Contact
  1. 5096-Afdeling Radiotherapie

Radiotherapie is een behandeling van kanker met behulp van straling. Wij vertellen u graag meer over de bestralingsbehandeling en de afdeling. Zo krijgt u een eerste indruk van wat u kunt verwachten. Wij hechten veel waarde aan het persoonlijke contact met onze patiënten. Van uw arts en de voorlichtingslaborant kunt u dan ook uitgebreidere informatie en individuele voorlichting verwachten.

Radiotherapeuten

U heeft een afspraak met:
O  W.F.J. du Bois
O  G.M.R.M. Paardekooper
O  dr. O. Reerink
O  dr. E.M.A. Roeloffzen-Benjamins
O  J. Vos-Westerman
O  dr. E.M. Wiegman
O  A.G. Zwanenburg
O  E.C.J. Phernambucq

Hoe werkt radiotherapie?

Alle organen of weefsels in het lichaam zijn opgebouwd uit de kleinste onderdelen van het lichaam: de cellen. Wanneer lichaamscellen gaan woekeren, ontstaat een gezwel. Dit gezwel kan zowel goedaardig als kwaadaardig zijn. Bij een kwaadaardig gezwel is kans op uitbreiding en uitzaaiing.

De straling die bij radiotherapie gebruikt wordt, remt de celgroei van de cellen waaruit een dergelijk gezwel bestaat. Hierdoor neemt de omvang van het gezwel af. Sommige gezwellen kunnen door de bestraling geheel verdwijnen, andere zullen alleen kleiner worden. Omdat de kwaadaardige cellen meestal kwetsbaarder zijn voor straling dan normale cellen zal de invloed op het gezwel sterker zijn dan op gezond weefsel.

Bestralingsserie

Om de gezonde weefsels rondom een gezwel niet te veel te beschadigen, wordt de bestraling meestal in kleine dagelijkse hoeveelheden gegeven. Deze behandeling heet een bestralingsserie. De totale duur van een serie wordt aan het begin van de behandeling zo nauwkeurig mogelijk bepaald. Dit is voor iedere patiënt verschillend.

De duur van de serie zegt niets over de ernst van de ziekte. Soms is het nodig een aantal bestralingen aan de serie toe te voegen, een rustpauze in te lassen of een enkele keer de serie iets in te korten. Meestal wordt u vier of vijf keer per week bestraald. Een behandeling kan één tot zeven weken in beslag nemen.

Onzichtbaar en gevoelloos

De röntgenstraling die bij radiotherapie wordt gebruikt, is onzichtbaar en niet te voelen. De behandeling is dus niet pijnlijk. Na afloop blijft er geen straling in uw lichaam achter; u bent dus niet radioactief.

Nawerking

Na afloop van de bestralingsserie is de behandeling nog niet uitgewerkt. Er kan nog een nawerking zijn die varieert van enkele weken tot maanden.

Uit- en inwendige bestraling

Radiotherapie kan als uitwendige bestraling en als inwendige bestraling worden toegepast. Meestal gaat het om een uitwendige bestraling. Soms krijgt een patiënt een combinatie van uit- en inwendige bestraling.
Bij uitwendige bestraling komt de straling uit een toestel en dringt van buitenaf door tot het gezwel. Deze straling heeft een groot doordringend vermogen en spaart de oppervlakkige en omliggende weefsels. Hierdoor kan diep in het lichaam hoge doseringen worden toegediend. Meestal wordt vanuit meerdere richtingen bestraald.

Bij inwendige bestraling (brachytherapie) wordt radioactief materiaal in of bij de tumor aangebracht. Hierdoor kan de tumor met een zo hoog mogelijke dosis worden bestraald, terwijl het omringende weefsel een lage dosis straling krijgt. Meestal vindt de behandeling poliklinisch plaats, soms in dagbehandeling.

Uw eerste bezoek

Melden

Bij binnenkomst in het ziekenhuis meldt u zich aan bij de centrale aanmeldbalie. Hiervoor heeft u een identiteitsbewijs (paspoort, rijbewijs of identiteitskaart) nodig. Vervolgens kunt u naar de afdeling Radiotherapie (gebouw R) waar u zich kunt melden bij de balie.

De secretaresse van de afdeling Radiotherapie maakt voorafgaand aan het gesprek bij de medisch specialist een pasfoto van u. Deze pasfoto komt bij uw gegevens en is zichtbaar op de monitor bij het bestralingstoestel. Naast een foto, vragen we ook naar uw geboortedatum. Dit is een voorzorgsmaatregel om persoonsverwisselingen te voorkomen.

Gesprek

Tijdens uw eerste bezoek heeft u een gesprek met de radiotherapeut-oncoloog. Dit is de medisch specialist die verantwoordelijk is voor uw bestralingsbehandeling. Aan de hand van de beschikbare gegevens en een lichamelijk onderzoek bespreekt de arts het behandelplan met u en geeft hij uitleg over de bestraling. Tijdens dit gesprek krijgt u veel informatie, daarom raden we u aan uw partner of een familielid mee te nemen. Het gesprek duurt 30 tot 45 minuten.

Medicijnen

Als u medicijnen gebruikt, wilt u deze (of een medicijnlijst) meebrengen? Wilt u elke wijziging in uw medicijngebruik tijdens de behandeling doorgeven aan de radiotherapeut of laborant?

Voorbereiding

Voorlichting

Bij de ingang van de afdeling vindt u uitgebreid foldermateriaal van de Nederlandse Kankerbestrijding / Koningin Wilhelmina Fonds (KWF) met specifieke informatie over verschillende vormen van kanker. Ook zijn er folders met algemene informatie over bijvoorbeeld voeding en patiëntenverenigingen beschikbaar.

Op de website van Radiotherapie vindt u meer informatie en filmpjes over verschillende technieken en behandelingen.

Voorlichtingslaborante

Voorafgaand aan uw afspraak voor de voorbereiding op de bestralingsbehandeling ontvangt u een uitnodiging voor een gesprek met een voorlichtingslaborant. Hij of zij legt u aan de hand van beeldmateriaal de gang van zaken nogmaals uit. U kunt in alle rust met de laborant eventuele onduidelijkheden of vragen over de bestralingsbehandeling bespreken.

Voorbereiding op de bestraling

Voordat met de bestraling kan worden begonnen, zijn enige voorbereidingen noodzakelijk. Deze zijn niet voor iedereen gelijk. De voorbereidingen kunnen bestaan uit:

  • het maken van een bestralingsmasker;
  • het maken van een CT-scan.

In alle gevallen worden enkele markeringen op uw lichaam en/of masker aangebracht. Dit kunnen tatoeagepuntjes zijn en/of tekeningen met viltstift.

Masker

Als u op het hoofd of op de hals wordt bestraald, wordt vaak een masker gebruikt. Een masker vergroot de nauwkeurigheid bij de dagelijkse behandelingen, doordat het hoofd op zijn plaats wordt gehouden (gefixeerd). De referentielijnen kunnen dan op het masker worden getekend. Het masker heeft uitsparingen voor neus en mond.

CT-scan

De CT-scan is een röntgentoestel dat nauwkeurig de plaats van de tumor en organen in het lichaam in beeld kan brengen. Soms wordt hierbij contrastvloeistof toegediend om de tumor of belangrijke structuren beter zichtbaar te maken. De radiotherapeut bepaalt aan de hand van de CT-scan het juiste bestralingsgebied.
Bij dit onderzoek worden enkele tatoeagepuntjes gezet, deze zijn blijvend. Met behulp van deze puntjes wordt u tijdens de bestralingen in exact dezelfde houding gelegd. Omdat deze CT-scan alleen voor plaatsbepaling en berekening wordt gebruikt, krijgt u geen uitslag van deze scan.

Bestralingsplan

Met behulp van de beelden van de CT-scan, wordt een bestralingsplan gemaakt. Met een computerprogramma wordt de optimale manier van bestralen bepaald. Hierbij wordt de benodigde bestralingsdosis in het tumorgebied toegediend en zo min mogelijk in gezond weefsel. Op deze manier wordt de kans op bijwerkingen zo klein mogelijk gehouden.

Het maken van het bestralingsplan en het invoeren van uw gegevens vragen tijd en aandacht. Daarom kunt u pas ongeveer een week na de voorbereiding daadwerkelijk starten met de bestralingen.

De bestraling

Keuze bestralingstoestel

Onze afdeling heeft vier bestralingstoestellen: Linac 1, Linac 2, Linac 3 en Linac 4. Linac staat voor ‘Linear accelerator’, ofwel lineaire versneller. Met deze toestellen kunnen de nieuwste technieken worden toegepast. Meestal wordt u bestraald op hetzelfde toestel, maar er kan ook gewisseld worden. Dit wordt op uw afsprakenbriefje vermeld.

Melden

Voor de dagelijkse bestralingen hoeft u zich niet eerst bij de balie aan te melden. U kunt uw afsprakenkaartje in het bakje leggen van het toestel waarop u bestraald wordt en plaatsnemen in de wachtruimte. Via de laboranten krijgt u uw vervolgafspraken mee.

Radiotherapeutisch laboranten

De bestraling wordt uitgevoerd door radiotherapeutisch laboranten. De laboranten begeleiden u tijdens de gehele behandeling. Zij zijn degenen bij wie u, in eerste instantie, met uw vragen terecht kunt.

Stilliggen

De radiotherapeutisch laboranten leggen u voor de bestralingen met behulp van de tatoeagepuntjes steeds weer in dezelfde houding. Vervolgens gaan ze het voor u gemaakte bestralingsplan uitvoeren. Tijdens de bestraling zijn de laboranten buiten de bestralingsruimte. Zij kunnen u via camera’s zien en via een intercom horen. Het kan zijn dat de laboranten binnenkomen nadat een gedeelte van de bestraling is gedaan. Het is van belang dat u stil blijft liggen. Als de laboranten aangeven dat de bestraling is afgelopen, kunt u weer bewegen.

Röntgenfoto’s

Tijdens de bestraling merkt u weinig, u hoort alleen het geluid van het bestralingstoestel. Als het toestel is uitgeschakeld, is er geen straling meer in de ruimte of in uw lichaam. Door de bestraling wordt u niet radioactief. Om uw houding te controleren tijdens de bestraling, worden er röntgenfoto’s gemaakt of een Cone beam CT-scan.

Tijdsduur

Inclusief het uit- en aankleden neemt de bestraling 10 tot 20 minuten in beslag. Bij de eerste bestraling is het voor de laboranten prettig om alle tijd en aandacht voor u te kunnen hebben. Als u het op prijs stelt, kan uw partner of begeleider vanaf de tweede bestraling een keer meekijken in de bestralingsruimte. Dit kan in overleg met de laboranten van het bestralingstoestel.

Medepatiënten

Wilt u met uw medepatiënten rekening houden door:

  • In de wachtkamer voorzichtig te zijn met het bespreken van ziektebeelden en
    behandelingen. Bij medepatiënten kan dit leiden tot vergelijking en onnodige ongerustheid.
  • Niet mobiel te bellen in de wachtkamer. Bellen kunt u in de hal bij binnenkomst; de
    ruimte waar ook de rolstoelen staan.

Bijwerkingen

Door de bestraling kunnen soms bijwerkingen optreden. Hierover informeert de radiotherapeut u tijdens uw eerste bezoek over. De bijwerkingen hangen af van de plaats van de bestraling, de bestralingsduur en de bestralingsdosis. U kunt met uw klachten dagelijks terecht bij de laboranten. Daarnaast is er de regelmatige controle door de radiotherapeut. Mocht het noodzakelijk zijn, dan kan de laborant tussentijds de radiotherapeut inschakelen.

Haaruitval

Wanneer u wordt bestraald op een plaats waar haargroei is, kan het haar uitvallen. Enkele maanden na afloop van de bestraling kan het haar weer aangroeien, afhankelijk van de stralingsdosis. De zorgverzekeraars vergoeden de kosten van een pruik gedeeltelijk.

Moeheid

Soms voelen mensen die bestraald worden zich meer vermoeid dan anders. Het dagelijks op en neer reizen naar het ziekenhuis vraagt extra energie. Daarnaast is het lichaam druk om te herstellen van de bestralingen. Zo lang als het goed gaat, kunt u uw dagelijkse bezigheden blijven doen. Zo houdt u uw conditie op peil. Wanneer u merkt dat u vermoeider wordt, kun u overmatige inspanning vermijden en zo nodig wat extra rust nemen.

Misselijkheid

U kunt last krijgen van misselijkheid. De ernst hiervan wisselt van patiënt tot patiënt en is mede afhankelijk van de plaats waar u wordt bestraald. Veel patiënten worden helemaal niet misselijk. Mocht u er toch last van hebben, bespreek dit dan met de radiotherapeut. Zorg ervoor dat u voldoende drinkt (minstens 1,5 liter verdeeld over de dag).

Huidreactie

Soms treedt tijdens de behandeling een huidreactie op. Risicoplekken zijn huidplooien onder de borst en in de oksel, het gebied rond de tepel, de halsstreek, de bilnaad en de liesplooi. Slechts zelden treedt een vochtige huidreactie op (bijvoorbeeld in lichaamsplooien). Over het algemeen verdwijnt een eventuele huidreactie binnen enige weken na afloop van de bestraling.

Huidverzorging

U mag zich wassen en douchen. Het bestraalde gebied moet u enigszins ontzien. Dat wil zeggen: hier geen zeep gebruiken en deppend afdrogen. U kunt enige malen per dag het bestralingsgebied met ongeparfumeerd talkpoeder deppen. In elk geval niet zonder overleg zalf en/of crème gebruiken.

Adviezen:

  • Vermijd broeiende of knellende kleding (zoals nylon of wol) op het bestralingsgebied.
  • Katoenen kleding is een goede vervanging.
  • Plak bij voorkeur geen pleisters op de bestraalde huid. 
  • Tijdens de bestralingsperiode kunt u de bestraalde huid beter niet aan de zon of de zonnebank blootstellen. 
  • Elektrisch scheren in het bestraalde gebied is soms toegestaan. Scheer niet nat en gebruik geen aftershave. 
  • Ga niet zwemmen.

Spreekuur doktersassistenten

Binnen de afdeling Radiotherapie werken gespecialiseerde medewerkers (doktersassistenten). Zij adviseren u bij het verzorgen van de huid en/of een eventuele wond en het gebruik van de juiste verbandmaterialen. Deze verbandmiddelen kunnen bij u thuis bezorgd worden, ook na de laatste bestraling. Ook in de eerste weken na de behandeling kunnen zij deze verbanden bij u thuis laten bezorgen.

Voeding

Het is voor uw behandeling niet noodzakelijk om een speciaal dieet te volgen, maar goede voeding kan wel helpen om uw conditie op peil te houden. Ook kan het zijn dat door de bestraling de eetlust wat afneemt. Soms treden er klachten op als misselijkheid, slikklachten, maag/darmklachten of diarree. Zo nodig kan uw behandelend arts u verwijzen naar een diëtist. Soms kunt u met de adviezen van een diëtist voorkomen dat u klachten krijgt, soms kunnen de klachten verminderen. Gebruikt u alternatieve voeding of een speciaal dieet? Meld dit dan aan uw radiotherapeut.

Controle

Tijdens uw bestralingsperiode

U heeft regelmatig een gesprek met de behandelend radiotherapeut over het verloop van uw behandeling. Dit gesprek wordt gecombineerd met uw bestralingsafspraak, zodat u daarvoor niet apart hoeft te komen.

Na de bestralingsperiode

Controle door de radiotherapeut kan om de volgende redenen nodig zijn:

  • Er moet herstel optreden van de bijwerkingen van de behandeling en daarvoor is medisch advies en soms behandeling nodig.
  • De aandoening waarvoor u wordt behandeld, vraagt om controle. Vaak wordt u hiervoor ook door andere specialisten gecontroleerd, waarbij zo veel mogelijk wordt geprobeerd deze controles onderling af te stemmen.

Afsprakensysteem

De bestralingstijd voor de eerste bestraling krijgt u mee na de CT-scan. Deze afspraaktijd kan ook doorgebeld worden. Bij de eerste bestraling krijgt u de tijden voor de rest van de week. Vervolgens krijgt u op donderdag de tijden voor de komende week mee. Alleen in uitzonderlijke gevallen kunnen deze meegegeven afspraken worden gewijzigd.

Heeft u vragen of heeft u overige afspraken in de periode van behandeling, geeft u deze zo snel mogelijk door. Dit kan:

  • telefonisch via ons afsprakenbureau (038) 424 45 00, bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 9.00 tot 16.00 uur;
  • per e-mail naar afsprakenbureau.radiotherapie@isala.nl;
  • tijdens het gesprek met de patiëntenvoorlichter.

Wij streven ernaar om met uw wensen rekening te houden. Helaas lukt het niet altijd om aan uw voorkeur of (korte termijn) verzoek te voldoen. Hiervoor vragen wij uw begrip.

Vervoer en vervoerskosten

Als u voor een bestralingsbehandeling komt, heeft u tijdens de behandeling recht op een reiskostenvergoeding (eigen vervoer of taxi). Als u hiervan gebruik wilt maken, kunt u contact opnemen met uw zorgverzekeraar en vragen naar een aanvraagformulier voor ziekenvervoer. Dit formulier vult u deels zelf in. Het andere deel kunt u laten invullen door de secretaresse bij de balie.

Voor de verzekeringsmaatschappijen die vallen onder de Achmea-groep, kunt u de Vervoerslijn bellen: (071) 36 54 154. Wilt u gebruikmaken van een taxi, en bent u bij een andere verzekeraar verzekerd, dan kunt u bij uw zorgverzekeraar informeren welk taxibedrijf u kunt inschakelen. Is ambulancevervoer noodzakelijk, schakel dan uw huisarts in.

Parkeren

Voor het parkeren op het eigen terrein van de afdeling Radiotherapie, heeft u een parkeerpas nodig om de slagboom te openen. Dit pasje krijgt u van de secretaresse. Zo lang u deze nog niet heeft, parkeert u in de parkeergarage. Op de dag van de laatste bestraling kunt u de parkeerpas weer inleveren bij de balie van het secretariaat. Het adres wat u in uw navigatie kunt invoeren voor de parkeerplaats van onze afdeling is: Dokter van Heesweg 2.

Taxi of ambulance

Ook als u met de taxi of de ambulance naar de afdeling Radiotherapie gaat, heeft u een parkeerpas nodig. De taxi- of ambulancechauffeur kan uw pas gebruiken om langs de slagboom te komen. Heeft u nog geen pasje, dan kan de chauffeur langs de slagboom door zich te melden via een intercom.

Rolstoelen

Zowel in de Centrale hal van het hoofdgebouw als bij de ingang van de afdeling Radiotherapie staan rolstoelen. Voor het gebruik hiervan heeft u als borg een euromunt nodig.

Controleafspraak

Komt u voor een controleafspraak naar de afdeling Radiotherapie? Parkeer uw auto dan in de parkeergarage. Komt u met de taxi, dan kan de chauffeur u bij de ingang van de Radiotherapie afzetten. Hij kan langs de slagboom door zich te melden via een intercom.

Welke locatie?

Kijk voordat u van huis gaat goed op welke locatie u een afspraak heeft. Behalve in Isala Zwolle worden ook controlespreekuren gehouden in Meppel, Harderwijk en Emmeloord. Als u in Isala Zwolle moet zijn, kijkt u dan op welke afdeling u wordt verwacht.

Kwaliteit

Kwaliteitszorg staat op onze afdeling hoog in het vaandel. Daarom houden wij regelmatig enquêtes. In de wachtruimtes vindt u formulieren waarop u kunt aangeven welke verbetersuggesties u heeft om de dienstverlening te optimaliseren.

Maatschappelijk werk

Gedurende de bezoeken aan de bestralingsafdeling kunt u (en eventuele betrokken familieleden) begeleiding en ondersteuning krijgen van een maatschappelijk werker. Dit kan begeleiding zijn bij problemen van emotionele aard, maar ook hulp bij het oplossen van praktische problemen die samenhangen met kanker. Maar het kan ook een eenmalig gesprek zijn. Wilt u een gesprek met een maatschappelijk werker, neem dan contact op met uw behandelend arts.

Klachten of problemen

In Nederland zijn diverse wetten waarin de rechten en plichten van patiënten en hulpverleners zijn vastgelegd. U heeft recht op een correcte benadering en een goede behandeling. Daarbij houden wij zo veel mogelijk rekening met uw wensen en behoeften. Bent u toch niet tevreden, breng dit dan ter sprake. Mocht u daarna nog opmerkingen of suggesties hebben, dan kunt u de klachtenfunctionaris van Isala bellen via (038) 424 47 27.

Lezing over straling terugzien

U kunt twee films bekijken naar aanleiding van de Publieksacademie over straling. Bekijk het eerste deel van de lezing over straling door de sprekers Jorn van Dalen en Miranda van 't Veer-ten Kate.

Screenshot video lezin straling

Bekijk het tweede deel van de lezing door de sprekers Hester Arkies en Erwin Wiegman en aansluitend de vragenronde.

Screenshot video lezing straling

 

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent: 

Zwolle

Radiotherapie
(038) 424 54 49 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 17.00 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.

26 november 2018 / 5096 / L

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.