ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Openbuikoperatie (laparotomie)

Herstel na de ingreep

Een openbuikoperatie (laparotomie) is een operatie via een snede in de buikwand. Hierbij kan de gynaecoloog een horizontale of een verticale snede maken (zie afbeelding). Dit is afhankelijk van de reden van de ingreep en wordt door de arts bepaald. Het is een tamelijk grote operatie en het herstelproces vraagt aandacht. Hier vindt u informatie over de ingreep en een aantal leefregels en richtlijnen voor de periode erna.

Twee manieren van opereren

Er zijn verschillende manieren om een openbuikoperatie uit te voeren.

  • Voor een gynaecologische operatie wordt vaak gekozen voor een horizontale snede, ook wel bikinisnede genoemd. Deze snede zit ongeveer 2 cm boven het schaambeen en is meestal ongeveer 10 tot 15 cm lang. Dit is ook de snede die bijna altijd bij een keizersnede wordt gekozen.
  • Soms heeft de gynaecoloog meer ruimte nodig. Dat is bijvoorbeeld het geval als er een grote afwijking in de buik is of als er sprake is van kanker of het vermoeden hierop. Dan kan de gynaecoloog ervoor kiezen een verticale snede van ongeveer 15 tot 20 centimeter te maken die vanaf de navel recht naar beneden loopt tot op het schaambeen. Soms loopt de snede door tot boven de navel.
 
 
Afbeelding 1: De horizontale en verticale snede bok een openbuikoperatie


Bij deze twee operaties worden de spieren normaal gesproken niet doorgesneden. Wel wordt de bekledende laag van de spieren (de fascie) losgemaakt, maar de spieren zelf worden opzijgelegd.

De huidwond kan met een hechting of met nietjes worden dichtgemaakt. Dit maakt bijna geen verschil voor de genezing. Hechtingen kunnen oplosbaar of onoplosbaar zijn. De oplosbare hechtingen verdwijnen vanzelf. De onoplosbare hechtingen en de nietjes moeten na ongeveer een week worden weggehaald. Dit doet nauwelijks of geen pijn.

Herstel na de operatie

De duur van het uiteindelijke herstel is bij elke vrouw verschillend. Ook hangt de herstelduur af van de reden van de operatie en de eventuele nabehandeling (is er sprake van een goedaardige of kwaadaardige aandoening).

Moeheid

In het ziekenhuis heeft u misschien het gevoel dat u tot heel wat in staat bent, maar eenmaal thuis valt dat vaak tegen. U bent sneller moe en kunt minder aan dan u dacht. Het beste kunt u toegeven aan de moeheid en extra rust nemen. Te hard van stapel lopen heeft vaak een averechts effect. Luister naar uw lichaam, uw lichaam geeft aan wat u wel en niet aankunt. Als u zich voelt opknappen, kunt u geleidelijk uw activiteiten uitbreiden.

Afscheiding

Tot zes weken na de ingreep kunt u wat bloederige of bruinige afscheiding hebben. Is dit duidelijk meer dan bij een normale menstruatie, neem dan contact op met uw arts.

Douchen en baden

Douchen mag gerust, dit kan geen kwaad voor uw buikwond. Wacht met het nemen van een bad en zwemmen tot na de eerste controle op de polikliniek (zes weken na de ingreep).

Seksualiteit

Als bij de operatie de baarmoederhals verwijderd is, is er in de top van de schede een litteken. Het is voor de genezing dan beter als er niets in de schede komt. U krijgt daarom het advies om de eerste zes weken (tot aan de eerste controle) geen gemeenschap te hebben of tampons te gebruiken.

Leefregels

Voor uw activiteiten gelden de eerste periode de volgende leefregels.

Niet zwaar tillen

De eerste zes weken na de operatie mag u niet zwaarder dan 5 kilo tillen. Dus niet sjouwen met zware boodschappentassen, vuilniszakken buiten zetten, en dergelijke.

Traplopen

Traplopen mag rustig. Er hoeft dus geen bed in de huiskamer gezet te worden. Het is beter om 's middags in bed te rusten, u komt dan beter aan uw rust toe.

Huishouden

De zware huishoudelijke taken zoals stofzuigen, ramen lappen en de was kunt u pas na zes weken weer uitvoeren. De lichtere huishoudelijke taken zoals koken, afwassen en afstoffen kunt u vrij snel naar eigen inzicht weer gaan doen.

Autorijden

Op de dag van de ingreep mag u geen auto besturen. U kunt dan nog last hebben van concentratiestoornissen door de narcose. Na 24 uur zijn er geen beperkingen meer.

Lichamelijke beweging/sporten

Een korte wandeling maken mag gerust. Fietsen kunt u naar eigen inzicht weer gaan doen. U voelt zelf wanneer u moe bent en moet stoppen. Overleg met de arts wanneer u uw sport weer kunt oppakken.

Werken

Ga niet te snel weer aan het werk (buitenshuis). U krijgt het advies om de eerste zes weken niet te werken. Dit is ook afhankelijk van het werk dat u heeft (al dan niet zwaar lichamelijk werk).

Pijnbestrijding

  • Het is verstandig om de eerste week thuis de paracetamol te blijven gebruiken.
  • U mag maximaal 4 x per dag 2 tabletten van 500 mg innemen. We adviseren u de paracetamol op vaste tijden in te nemen. Afhankelijk van uw pijnklachten kunt u het paracetamolgebruik afbouwen.
  • Bij onvoldoende effect mag u 3 x per dag 2 tabletten paracetamol van 500 mg innemen samen met 1 tablet ibuprofen 400 mg. Deze combinatie mag u maximaal de eerste 3 dagen na opname gebruiken. Voorzichtigheid is geboden als u maagklachten heeft of krijgt.

Klachten of problemen?

Neem in ieder geval contact op met de verpleegafdeling Gynaecologie via telefoon (038) 424 73 21 als u in de eerste twee weken na de ingreep de volgende klachten heeft:

  • koorts boven de 38,5 graden Celsius,
  • overmatig vloeien.

Contact

Deze informatie is een aanvulling op het gesprek met de gynaecoloog. Hebt u na het lezen ervan nog vragen of wilt u meer informatie, dan zal de gynaecoloog of de verpleegkundige u graag te woord staan. Het kan handig zijn uw vragen van tevoren op papier te zetten. De polikliniek Gynaecologie/Verloskunde is bereikbaar via telefoonnummer (038) 424 56 04.

Buiten kantoortijden belt u met de verpleegafdeling Gynaecologie:
t (038) 424 50 00.


12 januari 2017 5737 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht