Contact
  1. 6597-Drinkproblemen bij baby's
Punt Coronavirus (COVID-19) Hier vindt u belangrijke informatie over uw afspraak, onderzoek of behandeling.

Soms hebben baby’s drinkproblemen. Omdat uw baby bijvoorbeeld te vroeg geboren of ziek is. U kunt uw baby helpen met (leren) drinken. Zo zijn er verschillende dingen waar u op kunt letten als u uw baby borstvoeding of de fles geeft. In deze folder leest u over de verschillende voedingshoudingen voor een prettig voedingsmoment. Zowel voor uw baby als voor uzelf.

Voor te vroeg geboren baby’s is drinken lastig. Ze beginnen pas met drinken als ze ongeveer 34 weken oud zijn. De baby moet zuigen, slikken én ademhalen op elkaar aanpassen. Als uw baby daar moeite mee heeft, is de kans groot dat hij problemen met borst- en/of flesvoeding krijgt. Gelukkig kunt u zelf ook een aantal dingen doen.

Hoe actief is uw baby?

  • Het is belangrijk dat uw baby wakker is voordat u begint met voeden.
  • Slaapt uw baby nog rond voedingstijd? Maak uw baby dan wakker door hem bijvoorbeeld een schone luier aan te doen.
  • Is uw baby onrustig? Laat hem dan eerst even zuigen op uw vinger of een fopspeen.
  • Soms is het beter dat uw baby blijft slapen. Omdat hij zijn energie hard nodig heeft. Hij krijgt dan voeding via een slangetje (sonde).

Reflexen

De zoekreflex en zuig-slikreflex zijn de belangrijkste reflexen om te kunnen drinken. Bij pasgeboren baby’s zijn deze reflexen vlak na de geboorte makkelijk op te wekken. Maar bij te vroeg geboren baby’s kan het zijn dat deze reflexen niet altijd even goed werken. Als u dan de mondhoeken, lippen, kaken, wangen of gehemelte van uw baby prikkelt met een fopspeen, tepel of vinger, ontstaat er vanzelf een zoekbeweging met de mond; uw baby opent zijn mond. Soms laat uw baby zelf dit zoekgedrag al zien. Hij schudt dan met z’n hoofdje en laat zoekgedrag zien met een open mondje.

Geeft u borstvoeding?

  • Laat uw baby met een grote hap de tepel in z’n mondje nemen.
  • De tepel wijst daarbij naar het gehemelte.
  • Uw baby begint met zuigen en kort daarna ook met slikken.

Geeft u flesvoeding?

  • Laat uw baby eerst goed ‘zoeken’ en happen.
  • Geef dan pas de fles.
  • Uw baby begint met zuigen en slikken.

Pas uw voedingshouding eventueel aan, zodat u uw baby prettig kunt voeden. De voeding zal hierdoor ook rustig(er) gaan.

Tekenen van stress

Het kan zijn dat uw baby tekenen van stress laat zien tijdens het drinken. Tekenen van stress zijn:

  • afwerende beweging maken met de handjes
  • hoofdje naar achteren bewegen
  • wenkbrauwen optrekken
  • neusvleugels bewegen
  • kokhalzen
  • verslikken

Let op deze tekenen. Uw baby geeft dan aan dat hij bijvoorbeeld even wil stoppen met drinken. Of hij heeft het benauwd of verslikt zich. Het is belangrijk hierop te letten. Zo zorgt u namelijk voor een fijn voedingsmoment.

Voedingshouding

Zowel bij borst- als bij flesvoeding is het belangrijk dat u uw baby goed ondersteunt.

Borstvoeding geven

  • Leg uw baby op z’n zij met zijn buik tegen uw buik. Oren, schouders en heupen van uw baby liggen daarbij op één lijn.
  • Uw baby mag schuin op uw buik liggen en ‘naar boven’ naar uw borst toehappen. Met z’n kin tegen uw borst en tepel bij z’n neus.
  • Uw baby hapt zelf. Eventueel kunt u helpen door uw baby met z’n rug/billen naar u toe te bewegen. Pak daarna met twee vingers een deel van uw borst. Zo kan uw baby makkelijker happen.
  • Een kussen is niet nodig, maar kan u of uw baby wel extra steun geven.
  • Belangrijk is dat uw baby dicht tegen u aan ligt met uw arm stevig om hem heen.
  • U krijgt ook begeleiding en uitleg van de verpleegkundige.

Wat kunt u nog meer doen bij borstvoeding?

  • Borst voorvormen met uw hand, zodat uw baby makkelijker kan aanhappen. U kunt bijvoorbeeld uw borst iets platter drukken.
  • Teveel melk? Bij te veel melkproductie of het snel en veel toeschieten van melk, kunt u de melkstroom tegenhouden door tegendruk met uw hand tegen uw borst te geven. De toeschietreflex wordt dan minder. Daarna kunt u uw baby in een iets achteroverliggende houding borstvoeding geven. Uw baby ligt daarbij op z’n buik. Ook kunt u eventueel de kolfmomenten aanpassen.
  • Tepelhoedje: dit is een hoedje die over de tepel wordt gezet. Probeer eerst uw borst voor te vormen. Als dat niet lukt, kan een tepelhoedje een (tijdelijk) hulpmiddel zijn. Het tepelhoedje geeft meer houvast. Uw baby kan dan mogelijk wel uit uw borst drinken. Voor meer informatie over het gebruik van tepelhoedjes lees ook onze folder Tepelhoedje.
  • Laat uw baby tijdens en na de voeding eventueel boeren. Soms slikt een baby veel lucht in.
  • Houd de reacties van uw baby goed in de gaten tijdens het voeden. Laat hij bijvoorbeeld tekenen van stress zien?

Flesvoeding geven

  • Voed uw baby bij voorkeur in zijligging. Dit is de meest natuurlijke houding bij het geven van (borst)voeding. Naast zijligging met buik tegen buik op de moeder, die iets naar achteren leunt bij het geven van borstvoeding.
  • In zijligging voeden, vermindert bovendien de kans dat uw baby zich verslikt. De voeding die uw baby niet doorslikt, kan zo via de zijkant van z’n mond eruit lopen.
  • Ook kan uw baby zo makkelijker en rustiger ademen. Hij hoeft niet tegen de zwaartekracht in te ademen.
  • Bovendien kunt u makkelijker even pauzeren tijdens de voeding, door de fles te kantelen. Uw baby kan dan een paar keer ademen, voordat hij weer verder drinkt.

Wat kunt u nog meer doen bij flesvoeding?

  • Pauzeren
    Maakt uw baby teveel zuigbewegingen achter elkaar en laat hij tekenen van stress zien? Geef dan extra adempauzes. Vaak krijgen ouders het advies om de speen na drie tot vijf zuig-slikbewegingen eventjes te kantelen. Wacht met het terug kantelen tot uw baby zelf aangeeft weer te willen starten.

  • Een andere fles en/of speen
    Soms is een andere fles en/of speen beter, omdat de melk te snel uit de speen stroomt. Door een te grote of te snelle melkstroom kan uw baby meer stress krijgen. Omdat hij zich bijvoorbeeld sneller verslikt of vaker moet slikken, waardoor hij te weinig tijd krijgt om te ademen. Een speciale speen voor te vroeggeboren baby’s geeft een rustige en kleine melkstroom. Een baby die erg hard zuigt, (hardzuigende) baby kan hiermee ook rustiger slikken en ademen.
  • Laat uw baby tijdens en na de voeding altijd goed boeren. Soms slikt een baby veel lucht in.
  • Houd de reacties van uw baby goed in de gaten tijdens het voeden. Laat hij bijvoorbeeld tekenen van stress zien?

Thuis

  • Uw baby heeft meer voeding nodig naar mate hij ook meer groeit. Duurt de voedingstijd langer en drinkt uw baby met een speen voor vroeggeborenen? Probeer dan eens een normale speen.
  • Als dat goed gaat, probeer dan na enkele weken ook te voeden in rugligging op uw arm.
  • Morst of verslikt uw baby zich? Voed dan nog een tijdje met de speciale speen voor vroeggeborenen. En probeer het na een week opnieuw.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle

Kindergeneeskunde
(038) 424 50 50 (bereikbaar op maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.

10 september 2020 / 6597

Gerelateerde folders