ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Oefeningen voor als u staat

Blijvend bewegen

​U bent opgenomen in het ziekenhuis. Uit onderzoek blijkt dat een ziekenhuisopname vaak meer lichamelijke achteruitgang veroorzaakt dan op basis van uw ziektebeeld te verwachten valt. In deze informatiefolder geven wij informatie over het belang van bewegen tijdens uw opname. Tevens zijn in deze informatiefolder oefeningen opgenomen die u tijdens de opname uit kunt voeren.

Patiënten die in het ziekenhuis zijn opgenomen zijn gemiddeld tot ruim 80 procent van de dag inactief. De inactiviteit kan leiden tot afname van spierkracht, verminderde conditie, functieverlies en bij ouderen mogelijk zelfs tot afname van zelfstandigheid. Slechts na een paar dagen in bed liggen of inactief zijn, verliest u 10 tot 15 procent van uw spiermassa en gaat uw conditie achteruit. Door het verlies van spierkracht en conditie loopt u het risico om na uw opname minder goed in staat te zijn zelfstandig uw dagelijkse activiteiten uit te voeren, zoals wassen en aankleden of naar het toilet gaan.

Om te voorkomen dat uw spierkracht en conditie achteruit gaan is het van belang dat u tijdens de ziekenhuisopname in beweging blijft, op een manier die bij uw niveau en uw aandoening past. Hiervoor hebben wij in deze informatiefolder oefeningen opgenomen die u tijdens de ziekenhuisopname uit kunt voeren. Het is van belang om de oefeningen dagelijks te doen, alleen als uw gezondheid dit toelaat. Zo keert u beter voorbereid en fitter terug naar uw thuissituatie. U kunt zelfs na uw ziekenhuisopname de oefeningen blijven doen.

In deze folder vindt u een oefenprogramma met acht oefeningen die u in de stand moet uitvoeren. Voer nooit een oefening uit waarbij u zich niet veilig voelt of waarvan u niet zeker weet of u deze mag uitvoeren. Heeft u vragen over de oefeningen dan kunt u terecht bij de verpleegkundige op uw afdeling.

Opbouwschema

Hieronder ziet u een voorbeeld voor een opbouwschema om de oefeningen op te bouwen. Is dit schema te licht of juist te zwaar voor u, dan kunt u het schema naar uw niveau aanpassen.

Oefenmoment 1Oefenmoment 2​Oefenmoment 3
DagAdviesAdviesAdvies
11x 10 herhalingen2x 10 herhalingen​3x 10 herhalingen
​2​1x 15 herhalingen​1x 15 herhalingen​1x 15 herhalingen
​3​2x 15 herhalingen​2x 15 herhalingen​2x 15 herhalingen
4​3x 15 herhalingen3x 15 herhalingen​3x 15 herhalingen
​5​2x 20 herhalingen​2x 20 herhalingen​2x 20 herhalingen
​6​3x 20 herhalingen​3x 20 herhalingen​3x 20 herhalingen
​7​3x 20 herhalingen​3x 20 herhalingen​3x 20 herhalingen

 

Oefening 1: Armen voorwaarts heffen

  • Laat uw armen langs uw lichaam hangen. Beweeg beide armen tegelijk rustig voorwaarts omhoog zover u kunt. Beweeg de armen op dezelfde wijze terug naar de beginpositie. Herhaal deze beweging.
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.
  


Oefening 2: Knie heffen

  • Ga bij een stoel of bij de bedrand staan, zodat u zich ergens aan kunt vasthouden. Probeer vervolgens afwisselend de linker- en de rechterknie te heffen tot maximaal heuphoogte. Steun op de handen als dit nodig is om uw balans te houden.
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.
 
   

Oefening 3: Armen zijwaarts heffen

  • Ga rechtop staan en breng één arm zijwaarts omhoog zover als u kunt. Probeer indien mogelijk de arm verder omhoog te bewegen zodat de vingertoppen naar het plafond wijzen. Herhaal deze beweging en wissel dit vervolgens af met de andere arm.
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.
 

Oefening 4: Been naar achteren strekken

  • Ga bij een stoel of bij de bedrand staan, zodat u zich ergens aan kunt vasthouden. Beweeg één been naar achteren en vervolgens weer terug naar de beginpositie. Zorg ervoor dat het bovenlichaam niet naar voren helt, maar dat u het bovenlichaam rechtop houdt. Herhaal deze beweging en wissel dit vervolgens af met het andere been.
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.
   

Oefening 5: Op uw tenen staan

  • Ga bij een stoel of bij de bedrand staan, zodat u zich ergens aan kunt vasthouden. Ga op uw tenen staan en neem vervolgens weer steun op de gehele voet. Herhaal deze beweging
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.


Oefening 6: Bilspieren

  • Ga bij een stoel of bij de bedrand staan, zodat u zich ergens aan kunt vasthouden. Ga op 1 been staan en buig de knie van het andere been. Probeer het gebogen been schuin naar achteren te duwen. Zorg ervoor dat het bovenlichaam niet naar voren helt, maar dat u het bovenlichaam rechtop houdt. Herhaal deze beweging en wissel dit vervolgens af met het andere been.
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.
   

Oefening 7: Ondiepe uitvalspas

  • Ga bij een stoel of bij de bedrand staan, zodat u zich ergens aan kunt vasthouden. Zet de voeten iets uit elkaar en maak nu een pas vooruit. Probeer zo ver u kunt door het voorste been te buigen. Houd hierbij uw bovenlichaam rechtop. Stap terug naar de beginpositie en herhaal deze beweging met het andere been. Door een iets grotere pas te nemen en wat dieper door het been te buigen kunt u de oefening verzwaren (probeer dit langzaam op te bouwen).
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.
 


Oefening 8: Squat

  • Ga rechtop voor een stoel staan en zet de voeten iets uit elkaar. Breng uw armen naar voren, zodat u tijdens de oefening het evenwicht kunt bewaren. Buig nu rustig door de knieën. De beweging die u maakt is alsof u op een stoel wil gaan zitten. Kom weer rechtop staan. Herhaal deze beweging. Probeer de oefening te verzwaren door steeds iets dieper door de knieën te zakken (probeer dit langzaam op te bouwen).
  • Frequentie: 10 herhalingen. Indien mogelijk 3 keer per dag.
   

Ter ontspanning kunt u na het uitvoeren van de oefeningen een korte ademhalingsoefening doen. Ga hiervoor comfortabel zitten. Adem rustig in en adem rustig uit. Herhaal dit een paar keer totdat uw merkt dat de ademhaling rustiger wordt.

Is het niveau te hoog voor u, kies de volgende keer dan voor de workout in de stoel. Was het niveau van de oefeningen te laag voor u? Probeer dan de volgende keer de oefening te verzwaren door in plaats van 10 herhalingen 15 herhalingen uit te voeren.

Naast uw dagelijkse oefeningen is het ook belangrijk regelmatig een stukje te gaan wandelen. Dit kan op uw kamer, op de afdeling of door het ziekenhuis.

Contact

Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze folder, dan kunt u terecht bij de verpleegkundige op uw afdeling.

Voor meertips en informatie over het belang van bewegen tijdens uw opname kunt u terecht bij de informatie folder ‘Blijvend in beweging’.


27 oktober 2017 7423 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht