ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Pacemaker-implantatie

Een pacemaker is een klein apparaatje dat het tempo van het hartritme in de gaten houdt en zonodig bijstuurt. Hier leest u hoe de plaatsing in zijn werk gaat.

Voor meer informatie wijzen wij u graag op een voorlichtingsfilm en folder van de Hartstichting.

Voorlichtingsfilm bloedsomloop

youtube

 Folder Pacemaker van de Hartstichting.

Implantatie van een pacemaker in Isala

Zoals u in de folder van de Hartstichting heeft kunnen lezen bestaan er verschillende soorten pacemakers.

In Isala worden de volgende typen pacemaker geplaatst.
De cardioloog of zaalarts bespreekt met u welk type voor u het meest geschikt is.

  • Pacemaker met één elektrode.
    Deze ligt òf in de hartboezem, òf in de hartkamer.
  • Pacemaker met twee elektrodes.
    Eén elektrode ligt in de hartboezem en een in de hartkamer. 
 
Afbeelding 1: Pacemaker met twee elektrodes
  • Pacemaker met drie leads/elektrodes. Dit wordt ook wel cardiale resynchronisatie genoemd.
    Een extra elektrode op de linker hartkamer bij ongelijk samentrekkende hartkamers.
    Bij chronisch boezemfibrilleren wordt de boezemelektrode meestal niet geplaatst.

In het algemeen vindt de ingreep onder plaatselijke verdoving plaats. In sommige gevallen is het medisch noodzakelijk om de ingreep onder algehele verdoving (narcose) te laten plaatsvinden. De arts bespreekt dit met u.

Risico's en complicaties

De arts vertelt u ook over de mogelijke complicaties bij het plaatsen van een pacemaker. Hoewel de risico's daarop klein zijn, is het wel noodzakelijk dat hij u daarover informeert.

Risico's tijdens de implantatie:

  • klaplong
  • nabloeding
  • stimulatie van het middenrif (hikken)
  • perforeren van de hartwand.

Risico's na de implantatie:

  • loslaten van de elektrode
  • breuk van de elektrode
  • infectie
  • nabloeding.

Voor de pacemakerimplantaie kan het nodig zijn om een aantal onderzoeken van het hart te verrichten. Het is mogelijk dat de beschreven onderzoeken niet allemaal bij u uitgevoerd hoeven te worden.

  • ECG/hartfimpje
    Dit is een elektrocardiogram, een hartfilmpje.
  • Holteronderzoek: 24 uur een registratie van uw hartactiviteit. 
  • Event recorder: registratie van uw hartritme gedurende twee tot drie weken. 
  • Implanteerbare looprecorder: registratie van uw hartritme kan via een geïmplanteerd apparaatje gedurende 2-3 jaar plaatsvinden.
  • Bloedonderzoek
    Er wordt een algemeen bloedonderzoek verricht, onder andere om te bepalen hoe de stolling van het bloed is en of er tekenen zijn van een infectie.
  • Echocardiografie
    Dit onderzoek verschaft nadere informatie over de verschillende delen en functies van het hart, bijvoorbeeld over de hartkleppen en de pompfunctie van de hartkamers.
  • Thoraxfoto
    Dit is een röntgenfoto van hart en longen.
  • Hartkatheterisatie (CAG)
    Dit onderzoek maakt de kransslagaders en de pompkracht van de linkerhartkamer met behulp van contrastvloeistof zichtbaar op röntgenfoto's.
  • Rechtskatheterisatie
    Een drukmeting in de rechterharthelft en de longslagader. Dit onderzoek vindt plaats om de bloeddruk in het hart en het zuurstofgehalte in het bloed vast te stellen.

Informatie over de opname in Isala

Voor een pacemaker-implantatie wordt u in principe twee dagen en een nacht opgenomen.  Dat hangt mede af van het tijdstip van de dag dat uw ingreep staat gepland.

Als u al een pacemaker heeft en alleen de batterij moet worden vervangen, duurt de opname meestal ook twee dagen en een nacht.

Wat neemt u mee? 

  • nachtkleding
  • toiletspullen
  • al uw medicijnen.

Oproep voor opname

Uw opnamedatum is onder andere afhankelijk van de planning, de vooronderzoeken en de wachtlijst. Een week voor de geplande opname krijgt u van ons telefonisch bericht. U hoort waar en hoe laat u zich in het ziekenhuis moet melden. Ook krijgt u instructies over wat u moet doen met uw medicijnen, zoals plasmedicatie, bloedverdunners en medicijnen die u gebruikt vanwege suikerziekte. Na de ingreep blijft het medicatie gebruik doorgaans onveranderd. Dit wordt bij ontslag met u besproken.

Helaas gebeurt het weleens dat het tijdstip van de ingreep kan veranderen. Bijvoorbeeld door tussenkomst van een spoedopname of doordat de vorige ingreep uitloopt. Het kan zelfs zo zijn dat de ingreep op het laatste moment wordt uitgesteld. Dit is het geval bij:

  • afwijkende stollingswaarden
  • tekenen van een infectie zoals koorts.

Op de verpleegafdeling

Niet alle opgenomene patiënten ondergaan een pacemaker-implantatie. Er worden ook patiënten opgenomen met andere hartproblemen. Op de zalen wordt gemengd verpleegd, dat wil zeggen dat op één zaal zowel mannen als vrouwen kunnen liggen met verschillende hartproblemen.

Op de cardiologische verpleegafdelingen werkt een vast team van verpleegkundigen van wie een aantal een specialisatie heeft gedaan in de cardiologie. Naast verpleegkundigen, stagiaires, artsen en physician assistants werken er zorgkundigen, brancardiers, een voedingsassistente en een afdelingssecretaresse.

Praktische informatie

  • Op de cardiologische verpleegafdelingen mag niet worden gerookt.
  • Tijdens uw verblijf mag u de afdeling meestal niet verlaten wanneer uw hartritme wordt bewaakt via een monitor. Dit heeft te maken met de reden (indicatie) waarom u een pacemaker krijgt. Bij het verlaten van de afdeling verliezen wij dit signaal.

De dag van de implantatie 

Gesprek met de verpleegkundige en zaalarts of physician assistant

Tijdens de opname maakt u kennis met de verpleegkundige en zaalarts of physician assistant. Zij bespreken met u of u de informatie heeft begrepen die u vóór de opname heeft gekregen. Ook bereiden zij u verder voor op de ingreep. Zij zullen eventueel aanvullend onderzoek doen zoals luisteren naar hart en longen, meten van lengte en gewicht en bloedonderzoek.

Nuchter

Op de dag van de ingreep moet u nuchter zijn, tenzij dit anders met u wordt afgesproken. Dit betekent dat u voor de ingreep niet mag eten en drinken.

Voorbereiding

De verpleegkundige van de afdeling meet uw bloeddruk, hartslag en temperatuur en brengt een infuusnaald bij u in. In principe wordt de pacemaker onder de huid van uw linkersleutelbeen geïmplanteerd.
Om infecties te voorkomen, krijgt u een uur voor de ingreep antibiotica via het infuus toegediend. U krijgt een jasje van het ziekenhuis aan. De verpleegkundige brengt u in uw bed naar de katheterisatiekamer, waar de ingreep plaatsvindt. 

Tijdens de implantatie

Om u een goed beeld te geven van de implantatie, beschrijven we hieronder stap voor stap hoe de implantatie van de pacemaker in zijn werk gaat. De ingreep vindt doorgaans onder plaatselijke verdoving plaats.

  • U ligt op een behandeltafel en wordt aangesloten aan bewakingsapparatuur.
  • Uw bloeddruk wordt gemeten door middel van een bloeddrukmeter om uw arm en ook uw hartritme is tijdens de ingreepcontinu op een monitor in beeld en wordt op die manier bewaakt.
  • De huid rond het te opereren gebied wordt indien nodig geschoren, gedesinfecteerd met jodium en vervolgens afgedekt met een steriel laken. Zo ontstaat een steriel werkveldt voor de artsen (zie afbeelding 2).
  • Hierna wordt de huid plaatselijk verdoofd.
  • De pacemaker wordt onder het sleutelbeen geïmplanteerd (zie afbeelding 1). Hiervoor zal de cardioloog onder de huid ruimte creëren, de zogenaamde 'pocket' waarin de pacemaker past. Ondanks de verdoving kan dit soms wat pijnlijk zijn. Tijdens de ingreep kunt u een 'schroeilucht' ruiken, die wordt veroorzaakt door het dichtbranden van de bloedvaatjes met een elektrisch mesje om het bloeden te stelpen.
  • Via de sleutelbeenader en de grote holle ader worden een of twee elektrodes naar het hart geschoven. Indien van toepassing wordt eventueel ook een elektrode op de linkerhartkamer geplaats dat is afhankelijk van het type pacemaker dat u krijgt.
  • Zodra de elektroden zijn geplaatst worden er metingen verricht. Tijdens deze metingen kan uw hartslag wat anders aanvoelen.
  • Bij het sluiten van de huid wordt gebruik gemaakt van oplosbare hechtingen.
 
Afbeelding 2: Ingreep implantatie pacemaker

De pacemakerimplantatie duurt zo'n anderhalf tot twee uur. Dit hangt af van het type pacemaker dat u krijgt. Met name het plaatsen van een linkerkamer elektrode kan tijd kosten waardoor een ingreep soms drie uur kan duren.
 
Na de ingreepNormaal gesproken gaat u direct na de ingreep weer terug naar de verpleegafdeling. Op de afdeling gebeurt het volgende.
Normaal gesproken gaat u direct na de ingreep weer terug naar de verpleegafdeling. Op de afdeling gebeurt het volgende.
  • Er wordt een hartfilmpje gemaakt.
  • Uw bloeddruk, hartritme en temperatuur worden regelmatig gecontroleerd.
  • U krijgt gedurende enkele uren een zandzakje op de wond om de kans op een nabloeding te verminderen.
  • De wond wordt regelmatig geïnspecteerd.
  • U krijgt pijnbestrijding toegediend.
  • U krijgt normaals antibiotic toegediend.

Op de dag na de ingreep:

  • wordt een röntgenfoto gemaakt van de borstkas om vast te stellen of de pacemaker en de bedrading op de juiste plek liggen en om een klaplong uit te sluiten
  • de pacemaker wordt doorgemeten door een technicus van de functieafdeling
  • van de technicus krijgt u een pasje met technische gegevens van uw pacemaker.

De hechtingen zijn oplosbaar. U hoeft niet naar de huisarts om deze te laten verwijderen. U mag de ellenboog gedurende zes tot acht weken niet boven de schouder opheffen om te voorkomen dat de draden van de pacemaker zich verplaatsen. Twee maanden na de pacemakerimplantatie vindt doorgaans de eerste controle plaats. Daarna volgt eenmaal per jaar een controle (op indicatie vaker). 

De controle van de pacemaker wordt uitgevoerd door een technicus met behulp van een computer. Deze computer kan contact maken met uw pacemaker. De technicus beoordeelt of de pacemaker technisch goed functioneert, hoe het met de batterij gesteld is en of de instellingen van de pacemaker moeten worden aangepast. De controle duurt ongeveer twintig minuten.

Tijdens de controle van de pacemaker kan de hartslag even wat anders aanvoelen. Mogelijk vraagt de technicus u ook om een aantal testjes te doen, zoals een stukje lopen of de handen tegen elkaar aan te drukken.

Controle van de pacemaker vindt plaats bij een technicus en aansluitend bij de cardioloog. Of beide worden uitgevoerd door de physician assistant.

Fotoboek

Hoe kunt u zich voorbereiden en wat kunt u verwachten tijdens uw opname op de afdeling?
Met deze fotoreportage krijgt u een beeld van de voorbereidingen, de ingreep, onze afdeling en de dagelijkse handelingen. 

Weer naar huis

Als de ingreep zonder complicaties is verlopen, is het gebruikelijk dat u de dag na de ingreep 'met ontslag' mag.

De zaalarts of physician assistant bepaalt op basis van de röntgenfoto, de informatie van de technicus en de bevindingen van de verpleegkundige of u het ziekenhuis kunt verlaten. Meestal kunt u in de loop van de ochtend naar huis, alleen als u zich in orde voelt en het wondje bij het sleutelbeen er goed uitziet.

Medicijnen

Als u de bloedverdunnende medicijnen van de trombosedienst gebruikt, krijgt u van de verpleegkundige te horen welke dosering u moet gebruiken op de dagen na ontslag. Daarna krijgt u een nieuwe doseringskalender thuisgestuurd.

Vóór ontslag heeft u een gesprek met de verpleegkundige. Zij gaat na of de gegeven informatie door de zaalarts of physician assistant duidelijk is en bereidt u verder voor op het ontslag. Zo geeft zij u richtlijnen voor deelname aan het verkeer en vertelt zij u hoe u de wond thuis kunt inspecteren en verzorgen.

Voordat u naar huis gaat, krijgt u de volgende papieren mee:

  • voorlopige brief voor uw huisarts
  • recepten, als uw medicatie is aangepast
  • medicijnkaart.

Over de controleafspraak krijgt u thuis bericht.

Hartrevalidatie

Veel patiënten zijn na een ingreep aan het hart erg onzeker over hun lichaam. Wat kan ik wel, wat kan ik niet? Thuis komen de vragen over bewegen, voeding, werk en leefstijl. Vaak kunt u en mag u meer dan u denkt. Het is ook belangrijk dat u nieuwe klachten voorkomt.
In Zwolle kunt u een hartrevalidatieprogramma volgen bij het Isala Harthuis. Wij bekijken samen met u wat het beste past bij uw persoonlijke doelen en situatie. Dit doen we volgens de Richtlijn Hartrevalidatie van de Nederlandse Hartstichting.
Na uw behandeling in Isala bespreekt uw cardioloog met u de mogelijkheid om een hartrevalidatieprogramma te volgen. Als dat niet het geval is vraag dat dan gerust.
Lees voor meer informatie ook de folder Hartrevalidatie.

Contact

Wanneer u vragen heeft over de behandeling kunt u contact opnemen met de polikliniek Cardiologie, op werkdagen te bereiken van 8.30 tot 17.00 uur via telefoonnummer (038) 424 23 74.

Bent u door uw huisarts of medisch specialist doorverwezen naar de polikliniek Cardiologie in Zwolle, Kampen of Heerde? Of heeft u een vervolgafspraak? Dan bepaalt u voortaan zelf het best passende moment voor uw afspraak.

Heeft u binnenkort een afspraak bij de polikliniek Cardiologie in Meppel of Steenwijk? Dan vindt u de tijd en plaats waar u wordt verwacht in uw afspraakbevestiging.

Meer informatie

Voor aanvullende informatie kunt u terecht op de website van de Nederlandse Hartstichting: www.hartstichting.nl


7 februari 2017 6303 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht