Contact
  1. 5003-Ontslaginformatie Behandelcentrum: Kleine gynaecologische ingreep sedatie narcose

U onderging een kleine gynaecologische  ingreep, _______________________, in het Behandelcentrum van Isala. Hier vindt u adviezen voor thuis die u helpen goed van de operatie te herstellen. Een verpleegkundige kruist tijdens een persoonlijk gesprek aan welke adviezen voor u belangrijk zijn.

Voeding

  • Als u onder narcose bent geopereerd, raden wij aan te beginnen met kleine hoeveelheden licht verteerbaar voedsel en drinken. Gaat dit goed, dan kunt u weer uw eigen voedingspatroon hervatten.

Activiteiten

  • Door de narcose kunt u tijdelijk minder snel reageren. Daarom mag u niet zelf naar huis rijden en moet iemand u begeleiden bij het naar huis gaan. Om dezelfde reden mag u die dag geen gevaarlijke machines bedienen en geen belangrijke beslissingen nemen.
  • De eerste 24 uur na de operatie moet u het thuis rustig aandoen.
  • Afhankelijk van hoe u zich voelt, kunt u na de eerste 24 uur uw activiteiten uitbreiden tot wat u gewend bent en eventueel uw werk hervatten.

Wondverzorging

  • Als u hechtingen heeft, lossen deze tussen tien en veertien dagen vanzelf op. Gebeurt dit niet of heeft u er veel last van, dan kan uw huisarts deze verwijderen; dit mag na vijf dagen.
  • Zie verder bij de ingreep die u onderging en is aangekruist.

Pijnbestrijding

  • Afhankelijk van uw pijnklachten kunt u paracetamol nemen.
  • U mag maximaal vier keer per dag twee tabletten van 500 mg innemen. We adviseren u de paracetamol op vaste tijden in te nemen.
  • Bij onvoldoende effect: paracetamol 1000 mg, iedere zes uur samen met één tablet ibuprofen 400 mg innemen. Deze combinatie mag u maximaal drie dagen gebruiken.

Antistolling (indien van toepassing)

  • Ascal: hier mag u de dag na behandeling weer mee starten.
  • Sintromitis (acenocoumarol): dag van behandeling voorgeschreven dosering hervatten.

Complicaties

Neem contact op met het ziekenhuis wanneer er problemen zijn na de ingreep:

  • erge buikpijn direct na de ingreep;
  • koorts (boven 38,5 graden);
  • overmatig vaginaal bloedverlies of riekende afscheiding;
  • nabloeden / lekkage van de wond.

Extra informatie (per ingreep)

Let op
Alleen de aangekruiste ingreep is voor u van toepassing.

Bartholinische cyste / condylomata (vaginale wratjes)

  • U mag geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken totdat de wond goed genezen is (één tot twee weken).
  • Baden en zwemmen is niet toegestaan totdat de wond goed genezen is (één tot twee weken).
  • Douchen is altijd toegestaan.
  • Goede toilethygiëne is van belang. Na gebruik van toilet de wond naspoelen met kraanwater en
    droogdeppen, totdat de wond goed genezen is (één tot twee weken).

Conisatie / lisexcisie (operatie aan de baarmoedermond)

  • U mag geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken zolang u vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep heeft.
  • Baden en zwemmen zijn niet toegestaan zolang er sprake is van vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep.
  • Douchen is altijd toegestaan.
  • U krijgt een belafspraak mee voor de uitslag van het weefselonderzoek.
  • Eén week vaginaal bloedverlies is normaal. U moet contact opnemen als er sprake is van hevig bloedverlies (meer dan een menstruatie). Meerdere weken een waterige vaginale afscheiding is normaal.

Curettage

  • U mag geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken zolang u vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep heeft.
  • Baden en zwemmen zijn niet toegestaan zolang er sprake is van vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep. 
  • Douchen is altijd toegestaan
  • Eén week vaginaal bloedverlies is normaal. U moet contact opnemen als er sprake is van hevig bloedverlies (meer dan een menstruatie).
  • U moet ook contact opnemen bij buikpijn die langer dan twee dagen na de curettage aanhoudt en/of heviger wordt.

Kleine ingreep aan de schede of schedeopening (ingreep vulva of introïtusplastiek)

  • De eerste vier weken na de ingreep mag u geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken.
  • Goede toilethygiëne is belangrijk. Na gebruik van toilet de wond naspoelen met kraanwater en droogdeppen, totdat de wond goed is genezen (één tot twee weken).
  • Baden en zwemmen zijn niet toegestaan in de eerste twee weken na de ingreep.
  • Douchen is altijd toegestaan.

Hysteroscopie (kijkoperatie in de baarmoederholte)

  • Vloeien kan één week duren, maar is vaak minder dan een normale menstruatie.
  • U mag geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken zolang u vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep heeft
  • Baden en zwemmen zijn niet toegestaan zolang er sprake is van vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep.
  • Douchen is altijd toegestaan.

Labiumcorrectie

  • De eerste twee weken na de ingreep mag u geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken.
  • Baden en zwemmen zijn niet toegestaan in de eerste twee weken na de ingreep.
  • Douchen is altijd toegestaan
  • Goede toilethygiëne is belangrijk. Na gebruik van toilet de wond naspoelen met kraanwater en droogdeppen, totdat de wond goed is genezen (één tot twee weken).

Fertiloscopie

  • Gedurende één tot twee dagen kan vaginaal bloedverlies optreden.
  • Enkele uren na de ingreep kunt u nog aandrang hebben van ontlasting; dit gaat vanzelf over.
  • Zolang u vaginaal bloedverlies heeft als gevolg van de ingreep mag u geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken.
  • Douchen is toegestaan. Baden en zwemmen zijn weer toegestaan zodra er geen vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep meer is.
  • Als de doorgankelijkheid van de eileiders is getest in het kader van het vruchtbaarheidsonderzoek, kunt u enige dagen blauw/groene, bloederige vaginale afscheiding hebben.

Laparoscopie (kijkoperatie in de buikholte)

  • De dag van de ingreep kunt u last hebben van buikpijn, een opgeblazen gevoel en pijn tussen de schouderbladen. Deze klachten kunnen een aantal dagen aanhouden.
  • Soms heeft u met name de dag na de ingreep last van spierpijn.
  • Er kan vaginaal bloedverlies optreden (één tot twee weken).
  • Als de doorgankelijkheid van de eileiders is getest in het kader van het vruchtbaarheidsonderzoek, kunt u enige dagen blauw/groene, bloederige vaginale afscheiding hebben.
  • Douchen is toegestaan. Baden en zwemmen zijn weer toegestaan zodra er geen.vaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep meer is.
  • Het gebruik van tampons en het hebben van gemeenschap zijn toegestaan als u geen vaginaal bloedverlies meer heeft en als de wondjes dicht zijn.
  • Bij sterilisatie: in geval van pilgebruik de strip afmaken en daarna stoppen.
  • Vaak bent u sneller moe en kunt u minder aan dan u dacht. In dat geval is het verstandig toe te geven aan de moeheid en extra rust te nemen. Over het algemeen moet u voor uw herstel zeker op.twee tot drie weken rekenen. Als u zich voelt opknappen, kunt u geleidelijk uw activiteiten uitbreiden.

NovaSure-behandeling (operatie waarbij baarmoederslijmvlies wordt weggebrand)

  • De eerste zeven tot tien dagen is vaginaal bloedverlies normaal.
  • Waterige vaginale afscheiding gedurende meerdere weken is normaal.
  • U mag geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken en niet zwemmen of baden zolang uvaginaal bloedverlies als gevolg van de ingreep heeft.
  • Douchen is altijd toegestaan.
  • U komt na drie maanden op controle.

U moet contact opnemen bij:

  • bekkenpijn die ondanks pijnstilling niet vermindert;
  • misselijkheid;
  • braken;
  • koorts;
  • kortademigheid;
  • duizeligheid;
  • darm- of blaasproblemen en/of groenige vaginale afscheiding.

Spiraal plaatsen

  • Bloedverlies/bruine afscheiding kan een aantal weken tot een paar maanden aanhouden.
  • U mag geen tampons gebruiken zolang u vaginaal bloedverlies heeft als gevolg van de ingreep.
  • Douchen, baden en zwemmen is toegestaan
  • Als u de pil gebruikt, moet u de strip waarmee u bezig bent, opmaken.

U moet contact opnemen bij:

  • bij aanhoudende pijn in de onderbuik, koorts of ongewone vaginale afscheiding;
  • als u denkt dat u zwanger bent;
  • bij sterk of langdurig bloedverlies.

Contact

De specialist blijft uw hoofdbehandelaar (en eerste aanspreekpunt) tot en met tien dagen na uw ontslag. Hierna is de huisarts uw eerste aanspreekpunt, tenzij de specialist anders met u heeft afgesproken.

Bij complicaties na de ingreep kunt u bellen met de polikliniek van uw behandelend specialist:

Zwolle

Gynaecologie
(038) 424 56 04 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)
(038) 424 50 00 (buiten kantoortijden)

Meppel

Gynaecologie
(0522) 23 3376 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)
(0522) 23 32 68 (buiten kantoortijden)

De medewerkers van het Isala Behandelcentrum wensen u een voorspoedig herstel.

16 oktober 2019

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.