ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Aspecifieke lage rugklachten

Rugklachten komen veel voor. In verreweg de meeste gevallen wordt er geen lichamelijke oorzaak gevonden: er is dan sprake van aspecifieke lage rugpijn. In Isala kunt u terecht met uiteenlopende wervelkolomklachten. Juist omdat deze klachten vaak complex zijn, verdienen zij een gespecialiseerde behandeling. In deze folder leest u over de mogelijkheden van een behandeling en wat u kunt doen om rugklachten zoveel mogelijk te voorkomen.

Lage rugpijn komt in de huisartsenpraktijk bij 36 van de 1000 patiënten per jaar voor. Bij 9 van deze 1000 patiënten is er ook sprake van uitstraling naar één of beide benen. Lage rugklachten komen vaker voor bij mensen tussen de 45 tot 64 jaar, maar weer minder vaak in de oudere leeftijdsklassen. Rugklachten komen vrijwel even vaak voor bij mannen als bij vrouwen. Aspecifieke lage rugpijn treedt geregeld op tijdens een zwangerschap.

Oorzaak

Bij aspecifieke lage rugpijn is het niet duidelijk waar de pijn vandaan komt. Wel speelt vaak een verstoorde balans tussen belasting (de krachten op de rug) en belastbaarheid (wat iemand geestelijk en lichamelijk aan kan) mee. Soms is er wel een specifieke oorzaak aan te wijzen: een afschuiving van de wervels ten opzichte van elkaar, een beknelde zenuw, een infectie of een wervelbreuk. Ook kan een onbewuste angst voor bewegen een rol spelen.

Diagnose

Omdat klachten in de rug verschillende oorzaken kunnen hebben, werkt het Isala Rugteam binnen de Rugpolikliniek nauw samen met een pijnspecialist, revalidatiearts, gespecialiseerde fysiotherapeut en eventueel een medisch psycholoog. Tijdens uw bezoek aan de polikliniek wordt u gelijktijdig gezien door een orthopedisch chirurg en fysiotherapeut. Zij beoordelen samen uw klachten, zodat u in relatief korte tijd weet waar u aan toe bent.

Vervolgens besluiten zij samen met u, wat het beste behandeltraject is. Het komt regelmatig voor dat een operatie niet de juiste keuze is, maar dat klachten met gerichte, gespecialiseerde fysiotherapie verminderd kunnen worden.

Om de juiste diagnose te stellen, is uw verhaal, de anamnese, van groot belang. Evenals uw eventuele klachten in de afgelopen jaren. Daarnaast is een lichamelijk onderzoek belangrijk voor het stellen van de diagnose. Eventueel vindt vervolgens beeldvorming plaats: röntgenfoto’s en in sommige gevallen een aanvullende MRI-, CT- of botscan. Als een verdere neurologische analyse noodzakelijk is, wordt u doorverwezen naar een neuroloog.

Wanneer is behandeling nodig?

Het feit dat de oorzaak bij aspecifieke lage rugpijn lastig vast te stellen is, betekent niet dat u geen pijn voelt of dat er sprake is van verbeelding. Artsen maken in het verloop van de klachten een indeling in drie fasen:

  • acute klachten: tot zes weken
  • subacute klachten: tussen de zes en twaalf weken
  • chronische klachten: na twaalf weken.

Acute klachten verdwijnen meestal vanzelf binnen zes weken of worden aanzienlijk minder. De kans op terugkeer van de lage rugpijn is echter groot. Chronische klachten, waar na twaalf weken sprake van is, zijn veel moeilijker te behandelen.

Behandelingsmogelijkheden

Bij acute klachten

Bij acute lage rugpijn moet u uw activiteiten tijdelijk verminderen, maar u moet wel in beweging blijven. Als u veel pijn heeft, kan uw arts een pijnstiller of ontstekingsremmer voorschrijven. Bedrust is meestal niet nodig: het kan zelfs uw herstel vertragen. Alleen als u niet anders kunt, blijft u één of twee dagen op bed liggen. Langzaamaan kunt u weer meer gaan bewegen en sporten. Probeer zo snel mogelijk weer aan het werk te gaan. Het is niet nodig om te wachten tot alle pijn is verdwenen. Behandeling (door arts of fysiotherapeut) is meestal niet nodig. Uw arts kan u meer informatie geven.

Bij chronische klachten

Wanneer de klachten chronisch dreigen te worden, kijkt uw arts niet alleen naar lichamelijke afwijkingen. Hij kan ook informeren of u wellicht zorgen heeft, rouwt, last van depressies of angst voor bewegen heeft. Deze factoren kunnen een rol spelen bij rugklachten. Uw arts zal u uitleg en advies geven. Het is vooral belangrijk dat u beweegt, ook al heeft u pijn. U moet leren omgaan met de pijn en de beperkingen. In overleg met uw arts kunt u uw activiteiten geleidelijk uitbouwen. Eventuele restpijn kan geen kwaad en maakt uw rug niet slechter.

Behandelingsmogelijkheden zijn onder andere oefentherapie, manipulatie of rugscholing. Ook kunt u doorverwezen worden naar het Rugnetwerk. Andere opties zijn het volgen van een revalidatietraject via de revalidatiearts, een verwijzing naar de Pijnpoli, waar pijnspecialisten zich richten op de pijnprikkel die verantwoordelijk kan zijn voor de chronische pijnklacht.

Prognose

De prognose van aspecifieke lage rugpijn is goed, in de meeste gevallen nemen pijn en hinder bij behandeling snel af. Aspecifieke lage rugpijn komt echter in gemiddeld driekwart van de gevallen binnen een jaar terug.

Leefregels

U kunt (de terugkeer van uw) rugklachten zelf zoveel mogelijk voorkomen door ervoor te zorgen dat:

  • U een goede conditie heeft, door oefeningen te doen of te sporten.
  • U een gezond lichaamsgewicht heeft.
  • U lichamelijk en geestelijk in balans bent.
  • U tijdig signaleert als u het lichamelijk of geestelijk teveel wordt.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle, Kampen of Heerde

Orthopedie
(038) 424 56 56 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.


31 augustus 2017 8054 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht