Contact
  1. 5829-Vrijheidsbeperkende maatregelen

​Soms kan een patiënt door ziekte ernstig verward of onrustig worden. Het gevolg kan zijn dat het nodig is om de bewegingsvrijheid van de patiënt te beperken, om zo de patiënt tegen zichzelf of anderen te beschermen. Hier kunt u meer lezen over de maatregelen die een patiënt of diens omgeving beschermen.

Vrijheidsbeperkende maatregelen

Dit zijn alle maatregelen die de patiënt en zijn omgeving beschermen. Er zijn veel verschillende manieren om een patiënt in zijn vrijheid te beperken. Bijvoorbeeld door het plaatsen van een bedhek, een bewegingsmelder of een kussen met sensor die een alarm geeft als de patiënt opstaat. Als ‘milde’ maatregelen onvoldoende werken, kunnen zwaardere maatregelen nodig zijn zoals een tentbed, polsbanden of onrustband.

Door deze maatregelen wordt de bewegingsvrijheid beperkt: de patiënt kan niet vrijuit doen wat hij op dat moment wil.

Isala neemt deze maatregelen alleen als er geen andere mogelijkheden meer zijn om de veiligheid voor de patiënt en/of zijn omgeving te kunnen waarborgen.

Waarom nemen we vrijheidsbeperkende maatregelen?

Vrijheidsbeperkende maatregelen zijn soms nodig om de patiënt tegen zichzelf of anderen te beschermen. In het ziekenhuis kan het voorkomen dat een patiënt ernstig verward of onrustig raakt tijdens de opname. Dit heet een delier. Een delier ontstaat meestal als gevolg van ziekte of na een operatie. Wilt u meer informatie over een delier, lees dan de folder 'Acuut optredende verwardheid of delier'.

Door een delier kunnen patiënten 'risicogedrag' vertonen. Bijvoorbeeld vallen, aan infuuslijnen trekken of agressief gedrag. Hierdoor kan het nodig zijn de patiënt tegen zichzelf of anderen te beschermen. Doel van vrijheidsbeperkende maatregelen is:

  • voorkomen van letsel bij de patiënt (en anderen);
  • het kunnen vervolgen van de afgesproken medische behandeling.

Besluitvorming en registratie

De arts neemt het besluit om bij de patiënt vrijheidsbeperkende maatregelen in te zetten, conform de wettelijke voorschriften in de Wet op de Geneeskundige Behandeling (WGBO). De arts doet dit altijd in nauw overleg met de verpleegkundige. Met de patiënt en/of wettelijk vertegenwoordiger wordt het risicogedrag en de te nemen maatregelen besproken en om toestemming gevraagd. Als vrijheidsbeperkende maatregelen worden toegepast, wordt de patiënt gericht geobserveerd en verpleegd. De arts en verpleegkundige evalueren tenminste eenmaal per dag of de maatregel nog noodzakelijk is.

Vrijheidsbeperkende maatregelen zijn altijd de laatste keuze. Voordat we daartoe overgaan, zijn al minder ingrijpende maatregelen overwogen en/of uitgeprobeerd. Als toch voor vrijheidsbeperking gekozen wordt, gaat er een zorgvuldige procedure aan vooraf. Deze procedure is gebonden aan regels in de Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst. Volgens deze regels is de behandelend arts verantwoordelijk en moet u of uw naaste (vertegenwoordiger) instemmen met de voorgenomen maatregel. Alleen in noodsituaties kan van de procedure afgeweken worden en vindt toestemming achteraf plaats. 

Wat kunt u doen?

We hebben een aantal aandachtspunten voor u op een rij gezet:

  • Voor u kan het een emotionele gebeurtenis zijn om uw naaste in zijn vrijheid beperkt te zien. Het is voor u belangrijk om te weten wat de reden hiervan is. Vraag ernaar bij de verantwoordelijk arts of verpleegkundige, zij kunnen u daarover informeren.
  • De verpleegkundige of behandelend arts kan u vragen meer tijd bij uw naaste door te brengen. Een vertrouwd persoon kan de patiënt namelijk rust en afleiding bieden en soms het gebruik van vrijheidsbeperkende maatregelen verminderen.
  • Help de patiënt om zich te oriënteren:
    Vertel regelmatig waar hij is en wat er aan de hand is.
    Zorg voor een klok en kalender. Bespreek datum, tijd en plaats met de patiënt. Bijvoorbeeld door over het seizoen of het nieuws te vertellen.
  • Houd de omgeving overzichtelijk en laat geen obstakels staan.
  • U kunt met de verpleegkundige van de afdeling bespreken of het mogelijk is om bepaalde maatregelen te onderbreken op het moment dat er bezoek aanwezig is. 
  • Na beëindiging van de vrijheidsbeperkende maatregel(en) kunnen herinneringen hieraan overblijven. Als u of uw naaste daaraan een nare blijvende herinnering overhoudt, bespreek dit dan met de verpleegkundige en/of (huis)arts.

Nazorg

Soms wordt het inzetten van een vrijheidsbeperkende maatregel door de patiënt en/of zijn naasten als ingrijpend gezien. Het is altijd mogelijk om de situatie na te bespreken met de verpleegkundige of behandelend arts.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar uw naaste onder behandeling is:

Zwolle, Kampen of Heerde

Ouderengeneeskunde
(038) 424 33 50 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)

Meppel of Steenwijk

Ouderengeneeskunde
(0522) 23 44 70 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.

Verantwoording

Voor het schrijven van deze tekst hebben we gebruik gemaakt van folders van Amphia Ziekenhuis, Jeroen Bosch Ziekenhuis en Maasstad Ziekenhuis.

23 november 2018 / 5829 / 324278

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.