ISALA

Weergave

Om u de beste leesbaarheid te bieden, kunt u hier het lettertype en de achtergrondkleur naar wens aanpassen.

Lettertype


Achtergrond

Stijve grote teen (hallux rigidus)

​Een stijve grote teen wordt vaak veroorzaakt door slijtage/atrose. In deze folder leest u meer over de behandeling van een stijve grote teen, met en zonder operatie.

Een stijve grote teen wordt vaak veroorzaakt door slijtage/atrose. Het laagje kraakbeen tussen het basisgewricht van de grote teen wordt dunner en verdwijnt (gedeeltelijk). Meestal is er geen duidelijke oorzaak aan te wijzen voor het ontstaan van de slijtage. Soms is er wel een verklaring: een ongeval lang(er) geleden, reuma, jicht, verlammingen of een eerdere operatie.

Klachten

Meestal komt u met een stijve grote teen naar het ziekenhuis omdat de teen veel pijn geeft. Die pijn wordt veroorzaakt door het gemis van kraakbeen. Door de pijn gaat u de teen minder bewegen. Daarnaast probeert het lichaam het pijnlijke gewricht af te kapselen door extra bot te vormen, waardoor u de teen nog minder kan bewegen. Met name het omhoog bewegen (strekken) van de grote teen is beperkt. U kunt uw voet daardoor niet goed meer afwikkelen, waardoor lopen door de combinatie van pijn en stijfheid steeds lastiger gaat. Dit kan u tijdens uw werk, sport en in het dagelijks leven ernstig beperken.

Onderzoek

Om een stijve grote teen vast te stellen stelt de orthopeed u vragen, luistert hij naar uw klachten en doet lichamelijk onderzoek om de gevoeligheid en beperkte beweeglijkheid van het gewricht vast te stellen. Ook kan het extra aangegroeide bot gevoeld worden. Een röntgenfoto kan nodig zijn om te bepalen hoe ernstig de slijtage is. Hoeveel klachten u heeft en hoe ernstig de afwijking is, bepaalt welke behandeling voor u het meest geschikt is. Meestal wordt begonnen met het aanpassen van de schoen, maar soms is een operatie direct de beste optie.

Niet opereren

In de meeste gevallen wordt eerst een schoenadvies gegeven en kunnen aanvullend steunzolen de voet meer comfort bieden.

Schoenadvies

Door voor een steviger schoen te kiezen met een stijve loopzool, wikkelt de voet beter af en wordt de loopbeweging makkelijker waardoor u minder pijn heeft.

Aangepaste schoen

Helpt dit onvoldoende dan kan onder een schoen een afwikkelbalk worden aangebracht. U kunt hiervoor terecht bij een orthopedisch schoenmaker of in een gespecialiseerde schoenwinkel. 

Operatie

Er zijn verschillende methoden voor een chirurgische correctie van een stijve grote teen. Afhankelijk van de ernst van de afwijking kiest de orthopeed in overleg met u voor een bepaalde operatiemethode.
De volgende operaties worden uitgevoerd (oplopend in ernst van de pijn en beperking in de beweeglijkheid):

  • Cheilectomie: tijdens deze operatie wordt het gewricht ontdaan van botuitsteeksels zodat het gewricht beter kan bewegen (dit wordt “schoonmaken” genoemd).
  • Correctie-osteotomieën: tijdens deze operatie worden botten verplaatst rondom het gewricht waardoor er minder druk op het gewricht komt te staan. Deze operatie vindt bijna altijd plaats in combinatie met een cheilectomie.
  • Artrodese van het MTP-1-gewricht: tijdens deze operatie wordt het gewricht van kraakbeen ontdaan en vastgezet met een plaat en/of schroeven. Dit filmpje laat zien wat de operatie inhoudt.
  • Prothese: In Isala plaatsen we geen prothese bij een stijve grote teen. Naar onze mening zijn de resultaten van deze ingreep slechter dan van een artrodese.

Na de operatie

Zorg dat u op de dag van de operatie twee elleboogkrukken meeneemt naar het ziekenhuis. Na de operatie komt de orthopedisch chirurg bij u langs op zaal. Hij bekijkt of u dezelfde dag of de volgende dag naar huis kan.

Na een cheilectomie moet u gedurende 1 tot 2 weken een voorvoetontlastende schoen (hakschoen) dragen. Het voordeel is dat de schoen uit kan als u niet loopt. Binnen 1 week mag u al starten met oefeningen om het gewricht snel op gang te helpen. Als er ook een osteotomie wordt uitgevoerd moet u de hakschoen ongeveer 4 tot 5 weken dragen.

Na een artrodese moet u uw teen 6 weken rust geven door het dragen van de hakschoen. Soms is ook tijdelijk gips nodig.

Risico’s van de operatie (complicaties)

Algemene complicaties

  • Infectie: een infectie is helaas mogelijk bij elke operatie. Gelukkig komt een infectie na een operatie aan een stijve grote teen niet vaak voor, maar als het gebeurt kan operatief spoelen noodzakelijk zijn.
  • Trombose: verstopping van een ader doordat het been minder beweegt. Het wel of niet geven van bloedverdunners is een lastige afweging omdat bloedverdunners ook risico’s (bloeding) met zich mee kunnen brengen.
  • Doofheid rondom het litteken: door de huidsnede worden de huidzenuwen beschadigd. Dit geeft een doof gevoel in een gedeelte van de huid rondom de operatiewond. Meestal verdwijnen deze klachten in de loop van de tijd vanzelf. Soms zijn ze echter blijvend.
  • CRPS (dystrofie): dit is een ontregeling van de balans in de voet door de operatie wat zich kan uiten in diverse klachten zoals pijn, zwelling, verkleuring, temperatuursveranderingen, plaatselijk meer zweten of meer haargroei. Bij verdenking op CRPS (complex regionaal pijn syndroom) wordt u naar de (pijn)poli van de anesthesie (narcotiseur) of revalidatiearts verwezen: zij zijn hierin gespecialiseerd.

Complicaties correctie grote teen

  • Botten groeien vast maar niet in juiste stand: dit is een erg vervelende complicatie. Als de teen blijft zweven, te diep staat of afstaat, kan dit het lopen ernstig belemmeren. Dit kan een reden tot heroperatie zijn.
  • Bot groeit niet vast (non-union, pseudo-artrose): gelukkig komt deze complicatie zelden voor. Groeit het bot onverhoopt niet goed vast, dan is dit reden tot een heroperatie.
  • Last van metalen schroeven/plaatje: omdat de implantaten vrijwel direct onder de huid liggen – er ligt geen spier of vetweefsel overheen dat als stootkussen kan dienen - kunt u last krijgen van het materiaal. Als dat het geval is, kan in overleg met de orthopeed gekeken worden of het materiaal operatief verwijderd kan worden. Uiteraard moet een röntgenfoto dan wel aantonen dat het bot goed is vastgegroeid.

Stoppen met roken

Het is bekend dat voetoperaties bij rokers aanzienlijk vaker problemen geven met wondinfecties en niet goed vastgroeien van de botten dan bij niet-rokers. Wij raden u dan ook sterk aan om het roken te staken vanaf 4 weken voor de geplande operatiedatum, in ieder geval tot dat de röntgenfoto laat zien dat de botten aan elkaar gegroeid zijn. Door te stoppen met roken wordt de kans op wondgenezingstoornissen na een voetoperatie duidelijk minder.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle, Kampen of Heerde

Orthopedie
(038) 424 56 56 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Meppel of Steenwijk

Orthopedie
(0522) 23 32 41 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.


31 augustus 2017 8119 Nee Nee

Stuur door

Door onderstaande invulvelden in te vullen, stuurt u deze informatie gemakkelijk door.
Aan emailadres*
   
Uw naam Uw emailadres*
   
Bericht