Contact
  1. Geestelijke ziektes zijn geen vorm van slapheid

Stel je bent zestig en krijgt een aandoening aan het hart. Vervelend maar kan gebeuren vindt iedereen. Is de diagnose een depressie, dan vinden veel mensen dat raar, ongrijpbaar.

Psychiater Marc van der Loos

Stigma

Psychiater Marc van der Loos: ‘Bij somatische ziekten is er geen moreel oordeel wat vaak en onterecht in de psychiatrie wel gebeurt. Voor mijn patiënten vind ik het stigma dat geestelijke ziektes een vorm van slapheid zouden zijn heel vervelend. Ik illustreer het wel eens als volgt. Stel je bent verdrietig, dan kan het bezoek van je kleinkinderen je opvrolijken. Bij een depressie gaan de kleinkinderen na een kwartiertje weer weg omdat je het gewoon niet aan kan.’

Levensverhalen

Marc is één van de vijf psychiaters op de Medische Psychiatrische Unit (MPU) van Isala. Op deze afdeling worden patiënten opgenomen die naast een lichamelijke aandoening ook een psychische aandoening hebben. Marc: ‘Aan de ene kant dus een gespecialiseerde afdeling, aan de andere kant dus juist niet omdat mensen hele verschillende lichamelijke en geestelijke aandoeningen kunnen hebben. Psychiatrie vinden mensen vaak eng omdat het iets in je hoofd is, in je hersenen. Daardoor ben je jezelf niet. Dat is ook eng, voor jezelf en ook voor je naasten. Ik ben psychiater geworden omdat ik levensverhalen van mensen mooi vind. Wat voor problemen komt iemand tegen? Welke tegenslagen worden overwonnen? In mijn vak heb je de tijd om die verhalen te horen. Daarnaast vind ik het enorm belangrijk om niet alleen naar de aandoening te kijken, maar ook naar hoe iemand leeft. Wat is zijn context?’ 

Een onmogelijke keuze

Een psychiater kan psychotherapie voorstellen, medicatie of een combinatie van beiden. Marc: ‘Je weet nooit precies welke medicijnen gaan helpen. Een longontsteking bestrijd je met antibiotica, dat is duidelijk. Maar wat helpt het best bij een depressie? En wat bij psychoses?  Met mijn patiënten heb ik het over kansen en beslissen wij samen wat wij gaan proberen. Neem bijvoorbeeld lithium. Dit middel werkt goed bij patiënten met manische depressies. Maar het middel kan ook je nierfunctie verminderen. Stel het helpt je goed tegen de depressies, maar de nefroloog voorziet dat je aan de dialyse moet als je doorgaat met lithium…Dat is een onmogelijk keus die wel gemaakt moet worden. Een behandeling die wij ook geven, is elektroconvulsietherapie.(ECT) Klinkt ouderwets, maar is enorm effectief. Het gebeurt onder narcose op de verkoever. Met behulp van een elektrische stroompje  wordt een epileptisch insult opgewekt. De behandeling doe je in een bepaalde periode een aantal keer. Veel patiënten zie ik enorm opknappen. Van een matig verzorgd hoopje mens dat vooral op zichzelf gericht was, naar een vrolijke creatieve persoonlijkheid die ook weer omkijkt naar andere mensen. Het is geweldig als je ziet dat een behandeling aanslaat.’

Eindelijk rust

Soms lukt het niet om beter te worden. Patiënten vragen bijvoorbeeld om euthanasie via de Levenseindekliniek of proberen op een andere manier uit het leven te stappen. Gemiddeld suïcideren zich in Nederland vijf mensen per dag.  Marc: ‘Als de poging niet lukt, worden mensen binnengebracht op de Spoedeisende hulp van een ziekenhuis. Ik denk dat dit bij Isala zo’n één a twee keer per dag gebeurt. Zodra iemand stabiel is, wordt daar altijd een psychiater bij geroepen. Voor mij is het een normaal onderdeel van mijn werk geworden. Je vraagt wat de aanleiding was en hoe is  het gegaan? Is iemand gevonden of heeft iemand zelf de ambulance gebeld?  Was er een afscheidsbrief? En afhankelijk hoe iemand er aan toe is, gaat hij naar huis, naar de GGZ, naar de AOA, naar de IC of wij nemen hem of haar op. De keren dat het patiënten is gelukt, blijft mij eigenlijk altijd bij. Soms denk je: nu heeft iemand eindelijk rust. Er was geen uitweg meer. De andere keer vraag je je af; was er geen andere uitweg?

Afscheid nemen

In de twintig jaar dat Marc bij Isala werkt, zijn vele patiënten hem bijgebleven. ‘Ik herinner mij een vrouw die palliatief werd behandeld voor kanker. Zij zou sterven. Maar ze was ook erg psychotisch en depressief.  Zij kon geen contact meer maken met haar familie en vrienden. Wij hebben haar toen behandeld met ECT. Ze knapte op, de depressie verdween. Daardoor heeft zij nog afscheid kunnen nemen van iedereen die haar lief was. Misschien kinkt het raar om die behandeling nog te doen vlak voordat iemand sterft, maar ik heb er geen spijt van. Zijzelf en haar familie waren er ook erg blij mee.’

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.