ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Pijnbestrijding bij neuropathische pijn en CRPS

Implantatie van een ruggenmergstimulator

Voor de behandeling van neuropathische pijn en/of CRPS (complex regionaal pijnsyndroom) kan een ruggenmergstimulator worden geïmplanteerd. De behandeling vindt plaats in twee operatiesessies met een tussenperiode van veertien dagen. Na de eerste operatie gaat de proefperiode in. Tijdens deze periode wordt er gekeken of de pijn vermindert door de stimulaties. Als de proefresultaten positief uitpakken, zal de definitieve implantatie tijdens een tweede operatie plaatsvinden. Hier leest u hoe de behandeling verloopt en wat er van u verwacht wordt.

Wat is neurostimulatie?

Neurostimulatie is een vorm van pijnbestrijding, waarbij een slangetje met daarop elektrodes (metalen schijfjes) tegen het ruggenmerg wordt geplaatst. De neurostimulator, een klein pacemakerachtig apparaat dat in het lichaam wordt geïmplanteerd, stuurt via een kabeltje elektrische pulsen naar deze elektrode. De elektrische pulsen die op deze manier aan de zenuwbaan in het ruggenmerg worden doorgegeven, hebben tot doel de pijnprikkel vanuit het lichaam (bijvoorbeeld een been) naar de hersenen te onderdrukken. De neurostimulator, de batterij van het systeem, wordt meestal links in de buik of boven in de bil geplaatst. Afhankelijk van uw postuur zal deze batterij zichtbaar zijn als een kleine bolling onder de huid, maar meestal is deze niet zichtbaar onder de kleding. Het kabeltje dat van de batterij naar de elektrode loopt, wordt onzichtbaar onder uw huid geplaatst.

 
Afbeelding 1: neurostimulatie 
 

Voorbereiding

Voor beide operaties

  • Voor de behandeling plaatsvindt, heeft u een (intake)gesprek met de pijnverpleegkundige. Deze geeft u onder andere informatie over de behandeling en over het bijhouden van het pijndagboekje. 
  • Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen, dan moet u hiermee vóór de operatie (tijdelijk) stoppen. Afhankelijk van het soort medicijn varieert dit van enkele dagen tot een week voor de operatie. Uw anesthesioloog/pijnbehandelaar zal hierover vooraf met u afspraken maken. 
  • Als u medicijnen gebruikt waarvoor u onder controle bent bij de trombosedienst moet u, zodra de operatiedatum bekend is, de trombosedienst van Isala bellen om te melden dat u een operatie zult ondergaan. Het telefoonnummer van de trombosedienst is (038) 424 25 21. 
  • Het beste kunt u ‘s morgens voordat u naar het ziekenhuis gaat, baden of douchen. Gebruik geen make-up en verwijder eventuele nagellak. 
  • Tijdens de operatie mag u geen sieraden dragen, ook geen trouwring. 
  • Waardevolle zaken, zoals uw paspoort of sieraden, kunt u beter thuislaten. 
  • De eerste operatie vindt gedeeltelijk onder lokale verdoving/sedatie plaats. De tweede operatie vindt onder algehele narcose plaats. Daarom moet u op de beide operatiedagen nuchter zijn! Houdt u zich strikt aan onderstaande richtlijnen.

Richtlijnen nuchter zijn

Het is noodzakelijk dat u nuchter bent op de dag van de operatie. Het nuchter blijven is niet om misselijkheid te voorkomen, maar om te vermijden dat tijdens de verdoving maaginhoud terugloopt in de keel en mogelijkerwijs in de luchtpijp terechtkomt. Dit zou een ernstige longontsteking kunnen veroorzaken. Als u niet nuchter bent, kan de operatie niet plaatsvinden. Houdt u zich daarom strikt aan de volgende richtlijnen.

  • Eten: tot zes uur vóór het tijdstip waarop u zich moet melden mag u een lichte maaltijd of een melkproduct gebruiken, daarna niets meer eten (hoe laat u zich moet melden, kunt u vinden in de brief die u voor deze operatie toegestuurd heeft gekregen).
  • Drinken: tot twee uur vóór u zich moet melden mag u alleen nog heldere vloeistoffen drinken: water, mineraalwater, thee of koffie zonder melk, daarna niets meer drinken.
  • Medicijnen: tot 60 minuten vóór u zich moet melden kunt u uw eigen medicijnen (behalve bloedverdunnende medicatie) met een slokje water innemen.

Eerste operatie

Op de dag van de operatie meldt u zich één uur vóór de afgesproken operatietijd bij het Pijncentrum. U wordt daar doorverwezen naar het Behandelcentrum. Daar wordt u voorbereid op de operatie. De verpleegkundig specialist/pijnverpleegkundige en pijnbehandelaar zien u voor de operatie. Heeft u eventuele vragen, dan kunt u deze nog aan hen stellen. Vervolgens wordt u naar de operatiekamer gebracht. Daar wordt u aangesloten op de bewakingsapparatuur en wordt een infuus bij u aangelegd voor de toediening van antibiotica.

Tijdens de operatie ligt u op uw buik. Het inbrengen van de elektrode gebeurt onder plaatselijke verdoving. Het is de bedoeling dat u hierbij volledig bij bewustzijn bent, zodat u duidelijk kunt aangeven waar u de tintelingen voelt. Zo kan de plaats van de elektrode nauwkeurig bepaald worden. De totale operatie duurt ongeveer twee uur.

Na de eerste operatie

  • Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer (recovery) gebracht. Als alle controles goed zijn, wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.
  • De verpleegkundig specialist/pijnverpleegkundige komt bij u langs voor een eerste grove instelling van het neurostimulatiesysteem. U krijgt dan uitleg over het gebruik van de bijbehorende afstandsbediening. De volgende dag bezoekt hij u nogmaals om de stimulator nauwkeuriger af te stellen. 
  • Op de dag van de operatie moet u strikte bedrust houden. U mag absoluut niet rekken, strekken, buigen, tillen, fietsen en autorijden gedurende tien weken omdat anders de kans bestaat dat de elektrode gaat verschuiven waardoor u de tintelingen niet meer in het juiste gebied voelt.

Proefperiode

Na de eerste operatie begint de proefperiode. Tijdens deze periode moet u een pijndagboek en temperatuurlijst bijhouden. Dit is belangrijk om te zien of het gewenste resultaat van pijnvermindering behaald is. De dag na de operatie legt de pijnverpleegkundige u uit hoe u dit boekje moet invullen. Na een geslaagde proefperiode van veertien dagen zal worden besloten om de batterij te implanteren tijdens een tweede operatie.

Tweede operatie

De tweede operatie vindt plaats onder algehele narcose. De voorbereiding hiervoor is dezelfde als voor de eerste operatie. Ook nu is het weer van belang dat u nuchter bent, anders kan de operatie niet doorgaan. Tijdens deze operatieve ingreep ligt u op uw zij. De operatie duurt ongeveer anderhalf uur.

Na de tweede operatie

Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer (recovery) gebracht. Als u wakker bent en alle controles zijn goed, wordt u teruggebracht naar de verpleegafdeling.
De verpleegkundig specialist/pijnverpleegkundige komt bij u langs voor het aanzetten en instellen van het neurostimulatiesysteem. De volgende dag bezoekt hij u nogmaals, bekijkt en verbindt de wonden.
Nadat u weer terug bent op de afdeling, geldt opnieuw strikte bedrust Ook mag u gedurende acht weken niet rekken, strekken, buigen, draaien, tillen, fietsen en autorijden.

Afstandsbediening

Om zelf het neurostimulatiesysteem te kunnen bedienen krijgt u een afstandsbediening. De afstandsbediening kent de volgende basisfuncties: 

  • aan- en uitzetten van de neurostimulator
  • verhogen en verlagen van de sterkte van de elektrische impulsen.

Uw verpleegkundig specialist/pijnverpleegkundige zal u uitgebreid informeren over de bediening van het apparaat.

Let op
Als u de neurostimulator uitzet, kunt u het beste de stimulaties op de laagste stand zetten. Hiermee voorkomt u dat u onaangename stimulaties gaat voelen op het moment dat u de neurostimulator later weer aanzet.

Naar huis

  • Hoe lang u in het ziekenhuis moet blijven, bepaalt de anesthesioloog. Meestal kunt u de dag na de operatie weer naar huis. 
  • Voordat u naar huis gaat, bezoekt de verpleegkundig specialist/ pijnverpleegkundige u nog een keer. Hij geeft u eventueel nog aanvullende informatie en maakt twee controleafspraken voor u. 
  • U krijgt een brief mee die u moet afgeven bij uw huisarts, zodat deze ook op de hoogte is van uw behandeling.

Leefregels en adviezen

  • De eerste tien weken na de operatie mag u niet bukken en tillen en moet u draaiende bewegingen met de rug of nek vermijden. Gedurende deze tijd zal zich littekenweefsel rond de elektrode vormen. Over het algemeen kunt u na de ingreep een normaal, actief leven leiden. Natuurlijk moet u de instructies van de verpleegkundig specialist/pijnverpleegkundige en anesthesioloog/pijnbehandelaar blijven opvolgen.
  • In de eerste tien weken mag u niet actief deelnemen aan het verkeer om onverwachte bewegingen te voorkomen. Dus geen auto, fiets, brommer of scootmobiel rijden. Na die tijd mag u weer autorijden. Als u gaat autorijden, moet u de stimulator altijd uitzetten. Bij het besturen van een auto kan plotselinge veranderingen van stimulatie er namelijk toe leiden dat u de controle over het voertuig verliest. Lange autoritten worden in het begin afgeraden omdat het niet goed is gedurende langere tijd te zitten.
  • De wondjes in uw buik en in de rug zijn gesloten met oplosbare hechtingen en hebben een week tot tien dagen nodig om te genezen. De arts vertelt u wanneer de pleisters eraf mogen. Tot die tijd mogen de wondjes niet nat worden. U mag deze tijd dus niet douchen of in bad.
  • De eerste twee weken kunnen de tintelingen anders aanvoelen dan daarna, omdat er wondvocht rond de elektrode in de rug zit. Dit is normaal. Bij de eerste controle wordt dit besproken en wordt de neurostimulator zo nodig bijgesteld.
  • De neurostimulator werkt alleen voor het gebied dat gestimuleerd wordt. De operaties kunnen wondpijn veroorzaken die helaas niet met neurostimulatie te bestrijden valt. Van deze wondpijn kunt u enkele weken last hebben. Deze pijn kunt u bestrijden met gewone pijnstillers (paracetamol).

Controles

Na de implantaties komt u regelmatig op de polikliniek bij de verpleegkundig specialist of pijnverpleegkundige. Dan wordt bekeken hoe uw genezing van de operatie verloopt en hoe het effect van de neurostimulator op uw pijn is. Ook vindt de controle plaats van de instellingen van het neurostimulatiesysteem. Als het systeem goed is ingesteld, komt u minimaal twee maal per jaar op controle. Als zich problemen voordoen, kan het nodig zijn om vaker controles af te spreken.

Neem bij een polikliniekafspraak altijd mee: 

  • uw afspraakbevestiging
  • uw identiteitsbewijs (paspoort, rijbewijs of identiteitskaart) 
  • medicijnenlijst 
  • pijndagboek 
  • identificatiekaart van uw neurostimulator.

Als u door ziekte of om andere redenen verhinderd bent uw controleafspraak na te komen, neem dan zo snel mogelijk contact met het secretariaat van het Pijncentrum Isala, telefoonnummer (038) 424 26 98.

Complicaties en risico’ s

Zoals bij iedere operatie is de kans op infecties klein, maar aanwezig. Als u oplopende koorts krijgt (boven de 38 graden Celsius) of de wondjes gaan ontsteken, dan moet u direct contact opnemen. Een zeer zeldzame complicatie van infectie is een hersenvliesontsteking (meningitis). De verschijnselen hiervan zijn: hoofdpijn, pijn bij het buigen van de nek en hoge koorts. Wanneer deze verschijnselen zich voordoen, neem dan tijdens kantooruren direct contact op met het Pijncentrum Isala, telefoonnummer (038) 424 26 98 en buiten kantooruren met telefoonnummer (038) 424 50 00 en vraag naar de dienstdoende anesthesioloog.

Medische ingrepen

  • Vertel uw tandarts, chirurg, fysiotherapeut of andere (para)medici die u behandelen, altijd dat bij u een neurostimulatiesysteem geïmplanteerd is. 
  • anneer een arts een MRI-onderzoek nodig vindt, is het zeer belangrijk dat u meldt dat u drager bent van een neurostimulator. Een MRI-scan is een onderzoek waarbij gebruik wordt gemaakt van radiogolven en een grote magneet. De magnetische straling kan de batterij van uw neurostimulatiesysteem onherstelbaar beschadigen. Als het lichaamsdeel dat onderzocht wordt zich op voldoende afstand van de batterij bevindt, kan de arts in overleg met u besluiten het onderzoek toch uit te voeren. Neem in dat geval altijd contact op met uw anesthesioloog/pijnbehandelaar. De batterij kan dan zodanig afgesteld worden dat de kans op beschadiging zo klein mogelijk is. 
  • Er zijn geen bezwaren tegen een normale röntgenfoto en/of een CT-scan. 
 
Afbeelding 2: neurostimulator en afstandsbediening
 
 
Afbeelding 3: neurostimulator en afstandsbediening
 

Batterij

De neurostimulator bevat een batterij die langzaam leegloopt. De levensduur van de batterij varieert tussen de drie en zes jaar. Dit wordt bepaald door het stroomverbruik ervan en is afhankelijk van de instellingen. Als de batterij leeg is, is een nieuwe operatie nodig om deze te vervangen.

Bij elk bezoek aan de verpleegkundig specialist/pijnverpleegkundige wordt de toestand van de batterij gecontroleerd evenals de instellingen. U kunt ook zelf controleren of de batterij nog voldoende geladen is. Hierover krijgt u uitleg op de polikliniek. Deze uitleg staat ook in de handleiding die u na de implantatie meekrijgt. Wanneer u twijfelt of de stimulator nog voldoende lading heeft, kunt u tijdens kantooruren contact opnemen met het secretariaat van het Pijncentrum.

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen, dan kunt u deze stellen aan uw anesthesioloog/pijnbehandelaar en verpleegkundig specialist/pijnverpleegkundige. Vóór en na de operatie zal er ook voldoende gelegenheid zijn om uw vragen te beantwoorden. Ook kunt u telefonisch contact opnemen met het Pijncentrum. Het is handig om uw vragen van tevoren op papier te zetten.

Het Pijncentrum is op werkdagen bereikbaar van 08.30 tot 17.00 uur via telefoonnummer (038) 424 26 98.

Bent u door uw (huis)arts of medisch specialist doorverwezen naar het Pijncentrum in Zwolle of Kampen? Of heeft u een vervolgafspraak? Dan bepaalt u voortaan zelf het best passende moment voor uw afspraak.

Heeft u binnenkort een afspraak bij het Pijncentrum in Meppel? Dan vindt u de tijd en plaats waar u wordt verwacht in uw afspraakbevestiging.

Meer informatie?

Wilt u meer weten, dan kunt u ook de volgende websites raadplegen:

www.pvvn.nl 
www.pdver.atcomputing.nl 
www.nvvr.nl
www.pijnplatform.nl

Verantwoording tekst

Bij het samenstellen van de tekst is gebruikgemaakt van voorlichtingsmateriaal van het Catharina-ziekenhuis in Eindhoven.


30 november 2016 6109 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht