Contact
  1. 30 jaar Hartzorg: ‘De zorg is veiliger geworden’
Punt Coronavirus (COVID-19) Bent u patiënt, begeleider of bezoeker? Hier vindt u belangrijke informatie over uw bezoek aan Isala.

30 jaar Hartzorg | De ziektebeelden in Isala Hartcentrum zijn nog hetzelfde, maar de afgelopen dertig jaar is er veel veranderd in de zorg en behandelmogelijkheden. ‘Zo zien wij steeds oudere patiënten’, vertellen verpleegkundigen Diny Prins en Jeanette van der Linde. Beiden werkten al bij Isala toen in voormalig ziekenhuis de Weezenlanden de eerste patiënt aan zijn hart werd geopereerd.

Diny Prins (boven) en Jeanette van der Linde (onder)

Eerste openhartoperatie

‘Ik ben in 1987 begonnen bij Isala’, vertelt Jeanette. ‘Het ziekenhuis was toen volop in voorbereiding voor de eerste openhartoperatie die in januari 1988 zou gaan plaatsvinden. Naast mij kwamen er nog meer nieuwe verpleegkundigen maar ook twee thoraxchirurgen en perfusionisten. Bovendien moest er gebouwd worden.’ Diny: ‘Inderdaad. Er kwam een operatiekamer bij en een IC speciaal voor patiënten die een thoraxoperatie hadden gehad. Om openhartoperaties te mogen doen, was het een voorwaarde dat alle cardiologie patiënten naar het Weezenlanden ziekenhuis gingen. Neurochirurgie werd juist geconcentreerd in het Sophia ziekenhuis.’

Contact met patiënten

‘Ik was blij dat ik werd aangenomen in Zwolle’, herinnert Jeanette zich. ‘Ik werkte als IC-verpleegkundige in het Diaconessenhuis in Utrecht, maar dan heb je de zorg over patiënten die eigenlijk altijd buiten kennis zijn. Terwijl ik juist graag weer contact wilde met patiënten. In Zwolle was het de bedoeling dat tijdens iedere dienst een IC-verpleegkundige of Cardiac Care-verpleegkundige aanwezig was op de verpleegafdeling Thoraxchirurgie. En dat was voor mij een mooie kans om weer terug naar Zwolle te gaan.’ Diny werd in Zwolle opgeleid tot IC/Cardiac Care-verpleegkundige. ‘Dat was al in 1978. Eerst werkte ik zowel op de IC als op de CCU (afdeling hartbewaking). Maar met de komst van hartchirurgie mochten wij niet meer rouleren. Mijn voorkeur ging toen uit naar de CCU. Mijn A-opleiding volgde ik in het ziekenhuis in Hardenberg. Ik heb nog overwogen om de opleiding tot verloskundige te doen. Maar dan zou ik niet meteen geld verdienen en met een opleiding in het ziekenhuis wel.’

Dubbel check

Diny en Jeanette zijn altijd hun afdeling trouw gebleven. ‘Inderdaad, nu je het zegt. Ik houd wel van vastigheid’, zegt Jeanette. ‘En er was altijd veel mogelijk. Toen mijn kinderen nog klein waren heb ik bijvoorbeeld een tijdje minder uren gewerkt. Ik weet nog dat ik dan terugkwam van mijn zwangerschapsverlof en de map erbij pakte waar de bijzonderheden instonden. Ik was binnen tien minuten klaar! Dat kun je je nu niet meer voorstellen.’ Diny: ‘Er is steeds meer bij gekomen in ons werk. Bijvoorbeeld het scoren op pijn en decubitus. Vroeger waren er maar twee computers op de afdeling, nu sta je met een computer aan bed en moet je alles invoeren. Ook hadden wij nog geen mail, dat scheelt echt veel tijd.’ ‘De zorg is wel veiliger geworden de afgelopen jaren’, vinden Jeannette en Diny. ‘Wij letten er bijvoorbeeld veel beter op of de patiënt risico heeft op vallen. En de dubbel check bij medicatie natuurlijk.’

Goed eten en weer snel uit bed

Diny: ‘Als ik het vergelijk met toen ik begon, kan er nu zo veel meer in de behandeling van hartpatiënten. Bovendien zijn de infarcten minder groot omdat wij er eerder bij zijn. In de ambulance wordt al medicatie gegeven en een team op de hartkatheterisatiekamer staat klaar zodra de ambulance binnenkomt. Daarnaast letten wij er nu veel beter op dat patiënten goed eten en zo snel mogelijk weer uit bed gaan na een operatie.’ ‘Ik weet nog dat ik tegen patiënten zei: “eten is niet zo belangrijk, als u maar drinkt”’, vertelt Jeannette. ‘Ongelooflijk toch, eten is juist belangrijk en dat stimuleer ik dan ook altijd.’

Rollator

Wat echt een groot verschil is tussen vroeger en nu is de leeftijd van patiënten. Diny: ‘Dankzij de TAVI-behandeling hoeft een aortaklep bijvoorbeeld niet meer via een openhartoperatie worden vervangen maar kan nu via de liesslagader.’ Jeanette: ‘Patiënten van 65 jaar en ouder zien wij voor de operatie eerst in het Predocs spreekuur. Dankzij dit gesprek voorafgaand aan de ingreep, kunnen wij goed voorspellen hoeveel risico iemand loopt op een bepaalde complicatie. Vervolgens adviseren wij de patiënt wat hij zelf kan doen om dat risico zo klein mogelijk te houden. Laatst kwam er een oudere man met zijn dochter op het spreekuur. Hij zou met behulp van een TAVI-operatie een nieuwe aortaklep krijgen. Waarom wilde deze man zich nog laten opereren, vroeg ik mij af. Wat blijkt, zijn vrouw woont in een verpleeghuis en hij in een aanleunwoning. Door zijn hartproblemen kon hij niet meer bij zijn vrouw op bezoek. Hij was daar te kortademig voor. Wij hebben hem geadviseerd goed te blijven eten en te oefenen met de uniflow (red. hulpmiddel om diep te kunnen ademhalen zodat de longen mooi ontvouwen). Zijn dochter had alle regels op papier gezet en hij hield zich er keurig aan. Al snel liep hij na zijn operatie weer met zijn rollator over de afdeling.’

Respect voor de patiënt

Diny en Jeanette volgden beide de in-service opleiding. ‘Een groot verschil met de huidige opleiding is dat wij alle afdelingen zagen. Nu lopen verpleegkundigen op één afdeling stage. Maar hun theoretische kennis is wel veel uitgebreider.’ Regelmatig hebben Diny en Jeanette een leerling onder hun hoede. Jeanette: ‘Ik vraag hen ook altijd om naar mijn functioneren te kijken. En als zij iets weten wat handiger is, hoor ik dat natuurlijk ook graag. Wat ik hen altijd meegeef, is respect voor de (oudere) patiënt. Het is de toon die de muziek maakt. Als een 20-jarige tegen een patiënt zegt “u moet uit bed” dan kan dat soms slecht en raar overkomen. De patiënt kan je oma of opa zijn. Ga in gesprek met je patiënt en leg het rustig uit waarom uit bed gaan zo belangrijk is.’