ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Operatie aan de blaashals

De operatie die de blaashals ruimer maakt, wordt uitgevoerd door de uroloog. Binnenkort ondergaat u deze ingreep. Hier willen wij u alvast informeren over de gang van zaken rondom de operatie, zodat u zich beter kunt voorbereiden.

Vooraf

Ook het voorlichtingsmateriaal ‘Opname in Isala’ kan u helpen bij de voorbereiding. Deze krijgt u van de secretaresse van de urologen.

Preoperatief onderzoek

Voorafgaand aan de operatie heeft u een afspraak met de anesthesioloog. Dit noemen wij een preoperatief onderzoek. De anesthesioloog is verantwoordelijk voor de verdoving (anesthesie) tijdens de operatie. Tijdens het preoperatief onderzoek verzamelt de anesthesioloog gegevens over uw gezondheid. Dit is nodig om eventuele risico’s uit te sluiten. De anesthesioloog zal u onder andere vragen of u al eerder geopereerd bent en of u medicijnen gebruikt. Als u medicijnen gebruikt, neemt u deze in de originele verpakking mee naar uw afspraak. Of u vult de gegevens in op het preoperatief formulier dat u van de secretaresse heeft gekregen. In het voorlichtingsmateriaal ‘Anesthesie’ vindt u meer informatie over de verdoving.

Oproep voor opname

Ongeveer één week vóór uw operatie neemt de planningscoördinator van de polikliniek Urologie telefonisch contact met u op. Zij geeft u de opnamedag, het opnametijdstip en de operatiedag door. Deze gegevens staan ook op de afspraakbevestiging, die wij u per post zullen opsturen.

Wanneer u bloedverdunnende medicijnen gebruikt, zal de planningscoördinator namens de uroloog doorgeven wanneer u daarmee stopt. Ook zal zij u vragen om bij opname de medicijnen die u gebruikt, in originele verpakking mee te nemen naar het ziekenhuis.

Heeft u vragen over uw opnameperiode, dan kunt u deze stellen aan de planningscoördinator
via telefoonnummer (038) 424 24 40.

Opname

U wordt meestal op de dag van de operatie opgenomen op verpleegafdeling. Meldt u zich op de afgesproken tijd bij de centrale balie in de centrale hal. Een gastheer of – vrouw brengt u vervolgens naar de verpleegafdeling. Op de verpleegafdeling heeft u een gesprek met een verpleegkundige over de gang van zaken op de afdeling. Aansluitend krijgt u een korte rondleiding. De medicijnen die u gebruikt en meegenomen heeft naar het ziekenhuis, kunt u afgeven aan de verpleegkundige. Zij zal vragen wie als contactpersoon voor u wil optreden. De verpleegkundige zal u zo veel mogelijk gedurende uw opnameperiode begeleiden.

Operatie

In de loop van de ochtend krijgt u medicijnen (premedicatie) die zijn voorgeschreven door de anesthesioloog. Door deze medicijnen kunt u zich beter ontspannen. Wanneer u aan de beurt bent, brengt een verpleegkundige u naar de operatiekamer. U ontmoet hier de anesthesioloog. U heeft hem of één van zijn/haar collega’s gesproken tijdens het preoperatief onderzoek.

Nadat de anesthesioloog de verdoving heeft toegediend, begint de operatie. De uroloog brengt een instrument in de plasbuis, waarmee hij kan opereren. Aan het instrument zit een metalen haakje, waarmee de blaashals wordt ingesneden. Het kan voorkomen dat er onvoldoende ruimte wordt verkregen. De uroloog zal dan direct aansluitend met behulp van een metalen lusje de blaashals wegsnijden. Met spoelvloeistof worden de weggesneden stukjes afgevoerd.

Het verwijderen van de blaashals heeft geen nadelige consequenties. Gemiddeld duurt de operatie een halfuur. Tijdens de operatie krijgt u een katheter. Deze katheter is noodzakelijk om bloedstolsels uit de blaas te kunnen spoelen. De katheter wordt verwijderd als er geen bloedstolsels meer aanwezig zijn.

Na de operatie

Na de operatie gaat u voor korte tijd naar de uitslaapkamer (recovery). Als u weer voldoende bij kennis bent en de controles van bijvoorbeeld bloeddruk en ademhaling in orde zijn, gaat u terug naar de verpleegafdeling.

Herstel

Wanneer u weer op uw eigen afdeling bent, werken uw behandelaars samen met u aan uw herstel. Op de operatiedag controleert de verpleegkundige regelmatig uw bloeddruk, pols en temperatuur. Dagelijks krijgt u een prik (Fraxiparine) om trombose te voorkomen.

Dezelfde dag of de dag erna wordt u verteld hoe de operatie is verlopen. De katheter wordt één dag na de operatie verwijderd.

Nadat de blaaskatheter is verwijderd, kan een aantal dingen anders zijn dan u gewend bent:

  • U kunt ongewild wat urine verliezen.
  • Er kan nog wat bloed in uw urine voorkomen.
  • Soms kunt u niet plassen, terwijl u aandrang heeft.
  • Het plassen kan met kleine beetjes gaan.

Om uw blaas goed door te spoelen, is het belangrijk dat u ongeveer twee liter vocht per dag drinkt en als het warm weer is meer.

Pijn

De arts heeft met de verpleegkundige besproken welke medicijnen u tegen de pijn krijgt. Blijft u ondanks deze medicijnen pijn houden, geeft u dat dan door aan een verpleegkundige. Zij zal u in overleg met de arts extra of andere medicijnen geven.

Uitslag

Als er blaashalsweefsel is weggesneden, wordt dat altijd onderzocht. De uitslag is meestal na vijf werkdagen bekend. U hoort de uitslag tijdens een afspraak op de polikliniek Urologie.

Weer naar huis

Afhankelijk van uw herstel kunt u twee tot drie dagen na de operatie weer naar huis. De eerste drie tot zes weken is het beter dat u:

  • geen alcohol drinkt,
  • geen zware lichamelijke arbeid verricht,
  • niet fietst,
  • geen seksueel contact heeft.

Tot enige weken na uw ontslag uit het ziekenhuis (ongeveer zes weken) kan er nog wat bloed in de urine voorkomen. Ook kan de aandrang tot plassen anders zijn dan u gewend bent.

Seksualiteit

Er is een verschil in de seksualiteit. De beleving van het orgasme is hetzelfde, maar het blijft vaak ‘droog’, omdat bij de zaadlozing het sperma in de blaas terechtkomt en vervolgens wordt uitgeplast.

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Stelt u die dan gerust aan uw behandelend uroloog of een verpleegkundige van de afdeling. Als u thuis bent, kunt u contact opnemen met de polikliniek Urologie op telefoonnummer (038) 424 27 40, met de verpleegafdeling via nummer (038) 424 12 56.


19 maart 2017 5774 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht