutische elastische kous te dragen tijdens de reis.

Ook het tillen van zware koffers kan voor een toename van oedeem zorgen.

Wanneer u naar een warm land reist, houdt u er dan rekening mee dat warmte een uitlokkende factor kan zijn voor oedeem. Vermijd het volle zonlicht op de arm en gebruik een goede zonnebrandcrème. Zorg dat de huid niet verbrand.

Neem altijd een desinfecterend middel mee op vakantie en zo nodig een insectenwerend middel. Insectenbeten kunnen het ontsaan van lymfoedeem of het verergeren hiervan uitlokken.

De kans op het ontstaan van lymfoedeem is ook jaren na de operatie nog aanwezig. Het blijft daarom altijd belangrijk om aandacht te besteden aan het voorkomen van lymfoedeem.

Toch klachten

Ook al bent u attent op alle genoemde leefregels, toch kan er lymfoedeem ontstaan. Waarom dit bij de een wel en bij de ander niet optreedt, is niet altijd duidelijk.

Het is belangrijk attent te zijn op de signalen van uw lichaam. Als u voelt dat uw arm of schouder moe of pijnlijk wordt of als u last krijgt van een zwaar gevoel in uw arm, geef deze dan rust. Leg de arm zoveel mogelijk op een kussen. Als u dit tijdig doet, is de kans aanwezig dat de klachten verdwijnen.

Als lymfoedeem eenmaal ontstaat, kan dit zeer hinderlijk zijn. Als klachten na twee à drie dagen rust niet verminderd zijn, neem dan contact op met uw huisarts of regieverpleegkundige. U zult verwezen worden naar een fysiotherapeut of huidtherapeut die gespecialiseerd is in de behandeling van lymfoedeem. Hoe eerder maatregelen worden genomen, hoe groter de kans dat het lymfoedeem kan worden verholpen.

Zenuwpijn

Tijdens een operatie waarbij alle lymfklieren uit de oksel worden verwijderd, wordt ook een gevoelszenuw doorgesneden of beschadigd. Deze zenuw, die het gevoel in het okselgebied verzorgt, loopt dwars door het operatiegebied en beschadiging van deze zenuw is daardoor onvermijdelijk.

Meestal zal na de operatie de huid van het okselgebied en de achterzijde van de bovenarm doof, prikkelend en/of anders aanvoelen bij aanraken. Dit is normaal en komt bij 60 tot 70 procent van de behandelde vrouwen voor. Tot ongeveer een jaar na de operatie kan het gevoel nog veranderen. Soms blijft er levenslang een veranderd gevoel aanwezig.

Soms ontstaat zenuwpijn. Zenuwpijn wordt ook wel neuropathische pijn genoemd. Bij zenuwpijn ontstaat overgevoeligheid in een gebied met veranderd gevoel.

  • Kenmerkend voor zenuwpijn zijn pijnsensaties, zoals: brandend, schrijnend, zeurend, ‘speldenprikken’, stekend of een ‘strakke band’-gevoel om de borstkas en/of bovenarm.
  • De pijn kan worden gevoeld in de huid van de oksel, aan de achterzijde van de bovenarm, aan borstkaswand en aan de schouder van de geopereerde zijde.
  • De grootte van het gebied waarin pijn ervaren wordt varieert per persoon.
  • De zenuwpijn ontstaat meestal kort na de operatie of binnen enkele maanden.
  • De pijn kan variëren van mild tot zeer hevig, constant of wisselend.
  • De hevigheid van de pijn kan toenemen bij inspanning, maar ook bij kou en hitte, bij vermoeidheid en bij emotie.

Zenuwpijn kan vastgesteld worden door andere oorzaken van pijn uit te sluiten. Als de pijnsensaties zoals hierboven beschreven, niet reageren op de gebruikelijke pijnstillers zoals paracetamol, is er sprake van andere pijn dan pijn die hoort bij een operatie.
Er valt niet te voorspellen wie wel of niet zenuwpijn zal krijgen. Bij een aantal vrouwen gaat de pijn vanzelf over. Bij anderen wordt de zenuwpijn chronisch. Door behandeling met medicijnen in een vroeg stadium (binnen drie maanden) wordt dit waarschijnlijk voorkomen.
Meer informatie over zenuwpijn vindt u op de website www.stopdepijn.nl.

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen, dan staan de regieverpleegkundigen u graag te woord. U kunt telefonisch contact opnemen, t. (038) 424 34 87.

Voorlichtingsbijeenkomsten over lymfoedeem

In nazorgcentrum Intermezzo worden regelmatig voorlichtingsbijeenkomsten gehouden over ‘lymfoedeem’.

U kunt zich aanmelden via www.intermezzo-zwolle.nl.

Meer informatie vindt u op de website www.lymfoedeem.nl.


8 mei 2015 5606 Nee Ja

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht