ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Recidief carpale tunnel syndroom

Opnieuw opereren

​Een klein percentage van de mensen die zijn behandeld vanwege het carpale tunnel syndroom (CTS), krijgt hier opnieuw last van (recidief= terugkomend). Hier leest u wat het Hand-polscentrum kan doen.

Uitleg

Het carpale tunnel syndroom is een beklemming van de middelste zenuw in de pols. Een klein percentage van de mensen die last hebben van het carpale tunnel syndroom (CTS), krijgt opnieuw last van deze aandoening (recidief= terugkomend). Het gaat om minder dan halve procent.

Meestal treedt dit recidief CTS enkele jaren na de eerste operatie weer op.

Door onze specialisatie op dit gebied zien wij relatief vaak patiënten met dergelijke problemen. In veel gevallen werden deze patiënten ten onrechte niet opnieuw geopereerd.

Diagnose

Voorafgaand aan de behandeling is het soms zinvol om een elektrisch spieronderzoek (EMG) te doen. Vaak kan tijdens dit onderzoek de diagnose worden vastgesteld.

Operatie

Een recidief carpale tunnel syndroom is met een operatie te behandelen. De operatie vindt meestal plaats in dagverpleging onder plaatselijke verdoving (armverdoving) of algehele verdoving. Het litteken wordt meestal iets uitgebreid tot net voor de polsplooi.

Naast het echte recidief CTS komen er ook problemen voor van verklevingen van de zenuw aan het litteken of de buigpezen. Dat geeft:

  • pijn bij het bewegen van de vingers of het achteroverbuigen van de pols
  • hinderlijke tintelingen of een doof gevoel. Deze klachten zijn dan juist niet 's nachts aanwezig, in tegenstelling tot bij het 'gewone' CTS.

Zijn er verklevingen, dan wordt de zenuw losgemaakt van het litteken. Vervolgens wordt er vetweefsel tussen de zenuw en het litteken gelegd om opnieuw verkleven te voorkomen.

Na de operatie

  • De eerste drie dagen na de operatie draagt u overdag een mitella.
  • Het is belangrijk dat u de vingers gedurende deze periode regelmatig beweegt (strekken en buigen), om te voorkomen dat uw hand stijf wordt.
  • 's Nachts hoeft u de mitella niet te dragen, u kunt uw arm dan op een kussen leggen.
  • Tijdens het douchen kunt u de mitella even afdoen, maar u moet ervoor zorgen dat het verband droog blijft.
  • Na drie dagen mag u zelf het drukverband verwijderen. Op de wond plakt u een pleister.
  • Daarna kunt u de hand en pols weer voorzichtig in toenemende mate onbelast gebruiken.
  • In principe mag u de hand na twee weken weer normaal gebruiken. Of dat ook voor uw werk geldt, bespreekt u met de arts tijdens het eerste kliniekbezoek na de operatie.
  • Zeven tot twaalf dagen na de operatie wordt u verwacht op de kliniek voor wondcontrole en het verwijderen van de hechtingen indien deze niet oplosbaar zijn.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u ze stellen tijdens uw bezoek aan het Hand-polscentrum. U kunt ook bellen.

Isala Hand-polscentrum
t (038) 424 56 36

Bent u door de huisarts doorverwezen naar het Hand-polscentrum of heeft u een vervolgafspraak? Dan bepaalt u voortaan zelf het best passende moment voor de afspraak. Zie ook: zelf afspraak maken.


12 juli 2016 6331 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht