Contact
  1. 8619-TUEB

Operatie via uw plasbuis

U heeft plasklachten omdat uw prostaat goedaardig vergroot is. In deze folder leest u wat een goedaardige prostaatvergroting is en hoe wij dit kunnen behandelen met een TUEB. Bij een TUEB opereert de uroloog via de plasbuis. Lees de folder goed door, dan bent u goed voorbereid op uw operatie.

Wat is een TUEB?

TUEB staat voor Trans Urethrale Enucleatie van de prostaat met bipolaire energie. Transurethraal betekent dat de operatie via uw plasbuis (urethra) gaat. Enucleatie betekent dat de uroloog iets uitpelt: uw prostaat. De uroloog gebruikt daarvoor een bipolair hulpmiddel. Dat is een metalen lisje dat kan snijden en dichtbranden. Het uitpellen kunt u vergelijken met het uithollen van een mandarijn. Alleen de schil blijft dan over: de wand van de prostaat.

Goedaardige prostaatvergroting

Wat is een goedaardige prostaatvergroting?

De prostaat is een klier die alleen mannen hebben. De prostaat ligt onder uw blaas, om de plasbuis heen. De prostaat maakt zaadvocht aan en is zo groot als een walnoot. Uw prostaat is groter. Bij bijna alle mannen groeit de prostaat bij het ouder worden. Dit noemen we een goedaardige prostaatvergroting. Maar dit kan wel vervelende plasklachten veroorzaken. Als uw prostaat namelijk blijft groeien, kan hij de plasbuis dichtduwen. Uw plas stroomt er dan moeilijker door heen.

Welke plasklachten kunt u krijgen?

  • Vaak maar een beetje moeten plassen
  • Zwakke plasstraal
  • Nadruppelen
  • Het duurt wat langer voordat u kunt plassen
  • U kunt uw blaas niet helemaal leeg plassen
  • U kunt uw plas moeilijk ophouden
  • U moet ’s nachts plassen

Vaak krijgt u eerst medicijnen. Helpt dat niet genoeg of zijn er te veel bijwerkingen van de medicijnen? Dan kan de uroloog voorstellen om u te opereren. Dit kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld met een TUEB.

Heeft u een verhoogde kans op prostaatkanker?

Plasklachten veroorzaakt door de prostaat, passen meestal bij een goedaardige prostaatvergroting. Voordat de uroloog samen met u besluit tot een operatie, schat de uroloog in of u mogelijk prostaatkanker heeft. Heeft u een verhoogde kans op prostaatkanker? Dan onderzoeken we dat voorafgaand aan uw operatie.

Na de operatie onderzoekt de patholoog ook altijd het verwijderde weefsel. Heel soms wordt dan toch prostaatkanker gevonden. Dan volgt na uw operatie soms nog extra onderzoek.

Voorbereiding

Nadat u met uw arts heeft besproken dat u wordt geopereerd, krijgt u een afspraak voor een preoperatief onderzoek. Meer informatie over dit onderzoek en uw opname leest u in de folders ‘Preoperatief onderzoek’ en ‘Opname in Isala’.

Oproep voor uw operatie

  • Zodra uw operatie is ingepland, ontvangt u thuis een brief hierover van onze planningscoördinator.
  • Een week voorafgaand aan uw operatie, belt een collega ook het tijdstip van uw opname door.
  • Bent u telefonisch niet bereikbaar? Dan ontvangt u opnieuw een brief thuis.
  • Heeft u vragen over uw opname? Bel dan 088 624 24 36.
  • Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen? De afdeling Preoperatief onderzoek informeert u óf en wanneer u hiermee moet stoppen.

Opname

Op de dag van uw opname:

  • meldt u zich op de afgesproken tijd bij de Centrale balie in de Centrale hal van het ziekenhuis.
  • brengt een gastheer- of vrouw u naar de verpleegafdeling.
  • heeft u een gesprek met een verpleegkundige over de gang van zaken op de afdeling.
  • begeleidt de verpleegkundige u zo veel mogelijk tijdens uw opname.

Voorafgaand aan uw operatie:

  • krijgt u eerst medicijnen. Deze zijn door de anesthesioloog voorgeschreven.
  • brengt een verpleegkundige u naar de operatiekamer.
  • ontmoet u de anesthesioloog op de operatiekamer. U heeft de anesthesioloog of een collega ook al gesproken bij het preoperatief onderzoek. In de folder ‘Algehele anesthesie (narcose)’ leest u meer over de verdoving.

Operatie

Hoe gaat de operatie?

De operatie duurt 1,5 tot 3 uur. Hoe lang het precies duurt, hangt af van hoe groot uw prostaat is. U kunt tijdens de operatie meekijken als u dat wilt.

  • U wordt eerst onder narcose gebracht of krijgt een ruggenprik. De anesthesioloog bespreekt met u welke verdoving voor u het beste is.
  • De uroloog brengt dan een instrument in via uw plasbuis tot aan uw prostaat.
  • Vervolgens maakt hij het binnenste gedeelte van uw prostaat los van het kapsel van de prostaat.
  • De uroloog brandt de bloedvaatjes daarna dicht met een metalen lisje.
  • De uroloog snijdt het losgemaakte prostaatweefsel in kleine stukjes.
  • Het weefsel gaat naar het laboratorium voor pathologie. Daar onderzoekt de laborant het weefsel op afwijkende cellen, zoals prostaatkanker.
  • Als laatste brengt de uroloog een blaaskatheter in. Dat is een slangetje dat via uw plasbuis naar uw blaas gaat.

Na uw operatie

  • Na de operatie brengt de verpleegkundige u naar de uitslaapkamer. Hier verblijft u totdat u weer goed wakker bent en/of de verdoving is uitgewerkt.
  • Na de operatie is uw plas vaak nog een beetje bloederig. De verpleegkundige spoelt dan uw blaas door via de blaaskatheter.

Herstel

  • Zodra u weer op de verpleegafdeling bent, begint uw herstel.
  • Op de operatiedag controleert de verpleegkundige regelmatig uw bloeddruk, pols en temperatuur.
  • Ook bespreekt de verpleegkundige elke dag met u de verpleegkundige zorg.
  • U krijgt elke dag een prik (met Fraxiparine) om trombose (bloedstolling) te voorkomen. Deze prik krijgt u totdat u weer naar huis gaat.
  • De uroloog of assistent komt elke dag langs om te kijken hoe het met u gaat. U kunt dan ook vragen stellen.

Heeft u pijn?

De verpleegkundige vraagt een paar keer dag hoeveel pijn u heeft. Afhankelijk van de hoeveelheid pijn krijgt u pijnstillers. Meer informatie over pijnbestrijding en pijnregistratie leest u in de folder ‘Pijnbestrijding en pijnregistratie’.

Wanneer mag u naar huis?

  • Na uw operatie heeft u een blaaskatheter. Als uw plas weer helder is, verwijdert de verpleegkundige de katheter. Meestal is dit 1 of 2 dagen na uw operatie.
  • Is het plassen weer goed op gang gekomen? Dan mag u naar huis.

Nadat de blaaskatheter is verwijderd, kunt u last hebben van:

  • een beetje plas verliezen
  • bloed in uw plas
  • niet kunnen plassen, terwijl u wel het gevoel heeft te moeten plassen
  • kleine beetjes plassen
  • pijn tijdens het plassen

Dit is normaal en gaat vanzelf over. Twijfelt u of maakt u zich zorgen? Neem dan contact op met de verpleegkundige.

Resultaat en bijwerkingen

De meeste patiënten ervaren binnen 24 uur na de operatie een grote verlichting van hun plasklachten.

Mogelijke bijwerkingen zijn:

  • Bloed in uw plas. Uw plas kan tot ongeveer zes weken na uw operatie af en toe wat bloederig zijn. Dit komt omdat de korstjes van de wond in de prostaat loslaten.
  • Sterk het gevoel hebben te moeten plassen en blaaskramp. Uw blaas moet zich nog aanpassen aan de nieuwe situatie.
  • Een licht branderig gevoel tijdens het plassen. Dat kan zes weken duren. Het branderig gevoel komt door de wond in uw prostaat.
  • Incontinentie: ongewild urineverlies. Dit komt door de wond in uw prostaat. En omdat de sluitspier van uw blaas moet wennen aan de nieuwe situatie. Meestal duurt dit enkele weken tot enkele maanden. Kunt u uw plas niet goed ophouden? Dan krijgt u een (start)pakket met incontinentiemateriaal mee naar huis. Heeft u meer materiaal nodig? Dan kunt u dit zelf bijbestellen. In het pakket vindt u informatie hoe u dat kunt doen. Uw zorgverzekeraar vergoedt het incontinentiemateriaal.
  • Droog klaarkomen. De meeste mannen hebben na de operatie een droge zaadlozing. Tussen uw blaas en prostaat zit een kleine sluitspier. Deze zorgt ervoor dat de zaadlozing naar buiten gaat. Maar soms werkt deze sluitspier niet meer na de operatie. Hierdoor kan (een deel van) de zaadlozing in uw blaas terecht komen. Dat plast u vanzelf weer uit. Dit blijft zo en is niet gevaarlijk.

Meestal verdwijnen deze klachten vanzelf. Dit kan wel enkele weken en soms ook enkele maanden duren.

Instructies voor thuis

Specifieke leefregels

  • U mag gerust een korte wandeling maken.
  • Na 6 weken mag u weer fietsen.
  • De eerste 2 weken mag u geen zware arbeid doen. Til niet zwaarder dan 5 kilo en pers niet tijdens het poepen of plassen.
  • Drink voldoende: 2 tot 3 liter per dag. Het is mogelijk dat de arts u adviseert minder te drinken. Volg dan dat advies op.
  • Eet voeding met veel vezels. Zo blijft uw ontlasting soepel en hoeft u niet te persen.
  • Wanneer u weer mag werken, is afhankelijk van uw conditie en het soort werk.
  • Sporten en zwemmen mag na 6 weken; nadat u eerst op controle bent geweest.
  • Regel eventueel de eerste 2 weken na uw operatie hulp voor zware huishoudelijke taken. Dit kunt u aanvragen via de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) in uw gemeente.

Voeding

U mag alles eten en drinken.

Pijnbestrijding

  • Paracetamol: 4 keer per dag 1.000 mg. Slik de pijnstillers op vaste tijden: 8.00-12.00-17.00-22.00 uur. Heeft u geen pijn meer? Bouw dan de Paracetamol af.
  • Het kan zijn dat uw arts u ook andere medicijnen tegen de pijn adviseert.

Bloedverdunnende medicijnen

  • Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen? Uw arts en/of eventuele trombosedienst geeft aan u door wanneer u deze weer mag gebruiken.
  • Eventuele nieuw voorgeschreven medicijnen kunt u ophalen bij de ziekenhuisapotheek of uw eigen apotheek. De verpleegkundige geeft u hier informatie over.

Wanneer moet u contact opnemen?

Neem contact op met het ziekenhuis als:

  • u bloedstolsels plast en/of het bloedverlies niet vermindert als u veel drinkt.
  • u niet meer kunt plassen of het gevoel heeft niet goed uit te kunnen plassen.
  • u steeds het gevoel heeft te moeten plassen, maar niet kunt plassen.
  • u heftige brandende pijn heeft bij het plassen.
  • u koorts heeft (boven 38,5 graden).
  • u steeds meer pijn krijgt, ondanks de pijnstillers die u slikt
  • u last heeft van verstopping. U heeft meer dan drie dagen geen ontlasting gehad.
  • u twijfelt of zich zorgen maakt.

Contact

Heeft u nog vragen? Bel dan met:

Zwolle en Kampen

Urologie
088 624 27 40 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Meppel

Urologie
088 624 96 33 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur)

Laatst gewijzigd 28 februari 2024 / 8619