ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Baarmoederkanker-Endometrium

​Baarmoederkanker is een kwaadaardige aandoening van het slijmvlies van de baarmoederholte. Deze vorm van kanker kan leiden tot onregelmatig bloedverlies of bloedverlies na de overgang. Baarmoederkanker komt het meest voor bij vrouwen tussen de 55 en 80 jaar en zelden op jongere leeftijd.

Bij het ontstaan van deze vorm van kanker, spelen verschillende factoren een rol. De kans om baarmoederkanker te krijgen, is groter als een vrouw laat in de overgang komt, ze langdurig oestrogenen zonder progesteron gebruikt, geen kinderen heeft gekregen en last heeft van overgewicht.

Een klein aantal vrouwen heeft een verhoogde kans op een erfelijke vorm van baarmoederkanker.

Klachten/symptomen

U kunt last hebben van bloedverlies (bruine afscheiding) na de overgang en pijn.

Onderzoek

  • Om na te gaan of u baarmoederkanker heeft, worden verschillende onderzoeken verricht.
    Algemeen lichamelijk onderzoek
    Een inwendig gynaecologisch onderzoek met eventueel uitbreiding naar hals, buik en liezen.
  • Inwendige echografie
    Via de vagina kijkt de gynaecoloog inwendig naar verdikkingen en andere onregelmatigheden in het slijmvlies van de baarmoederholte en de eierstokken.
  • Bloedonderzoek
    Voor de beoordeling van uw algemene toestand, de werking van uw lever en nieren wordt uw bloed onderzocht.
  • Weefselonderzoek
    Een weefselonderzoek kan op drie manieren. De makkelijkste en snelste manier om wat weefsel af te nemen is met een uitstrijkje van de baarmoederhals. Hier begint een arts altijd mee.
    Daarna kan een minicurettage met weefselafname van de binnenzijde van de baarmoeder op de polikliniek plaatsvinden.

    Tenslotte is een hysteroscopie en curettage op de polikliniek mogelijk. Met een hysteroscopie kijkt een gynaecoloog met een camera in de baarmoeder, daarna volgt via een curettage een weefselafname van de binnenzijde van de baarmoeder.

    De patholoog-anatoom onderzoekt weggehaalde weefsel in het laboratorium. Met een microscoop kijkt hij of er kankercellen in het weefsel zitten. De uitslag van het onderzoek geeft belangrijke informatie over het stadium van de ziekte. Deze informatie bepaalt mede of en welke behandeling mogelijk is.
  • Uitzaaiingenonderzoek
    Om na te gaan of er sprake is van uitzaaiingen naar omliggende organen en of naar lymfklieren kan de arts besluiten een CT-scan te doen of een röntgenfoto van de longen te maken.

Behandeling

De behandeling van baarmoederkanker is afhankelijk van het stadium van de kanker en van de uitslag van het pathologisch onderzoek. De behandeling begint bijna altijd met een operatie. Na de operatie kan er aanvullend bestraling plaatsvinden.

Van belang is uw algemene gezondheid en wat u zelf aankunt en belangrijk vindt. Bespreek uw eigen ideeën en mening met de arts. Behandelvormen zijn een keuze uit diverse combinatiemogelijkheden: chirurgie, radiotherapie en soms chemotherapie.

  • Operatie
    Een operatie is een plaatselijke behandeling. De chirurg verwijdert het zieke orgaan of weefsel of een deel daarvan. Dit kan een baarmoedersparende of een baarmoederverwijderende operatie zijn.
  • Radiotherapie
    Radiotherapie maakt gebruik van straling. Kankercellen zijn gevoelig voor bestraling. De straling beschadigt de genen, oftewel het erfelijk materiaal (DNA). De kankercel verliest daardoor het vermogen om te delen en gaat dood.
  • Chemotherapie
    Chemotherapie is de behandeling van kanker met celdodende of celdelingremmende medicijnen: cytostatica. Er zijn verschillende soorten cytostatica, elk met een eigen werking. De medicijnen worden per infuus of als tablet toegediend. Via het bloed verspreiden zij zich door uw lichaam en bereiken op vrijwel alle plaatsen de kankercellen.

Bijwerkingen en gevolgen

De behandeling van baarmoederkanker kan bijwerkingen of lichamelijke gevolgen hebben. U kunt vervroegd in de overgang komen of uw overgangsklachten kunnen verergeren. Daarnaast kunt u plasklachten krijgen en last van vermoeidheid.

Contact

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen of wilt u meer weten, dan staat de behandelend arts u tijdens het spreekuur graag te woord. Het kan handig zijn om uw vragen van tevoren op papier te zetten.
Ook kunt u telefonisch contact opnemen, t (038) 424 2787.

Heeft u binnenkort een afspraak? Dan vindt u tijd en plaats waar u verwacht wordt in uw afspraakbevestiging

Meer informatie

  • Op de website www.nvog.nl van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) leest u meer informatie over de bijwerkingen van chirurgie, chemotherapie en radiotherapie kunt u vinden op de website www.nvog.nl.
  • In het Patiënten Informatie Dossier Baarmoederkanker leest u meer informatie over baarmoederkanker.

12 juli 2013 6280 Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht