Contact
  1. 5361-Ontstoken amandelen: verwijderen volwassenen

Voorbereiding, operatie en nazorg

Wanneer u last heeft van (chronisch) ontstoken amandelen, dan kan het soms verstandig zijn deze te verwijderen. Hier leest u informatie over het verwijderen van de keel- en neusamandelen bij volwassenen en hoe u zich hier op kunt voorbereiden.

Over de amandelen

Het lichaam bezit een uitgebreid systeem om infecties te bestrijden, het zogenaamde lymfkliersysteem. De overgang van mond en neus naar de keel bevat, als een soort ring, veel van dit lymfklierweefsel. Het vangt zo veel mogelijk binnendringende ziekteverwekkers op en maakt deze onschadelijk. Dit lymfklierweefsel bevindt zich op drie plaatsen:

In de neus-keelholte

Dit is de ruimte achter de neus boven het zachte gehemelte. Het verdikte lymfklierweefsel in het dak van de neus-keelholte is de neusamandel (adenoïd). De neusamandel is met name bij jonge kinderen aanwezig. Vanaf het achtste levensjaar neemt de grootte af. Bij uitzondering kan zo’n neusamandel blijven bestaan op volwassen leeftijd.

In de keel

De keelamandelen (tonsillen) zijn zichtbaar als knobbels links en rechts achter in de keel. De huig, het aanhangsel van het zachte gehemelte, hangt midden tussen de keelamandelen.

Achter op de tong

De tongamandel gaat aan de zijkanten van de tong over in de keelamandelen. De tongamandel geeft zelden klachten.

Afweerfunctie

Een eventuele verwijdering van de amandelen heeft geen merkbaar gevolg bij het bestrijden van infecties. De amandelen vormen slechts een klein deel van het totale lymfkliersysteem van het gehele lichaam. Bovendien bevindt zich in de mond-keelholte ook lymfklierweefsel in het slijmvlies van het zachte gehemelte en de zij- en achterwand van de keel. Hierdoor blijft er na verwijdering van de amandelen nog voldoende afweerfunctie over.

Klachten en behandeling

Als u op volwassen leeftijd nog een neusamandel heeft, kunnen klachten optreden, zoals:

  • een verstopte neus;
  • door de neus praten;
  • herhaalde perioden met verkoudheden;
  • open mondademhaling;
  • snurken.

Acute ontsteking keelamandelen

Bij een acute ontsteking van de keelamandelen bestaan de klachten in het algemeen uit een korte periode van keelpijn met slikklachten, koorts en algehele malaise. Na de derde dag daalt de temperatuur meestal, waarbij ook de andere klachten langzaam verdwijnen. Dergelijke perioden kunnen zich meerdere keren per jaar voordoen.

Chronische ontsteking keelamandelen

De amandelen kunnen ook chronisch in meer of minder ontstoken toestand verkeren. In het laatste geval kunnen klachten optreden van moeheid, lusteloosheid, snurken, matige eetlust en slechte adem. Als amandelen ontstoken raken, zwellen ze op. Hierbij kunnen ook lymfklieren in de hals zwellen en pijnlijk zijn.

Bij uitzondering breidt de ontsteking van de keelamandel zich uit tot in het omliggende weefsel, waarin zich dan etter ophoopt (peritonsillair abces). Hierbij is slikken nauwelijks mogelijk en is er veel slijmvorming. Ook is de mond moeilijk te openen, zijn de lymfklieren in de hals gezwollen en is vaak sprake van hoge koorts.

Wanneer keelamandelen verwijderen?

De beslissing om de amandelen te verwijderen, is afhankelijk van de ernst van de klachten. Ook speelt hierbij een rol hoe vaak de klachten optreden. Soms kan het verstandig zijn om de amandelen weg te nemen. Bijvoorbeeld als het onvoldoende lukt om de klachten met medicijnen (pijnstillers en/of antibiotica) te bestrijden. Of als er te vaak medicijnen moeten worden gebruikt. Soms zal meteen ook de neusamandel (als deze nog aanwezig) worden verwijderd.

Vóór de operatie

Preoperatief onderzoek

Voor de operatie heeft u een afspraak op de afdeling Preoperatief onderzoek. Om u goed voor te bereiden op de operatie vult u een vragenlijst in en heeft u een gesprek met de apothekersassistente (als u medicijnen gebruikt), de anesthesioloog en de verpleegkundige. U spreekt hen alle drie apart. De anesthesioloog geeft u uitleg over de vorm van anesthesie die tijdens de operatie gebruikt wordt. Ook krijgt u uitleg over de pijnbestrijding. De totale afspraak duurt ongeveer een uur.

Thuis

  • Een normale bloedstolling na de operatie is van groot belang. Daarom mag u de week vóór de operatie geen bloedverdunnende middelen gebruiken. Deze middelen zorgen ervoor dat het bloed minder goed of in het geheel niet stolt. Hierbij gaat het met name om pijnstillers die acetylsalicylzuur bevatten (zoals aspirine, acetosal en ascal), maar ook om ibuprofen en diclofenac.
  • Bent u onder controle van de trombosedienst (en gebruikt u dus antistolling)? Meld dit dan aan de behandelend KNO-arts. Geef ook aan hem door als in uw familie aangeboren bloedstollingsstoornissen voorkomen.

Opname

Op de verpleegafdeling heeft u een opnamegesprek met een (leerling)verpleegkundige. Tijdens het opnamegesprek komen een aantal zaken aan de orde, bijvoorbeeld gezondheidsproblemen, medicijngebruik, uw thuissituatie en wie voor u als contactpersoon optreedt. Na het opnamegesprek krijgt u een korte rondleiding over de verpleegafdeling.

Operatie

Het verwijderen van de keelamandelen bij kinderen heet ‘amandelknippen’. Hierbij worden met een speciaal instrument de keelamandelen in één beweging als het ware losgewoeld van de onderlaag.

Bij volwassenen (en kinderen ouder dan 10 jaar) worden de amandelen meestal verwijderd door ze stapsgewijs los te maken, ook wel pellen genoemd. Dit is nodig omdat de keelamandelen bij ouderen veel vaster zitten aan de onderliggende weefsellaag. De ingreep vindt plaats onder volledige verdoving (narcose).

Na de operatie

Omdat het wondgebied in uw keel nog moet genezen en u dus met iedere slikbeweging langs de operatiewond komt, ervaren mensen vaak veel pijnklachten na het verwijderen van keelamandelen. Het is normaal dat de keelpijn soms ook doortrekt naar uw oren. Het is belangrijk om consequent uw pijnstillers na de operatie in te nemen. Hiervoor krijgt u een recept mee van de KNO-arts.

Direct tot twee weken na de operatie

Meestal gebeurt de operatie in dagbehandeling. Dat betekent dat u dezelfde dag naar huis mag. Wanneer u na de narcose niet fit bent of de wond nog nabloedt, kunnen we u adviseren één nacht in het ziekenhuis te blijven. Wij willen u vragen hier rekening mee te houden.

Wij adviseren één tot twee weken rustig aan te doen met betrekking tot werk en huishoudelijke taken, zowel vanwege de operatie als de gegeven narcose.

Pijnbestrijding

Het pijnadvies is meestal als volgt:

  • 4x 1000 mg paracetamol (= 2 tabletten á 500 mg per keer) per dag. Dit betekent dat u iedere 6 uur paracetemol mag innemen. Meestal adviseren we zetpillen, omdat slikken vaak moeilijk gaat. Ook mag u uiteraard de paracetamol ook oplossen in water.
  • 3x per dag diclofenac 50 mg en/of tramadol 100 mg (de arts schrijft dit voor): dit betekent dat u iedere 8 uur diclofenac of tramadol mag innemen.

Wanneer u de pijnstillers regelmatig inneemt, dan bouwt u een spiegel in uw bloed op en dat werkt beter tegen de pijn. Wij adviseren om iedere 6 uur 2 tabletten paracetamol in te nemen en eventueel daarbij nog iedere 8 uur diclofenac of oxynorm iedere 4-6 uur.

Pijnstillers hebben een verschillende zwaarte en het kan zijn dat de voorgeschreven pijnstillers niet voldoende zijn. Als u ondanks de voorgeschreven medicatie nog pijn heeft, neem dan contact op met de polikliniek KNO voor aanvullende pijnstilling of adviezen. Een keuze kan dan vallen op morfine-achtige middelen zoals oxynorm (5 mg, iedere 4 tot 6 uur in te nemen).

Wanneer moet u contact opnemen met het ziekenhuis?

Als u last krijgt van de volgende klachten is het belangrijk dat u contact met ons opneemt:

Nabloeding

Mensen spugen na de operatie vaak bloederig slijm uit en moeten vaka een keer oud bloed overgeven. Dit is donkerrood/bruin van kleur. Bij het blijvend opgeven van helderrood bloed, kan er sprake zijn van een nabloeding. Hierin maken we onderscheid tussen vroege of late nabloedingen.

De meeste nabloedingen na het verwijderen van de keelamandelen treden direct na de operatie op. Meestal bent u dan nog in het ziekenhuis. Soms is het wegvegen van een stolsel uit de keel voldoende, echter soms is het nodig om u opnieuw in narcose te brengen om de bloeding te stoppen.

Soms treedt een nabloeding een week na de operatie op. Het wondbeslag laat dan los uit de keel en daaronder kan een vaatje open komen te staan. Dit betreft dan niet een spoortje bloed door uw mondslijmvlies, maar echt helderrood bloed. Wij willen u vragen dan contact op te nemen met het ziekenhuis.

Infectie

Het wondgebied in de keel na het verwijderen van de keelamandelen ziet er gedurende 10 dagen niet fraai uit. Eerst wordt de keel rood, zwelt de huig vaak op en zit er vaak oud bloed op de plek waar geopereerd is. Hier hoeft u zich geen zorgen over te maken; dit is de reactie van het lichaam op de operatie en is volkomen normaal. Op de wond ontstaat ‘wondbeslag’: een laagje waaronder het mondslijmvlies gaat genezen. Door de continue bevochtiging van dit beslag met speeksel, kleurt dit wit. Ook dit is normaal en is dus geen pus of infectie.

Koorts

Na een operatie zal het lichaam de wond moeten laten genezen. De mechanismen die hiervoor verantwoordelijk zijn, veroorzaken vaak een milde verhoging van de lichaamstemperatuur rond de 38/38,5 graden Celsius. Een beetje verhoging hoort er dus bij en is met paracetamol vaak goed te controleren. Als de koorts echter te hoog wordt en u een infectie vermoedt, willen we u vragen contact met ons op te nemen.

Controle

Als alles goed geneest, wordt er geen standaard vervolgafspraak op de polikliniek gemaakt. Uiteraard bent u altijd vrij om een afspraak op de polikliniek te maken wanneer u nog vragen heeft of klachten houdt.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle, Kampen en Heerde

Keel-, neus- en oorheelkunde
(038) 424 23 84 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Meppel en Steenwijk

Keel-, neus- en oorheelkunde
(0522) 23 32 48 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.

Op de website van de Nederlandse Vereniging voor Keel-, Neus- en Oorheelkunde (www.kno.nl/patienten-informatie) vindt u nog meer informatie over deze operatie.

23 november 2018 / 5361

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.