Contact
  1. 5673-Ademhalingsproblemen baby's door I.R.D.S.

Informatie voor ouders

​Bij sommige pasgeborenen zijn de longblaasjes niet goed ontplooid, waardoor ademhalingsproblemen ontstaan. We noemen dit Infant Respiratory Distress Syndrome (I.R.D.S). Hier leest u wat I.R.D.S. is en wat de behandeling hiervan inhoudt. Daarnaast vindt u informatie over de medische en verpleegkundige behandeling tijdens een ziekenhuisopname.

Wat is I.R.D.S.?

Bij het Infant Respiratory Distress Syndrome, ook wel hyaliene membraanziekte genoemd, kunnen de longblaasjes niet goed ontplooien of blijven ze niet ontplooid. Dit ontstaat als gevolg van een tekort aan de stof surfactant, dat de longblaasjes openhoudt. Hierdoor ontstaat een verstoorde uitwisseling van zuurstof en koolzuur met als gevolg ademhalingsproblemen. Het ziektebeeld komt vaker voor naarmate het kind vroeger geboren is omdat er niet voldoende tijd is geweest om de stof surfactant te maken.

Verschijnselen

De verschijnselen van I.R.D.S. zijn:

  • ademhalingsproblemen;
  • neusvleugelen;
  • grauw bleke kleur;
  • kreunen;
  • snelle ademhaling;
  • intrekken van de borstkas.

Ook houdt de pasgeborene vocht vast. U ziet dan dat uw kind er iets voller uitziet met mogelijk vochtkussentjes op handen en voeten.

Behandeling

Ter bewaking ligt uw baby aan de monitor. Deze meten de hartslag, ademhaling en zuurstofspanning in het bloed. De behandeling bestaat uit het ondersteunen van de ademhaling. Dit gebeurt met behulp van Continue Positieve Airway Pressure (CPAP). Hierbij brengt de verpleegkundige twee lange neussprieten in bij uw baby. Hierdoorheen wordt extra lucht en zuurstof gegeven. CPAP zorgt ervoor dat er een bepaalde druk wordt opgebouwd in de longen zodat de longblaasjes goed kunnen openblijven.

Als deze behandeling niet afdoende is, wordt gestart met kunstmatige beademing. Dit vindt plaats op de Neonatale Intensive Care Unit (NICU). Hier kan eventueel ook kunstmatig surfactant worden gegeven.

Meestal is kunstmatige beademing niet nodig en is ondersteuning met CPAP voldoende. Uw kind knapt in enkele dagen op.

Voeding

Uw baby zal zelf mogen drinken, zolang de toestand dit toelaat. Wanneer het drinken moeizaam gaat, zal uw baby gevoed worden via een sonde. Als uw kind gaat spugen, zal er eventueel een infuus ingebracht worden.

Voordat we bij uw baby een sonde of infuus inbrengen of een andere vervelende of ingrijpende handeling uitvoeren, geven we hem of haar eerst saccharose. Dit is een suikeroplossing die dient om pijn en/of stress te verminderen. Het toedienen hiervan (via de mond) heeft geen bijwerkingen.

Naar huis

Wanneer u baby zover is opgeknapt en zelf kan drinken, kan hij/zij mee naar huis. U krijgt een afspraak mee voor controle op de polikliniek.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle, Kampen of Heerde

Kindergeneeskunde 
(038) 424 14 35 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.

 

23 november 2018 / 5673

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.