ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Ovulatie-inductie

Bijlage van het PID Vruchtbaarheidsbehandeling

Het Isala Fertiliteitscentrum is het centrum voor voortplanting en jonge zwangerschappen. Mensen die in aanmerking komen voor een vruchtbaarheidsbehandeling kunnen hier terecht. Het Isala Fertiliteitscentrum biedt vrijwel alle vruchtbaarheidsbehandelingen aan. In dit dossier vindt u informatie over het fertiliteitscentrum, onderzoeken en behandelingen. In dit onderdeel gaat het over ovulatie-inductie.

Ovulatie-inductie

Uit het oriënterend fertiliteitsonderzoek (OFO) is gebleken dat er bij u sprake is van een onregelmatig optredende of uitblijvende eisprong (ovulatie). Dit kan zich uiten in een zeer onregelmatige, een lange of afwezige menstruele cyclus. Een vrouw met een menstruele cyclus tussen de drie en vijf weken heeft per jaar ongeveer dertien keer een eisprong en dus dertien keer per jaar kans op een zwangerschap.
Als een eisprong minder vaak optreedt, is er vanzelfsprekend ook een verlaagde kans op zwangerschap. Bij minder dan tien keer een eisprong per jaar kan het zinvol zijn om dit met behulp van ovulatie-inductie te corrigeren. Een ovulatie-inductie is een behandeling met medicijnen (clomifeencitraat of gonadotrofinen) waarmee de eisprong (ovulatie) wordt opgewekt. Hieronder gaan we uitgebreid in op deze vruchtbaarheidsbehandeling en wat daarbij komt kijken.

Wanneer ovulatie-inductie?

Stoornissen in de menstruele cyclus (een onregelmatige, lange of afwezige menstruele cyclus) kunnen de oorzaak zijn van vruchtbaarheidsproblemen. Gemiddeld duurt de menstruele cyclus 28 dagen. De menstruele cyclus loopt van de eerste dag van de menstruatie tot aan de eerste dag van de volgende menstruatie. Vrouwen hebben echter maar zelden een cyclus van precies 28 dagen. Een verlenging van zeven dagen of een kortere cyclus tot 21 dagen worden nog als normaal beschouwd. Het belangrijkste is echter of er iedere cyclus een eisprong plaatsvindt. Treedt er minder dan tien keer per jaar een eisprong op, dan beschouwen we ovulatie-inductie als een zinvolle behandeling.

Wachttijd

Er is geen wachtlijst voor de ovulatie-inductie. Wel kan er een wachttijd zijn voor het evaluatiegesprek na de behandeling.

Leeftijdsgrens

Ovulatie-inductie is mogelijk voor vrouwen tot 43 jaar.

Normale menstruele cyclus

Normaal gesproken komt bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd maandelijks een eicel vrij uit een van de eierstokken, de zogenaamde eisprong of ovulatie. Tijdens de rijping van de eicel groeit het baarmoederslijmvlies onder invloed van bepaalde hormonen, zodat een bevruchte eicel zich kan innestelen. Als er geen bevruchting opgetreden is, wordt het opgebouwde baarmoederslijmvlies afgestoten: de menstruatie.

Besturing door de hersenen

De menstruele cyclus van de vrouw loopt van de eerste dag van de menstruatie tot aan de eerste dag van de volgende menstruatie. Deze cyclus is een ingewikkeld samenspel tussen verschillende organen in het lichaam: de hypothalamus, de hypofyse, de eierstokken en de baarmoeder.

De hypothalamus bevindt zich aan de onderkant van de hersenen, vlak daaronder zit de hypofyse (hersenaanhangsel). De hypothalamus is de ‘grote regelaar’ in het geheel. Deze produceert LHRH, een zogenaamd boodschapperhormoon, dat de hypofyse aanzet tot het afgeven van FSH (follikelstimulerend hormoon) en LH (luteïniserend hormoon). FSH en LH worden via het bloed naar de eierstokken getransporteerd en zijn verantwoordelijk voor de ei-rijping en de eisprong. FSH stimuleert de groei van een ei-blaasje (follikel) waarin een eicel zit en zorgt ook voor de aanmaak van oestrogeen in de eierstokken. Het oestrogeen zorgt ervoor dat het baarmoederslijmvlies gaat groeien.

Als de hoeveelheid oestrogeen in het bloed hoog is, wordt hierdoor de afgifte van FSH geremd en de afgifte van LH gestimuleerd. Onder invloed van die grote hoeveelheid LH (LH-piek) treedt de eisprong na ongeveer 40 tot 44 uur op. Het lege ei-blaasje wordt een geel lichaam, dat progesteron gaat aanmaken. Dit hormoon zorgt ervoor dat het baarmoederslijmvlies voldoende voedingsstoffen gaat bevatten voor de eventueel bevruchte eicel. Wordt de eicel niet bevrucht, dan daalt de hoeveelheid oestrogeen en progesteron in het bloed aanzienlijk. De gevolgen van deze daling zijn de afstoting van het baarmoederslijmvlies en een bloeding (menstruatie). Daarnaast zorgt de lage oestrogeenconcentratie in het bloed ervoor dat de hypofyse opnieuw door de hypothalamus wordt geprikkeld om FSH en LH af te geven. De volgende cyclus is dan begonnen.

Verstoring van samenwerking

De werking van de hypothalamus, hypofyse en eierstokken is haarfijn op elkaar afgestemd. Zolang alle organen goed functioneren, verloopt de cyclus zonder problemen. Als een van de organen niet goed werkt of als het transport van de hormonen niet verloopt zoals het hoort, dan heeft dit zijn weerslag op het hele proces en kan er een stoornis in de menstruele cyclus ontstaan zoals:

  • het uitblijven van de menstruatie
  • het onregelmatig voorkomen van de menstruaties
  • het voortijdig ophouden van de menstruaties. 

Hoe kunt u zelf het tijdstip van de eisprong vaststellen?

U kunt het tijdstip van de eisprong op vier verschillende manieren zelf vaststellen.

Regelmatige cyclus

De eisprong vindt ongeveer twaalf tot zestien dagen vóór de menstruatie plaats. Bij een regelmatige cyclus van 28 dagen betekent dit dus een eisprong tussen de twaalfde en zestiende dag van de cyclus. Bij een onregelmatige cyclus is het echter lastig vast te stellen omdat u niet weet wanneer u weer gaat menstrueren.

Afscheiding

Veel vrouwen merken dat zij rondom hun eisprong een verhoogde waterige, heldere vaginale afscheiding hebben. Na de eisprong verdwijnt deze afscheiding weer en is de vruchtbare periode voorbij.

LH-urinetest/ovulatietest

Er zijn verschillende merken ovulatietesten op de markt. Ze zijn verschillend van prijs en de zorgverzekeraar vergoedt ze helaas niet. De digitale Clearblue-test is iets duurder, maar wel vaak eenduidig en dus eenvoudig af te lezen. De andere testen werken met ‘blauwe streepjes’. Deze testen zijn goedkoper, maar soms moeilijker af te lezen. We raden u aan om zich bij de apotheek of drogist te oriënteren op de kosten en het gebruiksgemak van de ovulatietesten. Bij elke test zit een handleiding die u nauwkeurig moet opvolgen. U wordt geadviseerd om de ovulatietest bij daglicht te doen.

De test wordt positief als de urine veel van het LH-hormoon bevat zoals bij de LH-piek. Zodra de urine dit moment markeert door een verkleuring, dan is twaalf tot 24 uur later uw vruchtbare periode gestart.

Basaletemperatuurcurve (BTC)

Door elke morgen voor het opstaan de temperatuur te meten kunt u een temperatuurstijging waarnemen op de dag van de eisprong. Helaas kunt u alleen achteraf vaststellen wanneer de eisprong heeft plaatsgevonden. Bij een regelmatige cyclus mag u aannemen dat in de volgende cyclus hetzelfde temperatuurbeloop zal plaatsvinden. Doordat dit nogal een intensieve procedure is en vaak niet een duidelijk beeld laat zien, raden we het gebruik van deze methode niet aan. 

Hoe stellen wij de ovulatie (eisprong) vast?

In het fertiliteitscentrum kunnen we twee onderzoeken doen waarmee we de ovulatie vaststellen.

Bloedonderzoek

Als een ovulatie heeft plaatsgevonden, wordt het hormoon progesteron in de tweede helft van de cyclus geproduceerd. De waarde van dit hormoon is zeven dagen na de ovulatie op zijn hoogst. Progesteron zorgt voor een noodzakelijke verandering van het baarmoederslijmvlies zodat een eventueel bevruchte eicel zich kan innestelen.

Echografie

Door middel van een vaginale echografie is het mogelijk de eierstokken te bekijken. Op die manier kan de arts of verpleegkundige een met vocht gevulde holte in de eierstok (ei-blaasje of follikel) bekijken. Dit ei-blaasje bevat de niet-zichtbare eicel en wordt groter naarmate de eicel rijpt. Door regelmatig het ei-blaasje via een echo te bekijken totdat hij gesprongen is, is de ovulatie vast te stellen. Na de eisprong is het ei-blaasje niet meer te zien.

 
Afbeelding 1: echografiebeeld van de eierstokken
 

Wie komt in aanmerking voor ovulatie-inductie?

Ovulatie-inductie is een zinvolle behandeling bij paren met ongewenste kinderloosheid op basis van weinig of geen eisprong die zich uit in een onregelmatige, zeer lange of afwezige menstruele cyclus. Deze behandeling kan worden toegepast als in de hypofyse onvoldoende follikelstimulerend hormoon wordt geproduceerd of als in de eierstokken wel eicellen aanwezig zijn, maar als die niet reageren op de normale prikkel uit de hersenen. Wanneer in de eierstokken onvoldoende eicellen aanwezig zijn die gestimuleerd kunnen worden, zoals bij een vroegtijdige overgang, dan is ovulatie-inductie niet de juiste behandeling.

Overgewicht kan een oorzaak, maar ook een bijkomend symptoom (verschijnsel) zijn bij vrouwen met onregelmatige, zeer lange cyclus of afwezige menstruatie. Ook kan overgewicht het risico op complicaties bij ovulatie-inductie vergroten. Bovendien verloopt de behandeling vaak moeizamer en hebben zwaarlijvige vrouwen een verhoogde kans op risico’s bij een zwangerschap en bevalling. Om deze redenen hanteren wij een BMI-grens. Dat betekent dat we boven een bepaalde BMI-waarde niet behandelen. Het kan dus zijn dat wij u adviseren om eerst af te vallen voordat een behandeling wordt gestart. Daarnaast zien wij vaak herstel van de normale menstruele cyclus als er voldoende gewichtsverlies heeft plaatsgevonden. 

Twee soorten medicijnen bij ovulatie-inductie

Bij ovulatie-inductie wordt de eisprong door middel van medicatie opgewekt. Uw behandelend arts heeft de keuze uit twee medicijnen:

  • Clomifeencitraat, ook wel Clomid genoemd (tabletten). Deze tabletten moet u gedurende vijf dagen innemen aan het begin van de cyclus.
  • Gonadotrofinen (hormooninjecties). Gedurende een bepaalde periode geeft u uzelf dagelijks een injectie. Er zijn twee soorten gonadotrofinen: 
    • zuiver follikelstimulerend hormoon (FSH)
    • een mengsel van FSH en LH, dat wordt gewonnen uit urine van vrouwen na de overgang. Dit is het humaan menopausaal gonadotrofine (hMG).

Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek naar de oorzaak/oorzaken van uw cyclusstoornis zal uw behandelend arts een van deze middelen voorstellen. Daarnaast kan hij nog andere medicijnen voorschrijven als blijkt dat uw cyclusstoornis het gevolg is van aandoeningen of hormonale afwijkingen elders in het lichaam.

Ovulatie-inductie met clomifeencitraat (Clomid)

Clomifeencitraat (Clomid) is vaak het middel van eerste keuze vanwege het gebruiksgemak en de bewezen effectiviteit. Uit onderzoek is gebleken dat de kans op zwangerschap wordt vergroot door de menstruele cyclus regelmatig te laten verlopen. Door deze regelmaat vindt vaker een eisprong plaats en is beter vast te stellen wanneer de vruchtbare dagen zijn.

Clomifeencitraat is geen hormoon, maar zorgt ervoor dat de hypofyse wordt gestimuleerd waardoor er meer FSH (follikelstimulerend hormoon) wordt geproduceerd. Door een verhoging van het FSH worden de eierstokken krachtiger gestimuleerd en kunnen er zich één, maar soms ook meerdere ei-blaasjes gaan ontwikkelen. Daarom treden bij het gebruik van clomifeencitraat vaker meerlingzwangerschappen op, vergeleken met de spontane cyclus.

Hoe verloopt de behandeling?

Op de derde dag van de cyclus start u met het innemen van de Clomid-tabletten. Mocht u vanuit uzelf niet menstrueren, dan zal met behulp van een tiendaagse kuur met Provera-tabletten de menstruatie worden opgewekt. De Clomid-tabletten moet u vervolgens gedurende vijf achtereenvolgende dagen in dezelfde dosering innemen. Dus van cyclusdag drie tot en met zeven. Vanaf cyclusdag tien, elf of twaalf komt u voor een echo. Als er een follikel (ei-blaasje) te zien is van zeventien tot twintig mm., krijgt u het advies in de daarop volgende dagen gemeenschap te hebben. Eventueel krijgt u een injectie met het zwangerschapshormoon hCG om een eisprong op te wekken. Zeven dagen na de eisprong zullen we het hormoon progesteron in uw bloed bepalen om na te gaan of er ook een eisprong heeft plaatsgevonden. Ongeveer zestien dagen na de gemeenschap kunt u thuis een zwangerschapstest doen, als er geen menstruatie is opgetreden.
Als er geen eisprong heeft plaatsgevonden, kan de dosering worden opgehoogd tot een maximum van drie tabletten per dag. Clomid wordt nooit langer dan vijf dagen achter elkaar gebruikt. 

Samenlevingstest

Doordat Clomid soms een negatieve invloed kan hebben op de groei van het slijmvlies in de baarmoeder en op de zuurgraad bij de baarmoederhals, zal bij gebruik van Clomid ook een zogenoemde samenlevingstest (post-coïtumtest) worden uitgevoerd. Dit gebeurt om de kwaliteit van het slijm te beoordelen en om te onderzoeken of de zaadcellen van de man daadwerkelijk in het slijm kunnen overleven. Wanneer bij de echoscopie blijkt dat de eisprong over één tot enkele dagen kan worden verwacht, zal aan u worden gevraagd om die avond gemeenschap te hebben. De volgende ochtend komt u op het echospreekuur en zal bij u wat slijm worden weggezogen dat onder de microscoop wordt bekeken. Worden er geen beweeglijke zaadcellen gezien, dan kan worden besloten om de samenlevingstest na één of twee dagen te herhalen. Is de test herhaaldelijk afwijkend, dan spreken we van een bijkomende cervixfactor (cervix = baarmoederhals) en zal (alleen) ovulatie-inductie niet de juiste behandeling voor u zijn.

Als bij behandeling met Clomid een eisprong plaatsvindt en bij de samenlevingstest goed bewegende zaadcellen worden gezien, zal uw behandelend arts Clomid voor enkele maanden voorschrijven. Er hoeft dan geen echoscopische controle meer plaats te vinden, tenzij uw cyclus weer langer wordt of de menstruatie uitblijft.

Treedt er uiteindelijk met Clomid in de hoogste dosering geen ovulatie op, dan wordt over het algemeen overgegaan op hormooninjecties met FSH-hormoon.

Ovulatie-inductie met behulp van gonadotrofinen

Uw lichaam produceert zelf een bepaalde hoeveelheid follikelstimulerend hormoon (FSH). Als u uzelf daarbij dagelijks injecties met FSH toedient, wordt de totale hoeveelheid FSH hoger. Door deze verhoging worden de eierstokken krachtiger gestimuleerd en kunnen een of meerdere ei-blaasjes (follikels) tot rijping komen. Door het gebruik van FSH-injecties is er dan ook een licht verhoogde kans op een meerlingzwangerschap.

Hoe verloopt de behandeling?

Op de eerste dag van de (spontane of door medicijnen opgewekte) menstruatie belt u met het secretariaat om een zogenoemde vaginale uitgangsecho (eerste echo) af te spreken. Deze wordt op de derde, vierde of vijfde dag na het begin van de menstruatie gemaakt. Aan de hand van deze echo wordt gekeken of er geen cysten (met vocht gevulde holtes) in de eierstokken aanwezig zijn, en of het baarmoederslijmvlies niet te dik is. Als de echo geen bijzonderheden laat zien, kunt u starten met de behandeling met hormooninjecties (stimulatie). U spuit dagelijks de afgesproken dosering van het FSH-hormoon of de hMG. Na een aantal dagen komt u op het spreekuur voor een echoscopische controle. Deze controle is nodig om te kijken of uw eierstokken goed reageren op de stimulatie. Soms wordt de dosering aangepast (opgehoogd of juist verlaagd) en krijgt u zo nodig een nieuwe afspraak voor een echo. Wanneer het grootste ei-blaasje een grootte van minimaal zeventien à achttien mm in doorsnede heeft, wordt het tijdstip afgesproken om een ander hormoon, het hCG-hormoon, toe te dienen. Dit hCG-hormoon zorgt ervoor dat een eisprong in gang gezet wordt. Ongeveer 40 tot 44 uur na de hCG-injectie kan de eisprong worden verwacht. U wordt geadviseerd om vanaf de dag van de hCG-injectie, indien mogelijk, twee opeenvolgende dagen gemeenschap te hebben.

 
Afbeelding 2: de behandeling
 

Zwanger of niet zwanger?

Als u vijftien dagen na de hCG-injectie nog niet menstrueert, is de kans groot dat u zwanger bent. U mag dan zelf een zwangerschapstest doen. Wanneer u menstrueert, is de behandeling helaas niet gelukt. Wilt u het resultaat van de behandeling op de eerstvolgende werkdag telefonisch aan ons secretariaat doorgeven? Is uw menstruatie anders dan normaal, neem dan ook contact met ons op. Als de behandeling niet geslaagd is, kunt u over het algemeen direct met een volgende behandeling beginnen.

Uitstellen of afbreken van behandeling

Wanneer bij de uitgangsecho een cyste of dik baarmoederslijmvlies wordt geconstateerd, kan besloten worden (nog) niet te starten met de hormooninjecties. Vaak wordt een cyclus afgewacht of worden medicijnen gegeven om de cyste te laten verdwijnen.

Wanneer de stimulatie veel te hard dreigt te gaan en te veel ei-blaasjes (follikels) uitgroeien, kan besloten worden de behandelcyclus af te breken. We hanteren de grens van maximaal drie ei-blaasjes, tenzij er om een specifieke reden andere afspraken zijn gemaakt. Ook krijgt u dan het advies om beschermd te vrijen in verband met een verhoogde kans op een meerlingzwangerschap.

Het tegenovergestelde kan echter ook gebeuren. De stimulatiefase kan heel lang doorgaan door het meerdere malen ophogen van de dosering. Desondanks kan het zijn dat er geen reactie optreedt. In dat geval kan ook besloten worden om de behandelingscyclus af te breken en in de volgende cyclus met een hogere dosering te starten. 

Bijwerkingen en complicaties

Bij ovulatie-inductie kunnen de volgende bijwerkingen en complicaties optreden.

Bijwerkingen

Bij het gebruik van Clomid en gonadotrofinen komen klachten van hoofdpijn, moeheid en gewichtstoename voor. Een enkele maal, vooral bij Clomid-gebruik, worden klachten geuit als opvliegerig en kortaf zijn tot zelfs depressieve gevoelens. Mocht u klachten hebben, bespreek ze met uw behandelend arts.

Meerlingzwangerschap

Het grootste risico bij het stimuleren van de eierstokken is het ontstaan van een meerlingzwangerschap. De risico’s bij een meerlingzwangerschap mogen niet onderschat worden. Zo zien we vaker een vroeggeboorte met als risico een verhoogde kans op overlijden of blijvende handicaps. Om deze reden hanteren wij een maximum van drie ei-blaasjes, tenzij er om een specifieke reden andere afspraken zijn gemaakt. We streven echter naar de groei van één of twee ei-blaasjes.

Ovarieel hyperstimulatiesyndroom (OHSS)

Als de reactie van de eierstokken veel heviger is dan verwacht, kunnen heel veel ei-blaasjes tot ontwikkeling komen. De eierstokken nemen dan fors in omvang toe en er kan vocht vanuit de bloedvaten naar de buikholte lekken. Misselijkheid, braken, gewichtstoename, dikkere buik, pijn in de buik en kortademigheid zijn symptomen (verschijnselen) die hierbij kunnen passen. Verder kan er vochtophoping in buik en borstholte ontstaan waarvoor ziekenhuisopname noodzakelijk kan zijn. Zeer zelden ontstaat een verstopping van een bloedvat door een bloedprop. Deze overstimulatie
is echter zeer zeldzaam bij ovulatie-inductie door de lage concentratie van hormonen die wordt gebruikt. Mocht u echter toch klachten krijgen, aarzel dat niet om contact op te nemen. 

Contact

Heeft u vragen, of wilt u meer informatie? Dan kunt u contact opnemen met:

Secretariaat Isala Fertiliteitscentrum
t (038) 424 52 24, bij geen gehoor (038) 424 50 00
f (038) 424 76 46
bereikbaar op werkdagen van 8.15 tot 16.00 uur
telefonisch spreekuur arts: volgens afspraak

Verpleegkundige Isala Fertiliteitscentrum
t (038) 424 72 17, bij geen gehoor (038) 424 50 00
bereikbaar op werkdagen van 9.00 tot 12.00 en van 13.30 tot 16.00 uur

Semendiagnostiek
t (038) 424 68 00
bereikbaar op werkdagen van 8.00 tot 16.00 uur

Spermadonorbank/Fertiliteitslaboratorium
Wilt u spermadonor worden of heeft u vragen over bijvoorbeeld de spermadonorwachtlijst? Mail dan naar spermadonorbank@isala.nl. Vermeld in uw mail uw naam en geboortedatum, zodat wij u zo goed mogelijk van dienst kunnen zijn. Wij doen ons uiterste best om binnen vijf werkdagen te reageren.

Isala Diaconessenhuis te Meppel, secretariaat Fertiliteitsafdeling
Hoogeveenseweg 38
7943 KA Meppel
t (0522) 23 38 11
bereikbaar op werkdagen van 8.30 tot 12.00 uur


30 juni 2016 6075 Nee Ja

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht