ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

MRI-onderzoek: dunne darm

Met MRI-onderzoek kunnen afbeeldingen worden gemaakt van het inwendige van de mens. Het onderzoek wordt uitgevoerd om vast te kunnen stellen waardoor lichamelijke klachten worden veroorzaakt.

Binnenkort wordt u verwacht op de afdeling Radiologie (röntgenafdeling) voor een
MRI-scan van de dunne darm.

Wat is een MRI-scan?

MRI staat voor Magnetic Resonance Imaging. De MRI bestaat uit een tunnel en een verschuifbare tafel. Tijdens het onderzoek ligt u op deze verschuifbare tafel. Hoe ver de tafel de tunnel inschuift, is afhankelijk van welk MRI-onderzoek de medisch specialist voor u heeft aangevraagd. De tunnel is aan de voor- en achterkant open.

Magnetische velden en radiogolven

De werking van MRI is niet gebaseerd op röntgenstraling, maar op magnetische velden en radiogolven. Met een sterke magneet en radiogolven worden er in het te onderzoeken lichaamsdeel radiogolven opgewekt. Een antenne vangt de signalen op en de computer zet deze om in beelden. Zo kunnen er doorsneden van het lichaam worden weergegeven. Deze techniek is tot op heden niet schadelijk gebleken.

Net als bij gewone magneten en radiogolven voelt u hier niets van. Wel hoort u tijdens de opnamen een kloppend/tikkend geluid. Het tikkende geluid is niet continu, maar duurt steeds opnieuw enkele minuten, en het verschilt in sterkte en tempo. U krijgt van de laborant een koptelefoon of oordopjes om dit geluid te dempen. Door de koptelefoon of oordopjes kunt u eventueel naar de radio luisteren of een eigen meegenomen cd beluisteren. Deze cd kunt u voor aanvang van het onderzoek aan de laborant geven. U kunt het kloppende/tikkende geluid van de MRI hier beluisteren.

Contrastvloeistof

Bij dit onderzoek maken wij gebruik van contrastvloeistof. Het contrastvloeistof heet Gadolinium en wordt tijdens het onderzoek via een infuus toegediend. Het Gadolinium mengt zich in het bloed en komt zo overal in het lichaam. Gadolinium is een zeer veilig contrastmiddel. U merkt niets van de toediening van dit contrastmiddel. Geeft u borstvoeding? Zie de uitleg hierover onder het kopje 'Borstvoeding'.

Risico’s contrastmiddel (gadolinium) bij MRI-onderzoek

Als de patiënt een MRI scan moet ondergaan, kan er door een infuus een contrastvloeistof worden toegediend. Er is een kleine kans op bijwerkingen en allergische reacties.

Toediening contrastvloeistof via het infuus
Om de contrastvloeistof te kunnen geven moet er een infuusnaald geplaatst worden. Het komt vaak voor dat er een hematoom (blauwe plek) ontstaat, dit is vervelend maar onschuldig. Het komt zelden voor dat de infuusnaald niet goed in het bloedvat zit. Als de infuusnaald niet goed zit tijdens het toedienen van de contrastvloeistof doet dit meteen pijn en kan de arm dik worden. Wat zeer weinig voorkomt is dat een zenuw of spier in de knel komt, dan zal de patiënt naar de eerste hulp gestuurd worden.

Voorbereiding op MRI-onderzoek

Voor een MRI-onderzoek gelden speciale voorzorgsmaatregelen. Deze zijn nodig omdat de MRI-magneet zeer sterk is (10.000 tot 40.000 keer sterker dan het magnetisch veld van de aarde) en zodoende losse metalen voorwerpen met grote snelheid kan aantrekken. Om uw veiligheid te kunnen garanderen gelden daarom onderstaande voorzorgsmaatregelen:

  • Neem geen metalen voorwerpen mee in de MRI-ruimte. Denk hierbij aan sleutels, pennen, metalen munten, brillen, zakmessen, sieraden, horloges, gehoorapparaten, haarspelden, riemgespen, enzovoort.
  • Ook is het verstandig om kledingstukken zonder ritsen of metalen knopen aan te doen, zoals een joggingbroek of een pyjama.
  • Mascara kan metalen deeltjes bevatten. Gebruik daarom geen mascara.
  • Hebt u metalen voorwerpen in uw lichaam, zoals kunstgewrichten, kunstkleppen, metalen clips, neem dan contact op met uw behandelend arts.
  • Metaalbewerkers en lassers hebben soms kleine metaalsplinters in het oog. Deze splinters kunnen het oog beschadigen wanneer ze in het magnetisch veld komen. Meld dit vooraf bij uw behandelend arts.
  • Patiënten met een pacemaker, neurostimulator of een inwendige insulinepomp komen in principe niet voor een MRI-scan in aanmerking. Meld daarom altijd aan uw behandelend arts of uw dergelijke inwendige apparaten hebt.
  • Bij MRI van de buik kan het nodig zijn dat u voorafgaand contrastvloeistof drinkt. Als dit noodzakelijk is, krijgt u dit te horen bij het maken van de MRI-afspraak.
  • Voor sommige MRI-onderzoeken is het nodig dat u voorafgaand aan de MRI nuchter bent of andere dieetvoorschriften opvolgt. Hierover leest u verderop meer.
Let op
Het is belangrijk dat u gedurende het onderzoek stil kunt blijven liggen.

Voorbereiding bij zwangerschap en/of borstvoeding

Bent u zwanger of denkt u zwanger te zijn, neem dan vóór het MRI-onderzoek contact op met uw behandelend arts. Voor zover bekend is, is een MRI-onderzoek niet schadelijk voor het ongeboren kind. Toch wil de radioloog om mogelijke risico’s te vermijden ook graag op de hoogte zijn van een eventuele zwangerschap. Meld daarom ook voorafgaand aan het MRI-onderzoek in de onderzoeksruimte dat u (misschien) zwanger bent.

Bij dit MRI-onderzoek krijgt u via een infuus een contrastmiddel toegediend. Uw lichaam neemt het contrastmiddel op. Het komt daardoor ook in uw moedermelk terecht. Het is daarom verstandig tot 24 uur na het onderzoek geen borstvoeding te geven.

Voorbereiding bij medicijngebruik

Als u een MRI-onderzoek ondergaat, mag u de medicijnen die u gebruikt gewoon blijven innemen met een paar slokken water. Verder moet u voor dit onderzoek nuchter blijven.

Voorbereiding bij claustrofobie

Tijdens het MRI-onderzoek ligt u in een kleine tunnel die aan hoofd- en voeteneinde open is. Als u niet in kleine ruimtes durft, kan dit soms erg moeilijk zijn. Bespreek dit met uw behandelend arts. Hij kan u eventueel een rustgevend middel meegeven. Eventueel kunt u een begeleider meenemen in de onderzoeksruimte. Deze persoon zit dan aan het hoofd- of voeteneinde van de tunnel.

Voorbereiding kinderen

Het is bij een MRI-onderzoek noodzakelijk dat uw kind geruime tijd stil kan liggen. Omdat dit voor baby’s en jonge kinderen niet mogelijk is, vindt het MRI-onderzoek onder volledige verdoving (narcose) plaats. Er wordt dan een dagopname voor uw kind geregeld. De kinderarts of neuroloog heeft dit van tevoren met u besproken.

Wanneer uw kind wel in staat is om tijdens het onderzoek stil te liggen, mag u als begeleider aan het hoofd- of voeteneinde van de tunnel bij uw kind zitten. Tijdens het onderzoek krijgen u en uw kind een koptelefoon of oordopjes om het lawaai van de MRI-scan te dempen. Via deze koptelefoon of oordopjes is er de mogelijkheid om muziek te beluisteren. U mag de favoriete liedjes-cd van uw kind meenemen ter ontspanning.

Gedurende de MRI-scan hoeft uw kind geen taken uit te voeren; hij of zij wordt alleen gevraagd zo stil mogelijk te liggen.

Aanmelden

Op de dag van het onderzoek meldt u zich aan bij een aanmeldzuil in de Centrale hal. Hiervoor heeft u uw identiteitsbewijs (ID, paspoort of rijbewijs) nodig. Als u de stappen van aanmelden heeft doorlopen, verschijnt op het scherm hoe laat en bij welke afdeling u moet zijn. Ook ziet u op het scherm of er een wachttijd is bij het spreekuur. Alle afspraakgegevens worden geprint op uw afsprakenticket.

Voor dit onderzoek moet u vijf kwartier van te voren aanwezig zijn op de afdeling. Daar aangekomen houdt u uw afsprakenticket opnieuw voor een aanmeldzuil. Op het scherm verschijnt in welke wachtruimte u plaats kunt nemen.

Verloop van het onderzoek

De radiodiagnostisch laborant brengt u (van de wachtruimte) naar een kleedkamer. Hier kunt uw kledingstukken die metaal bevatten en uw sieraden achterlaten. In de onderzoeksruimte krijgt u van de laborant eerst een uitleg over het verloop van het onderzoek. Vervolgens gaat u op een dunne matras in de verlichte tunnel liggen.

U krijgt een koptelefoon of oordopjes om het kloppende geluid van de MRI-scan te dempen. Ook krijgt u een alarmbel mee; tijdens het onderzoek kunt u daarmee in geval van nood contact hebben met de laborant. Tijdens het gehele onderzoek kan de laborant u zien.

Het is belangrijk dat u zo stil mogelijk blijft liggen, omdat het onderzoek anders mislukt. De tijd die nodig is voor het maken van een opname, kan variëren van een paar seconden tot ongeveer tien minuten. Er worden meerdere opnamen gemaakt gedurende het onderzoek.

MRI van de dunne darm

Voor het MRI-onderzoek van de dunne darm (MR-enteroclyse) moet u nuchter zijn. Dit betekent dat u vanaf 24.00 uur in de nacht vóór het onderzoek niets meer mag eten of drinken. Nadat u zich gemeld heeft voor het onderzoek, krijgt u van de laborant een vloeistof te drinken zodat de dunne darm voor het MRI-onderzoek gevuld is. De vloeistof bestaat uit Johannesbroodpitmeel, Mannitol (een hypertone vloeistof) en water.  

Gedurende de vijf kwartier voor het onderzoek, is het de bedoeling dat u zo veel mogelijk van deze vloeistof opdrinkt. Vóór het onderzoek krijgt u nog de gelegenheid om naar het toilet te gaan.

Voorafgaand aan het onderzoek krijgt u een infuusnaald ingebracht. Hierna gaat u op de buik op de onderzoekstafel liggen met een band om de buik heen. U krijgt een koptelefoon of oordopjes en een alarmbelletje in uw hand. De laborant praat tijdens het onderzoek met u via de koptelefoon. Hij of zij zal u telkens vragen om gedurende ongeveer vijftien seconden de adem in te houden. Hierover krijgt u duidelijke instructies. 
Tijdens het onderzoek krijgt u via het infuus Buscopan, een injectievloeistof dat de darmbewegingen tijdelijk opheft. Ook krijgt u een contrastvloeistof in de bloedbaan toegediend. Het medicijn Buscopan kan niet gebruikt worden als u glaucoom heeft, ook wel bekend als groene staar. Mocht u dit hebben, meldt dit bij de laborant vóór het onderzoek. 

Het onderzoek duurt ongeveer 35 minuten; dit betekent dat u gedurende 35 minuten stil moet blijven liggen. Na het onderzoek wordt het infuus uit uw arm verwijderd. U mag na het onderzoek alles weer eten en drinken.

Na het onderzoek

Als het onderzoek klaar is, haalt de laborant u uit de tunnel. Alle op u aangebrachte onderdelen worden verwijderd. Mocht u op dat moment nog ongemakken ondervinden van het onderzoek, kunt u dit aangeven bij de laborant. Als het nodig is, kan er dan nog even overlegd worden met de radioloog.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Tijdens de behandeling met Buscopan injectievloeistof kunt u last krijgen van wazig zien (accommodatiestoornissen) of duizeligheid. Wees voorzichtig totdat u weet hoe u op de Buscopan injectievloeistof reageert. Als u last krijgt van wazig zien of duizeligheid moet u geen motorvoertuig besturen of machines bedienen.

Rijvaardigheid en het gebruik van machines

Er zijn geen gegevens bekend over het effect van contrastmiddel op de rijvaardigheid. Als u zich echter na het onderzoek onwel voelt, moet u geen voertuigen besturen en/of machines gaan bedienen.

In de loop van de dag kunt u wel diarree, gecombineerd met buikkrampen krijgen van de vloeistof die u heeft gedronken. In de vloeistof zit een middel (Mannitol) dat extra vocht aan uw lichaam onttrekt voor extra goede darmvulling. Dit veroorzaakt de diarree in de loop van de dag.
Het is daarbij verstandig om de rest van de dag extra te drinken om de vochtbalans in uw lichaam weer goed op peil te houden.

Uitslag MRI-onderzoek

De beelden die tijdens het MRI-onderzoek zijn gemaakt, worden bekeken en beoordeeld door de radioloog. De radioloog maakt een verslag van het onderzoek. De arts die de MRI-scan voor u heeft aangevraagd, ontvangt de onderzoeksuitslag. U krijgt van hem of haar de uitslag, ofwel telefonisch ofwel tijdens het volgende polikliniekbezoek (afhankelijk van wat u met deze arts hebt afgesproken).

De radiodiagnostisch laborant die bij u het onderzoek heeft uitgevoerd, mag u niets over de uitkomsten van het onderzoek meedelen. Om te voorkomen dat u een verkeerde of onvolledige uitslag krijgt, doen de laboranten daarom geen uitspraken over het verloop en de uitslag van het onderzoek.

Afspraak maken of verzetten

Voor een afspraak voor een MRI hebt u een verwijzing van uw huisarts of medisch specialist nodig. Als u een gemaakte afspraak niet kunt nakomen, belt u dan zo spoedig mogelijk met ons secretariaat om uw afspraak af te zeggen. U kunt dan meteen een nieuwe afspraak maken en wij kunnen in uw plaats een andere patiënt helpen.

Tot slot

De informatie-uitwisseling tussen arts en patiënt is wettelijk geregeld in de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO). Dat betekent onder meer dat de zorgverlener – in dit geval dus de afdeling Radiologie – u in begrijpelijke taal moet informeren over de aard en het doel van een onderzoek, en over de gevolgen of de eventuele risico’s ervan. Mocht u behoefte hebben aan meer informatie, dan kunt u te allen tijde terecht bij de medewerkers van de afdeling Radiologie. De radioloog en/of laborant vertellen tijdens het onderzoek steeds wat er gaat gebeuren. U kunt aan hen ook vragen stellen, vooraf en na afloop.

Contact

Mocht u behoefte hebben aan meer informatie, dan kunt u contact opnemen met het secretariaat van de afdeling Radiologie, via telefoonnummer (038) 424 28 82. De afdeling is op werkdagen bereikbaar van 8.00 tot 17.00 uur.

Heeft u binnenkort een afspraak? Dan vindt u tijd en plaats waar u verwacht wordt in uw afspraakbevestiging.


18 januari 2017 7952 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht