Contact
  1. 8220-Ontslaginformatie Behandelcentrum: Gynaecologie

U onderging een chirurgische ingreep, _______________________, in het Behandelcentrum van Isala. Hier vindt u adviezen voor thuis die u helpen goed van de operatie te herstellen. Een verpleegkundige kruist tijdens een persoonlijk gesprek aan welke adviezen voor u belangrijk zijn.

Wondverzorging

  • Verwijder de aangebrachte pleister na 24 uur. Wanneer de wond droog is (er is geen bloed of vocht zichtbaar) hoeft er geen pleister meer op, dit is beter voor het herstel.
  • Als u oplosbare hechtingen heeft, lossen deze tussen de 10 en 14 dagen vanzelf op. Gebeurt dit niet of heeft u er last van, dan kan uw huisarts deze verwijderen (dit mag na 5 dagen).
  • Niet-oplosbare hechtingen of nietjes (agraves) mag u bij de huisarts laten verwijderen op (datum):

  • U kunt 1 à 2 weken vaginaal bloedverlies hebben, daarna wat bruinige afscheiding.
  • Zolang u vaginaal bloedverlies heeft, mag u geen geslachtsgemeenschap hebben, geen tampons gebruiken en niet baden of zwemmen.

Pijnbestrijding

  • Paracetamol: 4 x daags 1000 mg. Neem de pijnstillers op vaste tijden (8.00 - 12.00 - 17.00 - 22.00 uur) in. Zodra u geen pijn meer heeft, mag u de Paracetamol stoppen.
  • Bij onvoldoende effect: Paracetamol 1000 mg combineren met 1 tablet Ibuprofen à 400 mg (maximaal 4 x daags). Deze combinatie mag u maximaal drie dagen gebruiken. Ibuprofen mag niet in combinatie met Diclofenac (Voltaren), Tramadol of Arcoxia  gebruiken of indien u overgevoelig of allergisch bent voor NSAID’s.
  • Als u geen pijn meer heeft, bouwt u eerst deze medicatie af en daarna de paracetamol.
  • Volgens voorgeschreven recept.
  • Eigen pijnmedicatie.

Bloedverdunnende medicatie

U kunt uw bloedverdunnende medicatie herstarten volgens voorschrift specialist / trombosedienst op (datum):


Voeding

  • Start de eerste dag met licht verteerbare voeding, als dit goed gaat, mag u weer eten zoals u dat gewend bent.
  • U mag alles eten en drinken, zoals u thuis gewend bent.
  • Uw darmen kunnen wat moeizaam op gang komen, zorg dat de ontlasting soepel blijft door voldoende te drinken (minimaal 2 liter) en vezelrijke voeding en fruit te eten.

Bewegen en leefregels

  • De eerste dagen thuis moet u zich realiseren dat u herstellende bent. Luister goed naar uw lichaam en neem rust als uw lichaam dat aangeeft. Naast voldoende rust is het wel belangrijk om regelmatig te bewegen, dus blijf niet de hele dag in bed liggen. U mag gewoon traplopen.
  • De eerste 24 uur na de operatie moet u het thuis rustig aan doen, daarna kunt u uw activiteiten uitbreiden afhankelijk van de grootte van de ingreep. Voorwaarde is dat de activiteiten geen pijn veroorzaken.
  • De eerste 24 uur geen auto besturen, daarna afhankelijk van uw ingreep, uw herstel en het advies dat u in het ziekenhuis gekregen heeft.
  • De eerste 2 weken geen zware arbeid verrichten.
  • De eerste 3-6 weken niet fietsen, geen zware arbeid verrichten, niet zwaarder tillen dan vijf kilo.
  • Op welk moment u uw werk weer op kunt pakken, is afhankelijk van uw conditie en het soort werk wat u verricht.

Extra informatie (per ingreep)

Let op
Alleen de aangekruiste ingreep is voor u van toepassing.

Vaginale uterus extirpatie, voor-/achterwand plastiek, SSF en andere verzakkingsoperaties

  • U mag geen gemeenschap hebben of tampons gebruiken tot aan de controleafspraak.
  • U mag niet baden of zwemmen totdat de wond goed genezen is. Douchen mag wel.
  • Drink tussen de 1,5 en 2 liter per dag (uw urine moet licht van kleur zijn).
  • Voorkom obstipatie door veel zemelen en fruit te eten, onder andere kiwi werkt laxerend.
  • Movicolon: afhankelijk van de stoelgang 1-3 keer daags 1 zakje innemen (niet standaard bij een vaginale uterusextirpatie).
  • Als u in het ziekenhuis nog geen ontlasting heeft gehad, krijgt u een norgalax mee naar huis met instructies.
  • U kunt ongeveer 6 weken vaginaal bloedverlies of bruinige afscheiding hebben. Ook kan het voorkomen dat u nog een vaginale hechting verliest, dit kan na ongeveer 5 dagen wat meer afscheiding en/of bloedverlies geven. Dit kan geen kwaad.
  • U mag 6 weken niet zwaar tillen (niet meer dan 5 kilo) en geen zwaar (huishoudelijk) werk verrichten. Wees ook alert met activiteiten dit plotselinge bewegingen kunnen vragen, zoals het uitlaten van een hond.
  • Bij een SSF kunt u pijn in uw rechterbil hebben, uitstralend naar het been.
  • Zelfkatheterisatie (type katheter):

  • 6 weken na de ingreep start u met bekkenbodemfysiotherapie. Bij ontslag krijgt u hiervoor een machtiging mee (niet bij een vaginale uterusextirpatie).

Open buikoperatie (o.a. laparotomie, AUE)

  • U mag 6 weken geen zware lichamelijke arbeid verrichten, niet zwaarder tillen dan 5 kilo.
  • Een paar dagen iets vaginaal bloedverlies is normaal.
  • U mag geen geslachtsgemeenschap hebben tot aan de controleafspraak.
  • Darmen kunnen geprikkeld zijn door de ingreep; dit kan obstipatie of klachten van diarree geven.

Laparoscopie (kijkoperatie in de buikholte)

  • Tot enkele dagen na de ingreep kunt u last hebben van buikpijn, prikkelbare darmen; dit verdwijnt na enkele dagen.
  • Soms heeft u met name de dag na de ingreep last van spierpijn.
  • Er kan vaginaal bloedverlies optreden (één tot twee weken).
  • Als de toegankelijkheid van de eileiders is getest, kunt u enige dagen blauw / groene, bloederige vaginale afscheiding hebben (ook de urine kan gekleurd zijn).
  • Bij sterilisatie: in geval van pilgebruik moet u de strip afmaken en daarna stoppen.
  • Bij enkele laparoscopische ingrepen wordt er vocht (adept) in de buik achtergelaten om verklevingen te voorkomen, als u op uw zij slaapt kan zich dit ophopen en als bobbel aanvoelen. Dit verdwijnt vanzelf: het vocht wordt binnen enkele dagen weer door uw lichaam opgenomen.
  • Werkhervatting is afhankelijk van uw herstel en uw beroep. De richtlijn voor werkhervatting is na diagnostische ingrepen (onderzoeken) 1 tot 2 weken en voor therapeutische ingrepen 3 tot 4 weken.
  • Over het algemeen moet u voor uw herstel zeker op twee à drie weken rekenen.
  • Na een kijkoperatie (laparoscopie) kunt u een aantal dagen last hebben van een bolle buik en uitstralende pijn hebben in de schouders (prikkeling middenrif). Hoewel erg vervelend, kan dit geen kwaad en verdwijnt het vanzelf. Het advies is om regelmatig te bewegen.

TLH of LASH (laparoscopische baarmoeder verwijdering)

  • Zie richtlijnen laparoscopie.
  • U mag tot de controleafspraak geen geslachtsgemeenschap hebben.
  • Ook mag u niet zwemmen of baden tot aan de controleafspraak.
  • Na een kijkoperatie (laparoscopie) kunt u een aantal dagen last hebben van een bolle buik en uitstralende pijn hebben in de schouders (prikkeling middenrif). Hoewel erg vervelend, kan dit geen kwaad en verdwijnt het vanzelf. Het advies is om regelmatig te bewegen.

TVT (incontinentieoperatie)

  • U mag de eerste 2 weken na de ingreep geen tampons gebruiken.
  • U mag de eerste 4 weken na de ingreep geen gemeenschap hebben.
  • U mag niet baden en zwemmen zolang u vaginale (bloederige) afscheiding heeft. Meestal stopt dit na enkele dagen. Douchen mag wel.
  • Drink voldoende: tussen de 1,5 en 2 liter per dag.
  • Probeer in ieder geval vijf keer per dag te plassen en controleer of uw urine licht van kleur is.
  • U mag de eerste 2 weken niet te zwaar tillen (niet meer dan vijf kilo).

Complicaties

Let op
Alleen de aangekruiste instructies zijn voor u van toepassing.

Neem contact op met het ziekenhuis wanneer er problemen zijn na de ingreep:

  • koorts (boven 38,5 graden);
  • overmatig vaginaal bloedverlies of riekende afscheiding;
  • nabloeden / lekkage van de wond;
  • zwelling van het wondgebied / kloppende / rode / pijnlijke of pussende wond;
  • toenemende pijn ondanks pijnmedicatie;
  • aanhoudende misselijkheid / braken;
  • obstipatie (langer dan 3 dagen geen ontlasting) waarbij u klachten heeft;
  • niet meer (goed) kunnen plassen;
  • continu aandrang hebben / weinig plassen / brandende pijn bij het plassen;
  • als u iets niet vertrouwt.

Controle

Let op
Alleen de aangekruiste instructies zijn voor u van toepassing.
  • U heeft uw controleafspraak meegekregen.
  • U krijgt een afspraak van de polikliniek thuis gestuurd. Houdt u zelf in de gaten dat u deze ontvangt?
  • U heeft een afspraak bij de regieverpleegkundige / oncoloog.
  • U heeft een afspraak bij de continentieverpleegkundige.

Nazorg en overdracht

  • U kunt uw medicijnen ophalen bij de (ziekenhuis)apotheek.
  • U moet starten met bekkenbodemfysiotherapie,          weken na de ingreep.
  • Machtiging / uitvoeringsverzoek mee voor:
  • U heeft een laxeermiddel meegekregen.

Contact

De specialist blijft uw hoofdbehandelaar (en eerste aanspreekpunt) tot en met tien dagen na uw ontslag. Hierna is de huisarts uw eerste aanspreekpunt, tenzij de specialist anders met u heeft afgesproken.

Bij complicaties na de ingreep kunt u bellen met de polikliniek van uw behandelend specialist:

Zwolle

Gynaecologie
(038) 424 56 04 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Spoedeisende hulp
(038) 424 50 00 (buiten kantoortijden)

De medewerkers van het Isala Behandelcentrum wensen u een voorspoedig herstel.

24 februari 2019 / 8220

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.