Contact
  1. 5334-Neusbijholteontsteking: operatie neusholten

Voorbereiding, operatie en nazorg

U heeft een chronische ontsteking aan de neusbijholten en wordt binnenkort geopereerd. Soms wordt tijdens de operatie ook het neustussenschot rechtgezet. In deze folder leest u hoe u zich kunt voorbereiden op de operatie. Hoe de operatie verloopt. En leest u hoe u uw neus na de operatie moet schoonhouden en verzorgen.

De neusbijholten Illustratie neusbijholtenAfbeelding 1: de neusbijholten


Boven en naast de neus bevinden zich holle ruimten in het hoofd:

  • neusbijholten: deze staan in directe verbinding met de neusholte;
  • voorhoofdsholten: boven de ogen;
  • kaakholten: achter de wangen;
  • holten in het zeefbeen: deze bestaan uit vele kleine holten aan beide kanten tussen de neusholte en de oogkas;
  • wiggebeensholte, ver boven in de neus.

De kaakholten en de voorhoofdsholten staan via het zeefbeen met de neus in verbinding.

Waarom is een operatie nodig?

Vaak is een chronische ontsteking de reden voor een operatie aan de neusbijholten. We noemen het een chronische ontsteking als de ontsteking niet weggaat ondanks behandelingen met medicijnen of spoelingen. Soms heeft u naast de ontsteking ook poliepen in uw neus. Er kan één bijholte ontstoken zijn, maar er kunnen ook meerdere bijholten ontstoken zijn.

Als er een chronische ontsteking zit in de zeefbeenholten kunnen ook de kaakholten en zelfs de voorhoofdsholten geblokkeerd en ontstoken raken. Daarom is het operatief verhelpen van de ontsteking in de zeefbeenholten een belangrijk deel van de gehele neusbijholte-operatie.

Onderzoek voor de operatie

Als voorbereiding op de operatie vindt er een preoperatief onderzoek plaats. U leest meer over dit onderzoek in de folder Verdoving (anesthesie). Het is belangrijk dat u deze folder goed doorleest om u voor te bereiden op de operatie.

Operatie

Meestal dezelfde dag naar huis

De operatie vindt meestal plaats onder volledige verdoving (narcose). Soms wordt er gekozen voor plaatselijke verdoving. De arts bespreekt dit voor de operatie met u. Meestal mag u na de operatie weer naar huis. Soms is het wel nodig om een nachtje in het ziekenhuis te blijven. U mag nog niet naar huis als: 

  • u zich nog niet goed voelt;
  • u nog last heeft van de narcose;
  • u een nabloeding heeft.

Tijdens de operatie

De operatie wordt gedaan via uw neusgaten. Na de operatie heeft u dan ook geen zichtbare operatiewond. De operatie wordt ook wel FESS genoemd: dit is de afkorting van functional endoscopic sinus surgery.
Bij de operatie gebruikt de KNO-arts een endoscoop. Dit is een klein buisje met een camera. Zo kan de arts goed in uw neus kijken. De endoscoop gaat via de neusgaten naar binnen. Terwijl de KNO-arts door de endoscoop kijkt, legt hij met speciale instrumenten de ontstoken neusbijholten open.

Tijdens de operatie plaatst de arts meestal een aantal kleine tampons hoog in de neus. Deze moeten een week in de neus blijven zitten. Soms worden er nog een aantal grotere tampons in de neus gedaan als de neus blijft bloeden. Ademhalen door de neus is dan een poosje niet mogelijk.

Neustussenschot

Soms wordt tijdens de operatie ook uw neustussenschot rechtgezet (septumcorrectie). Ook dit wordt via de neusgaten gedaan. Na de operatie heeft u dus geen zichtbare littekens. Bij de operatie worden het kraakbeen en het bot van het neustussenschot losgemaakt via een klein sneetje binnen in de neus. Hierna wordt het tussenschot rechtgezet. Stukjes bot of kraakbeen die uitsteken worden ook meteen weggehaald.
Het herstelde neustussenschot wordt na de operatie op de plek gehouden met tampons in de neusgaten. Zo kunnen slijmvlies, kraakbeen en bot weer aan elkaar groeien. Soms worden op en naast uw neus een aantal pleisters geplakt die uw neus ondersteunen.

Na de operatie

Het resultaat

Het resultaat van de operatie merkt u niet meteen na de operatie. Eerst moet uw neus genezen. Als de operatie geslaagd is, merkt u na een aantal weken dat u makkelijker kunt ademhalen en dat de ontsteking in de holtes genezen. Als de holtes erg ontstoken waren, kan het volledige herstel van uw neus wel een paar maanden duren. Als de operatie onvoldoende geholpen heeft of de klachten komen toch weer terug, kan het nodig zijn om opnieuw te opereren.

Heel soms helpen uitgebreid medicijngebruik en herhaalde endoscopische neusbijholteoperaties nog niet voldoende. Dan kan een ingrijpender operatie nodig zijn. Zo’n operatie heet denkerchirurgie. Uw KNO-arts zal deze mogelijkheid met u bespreken.

Pijn na de operatie

De pijn na de operatie valt over het algemeen mee. Vaak is paracetamol genoeg om de pijn te bestrijden. U mag 4x 1000 mg (= 2 tabletten van 500 mg per keer) per dag innemen. Blijft u pijn houden, dan mag u daarnaast nog 3x 400 mg ibuprofen innemen. Zowel paracetamol als ibuprofen zijn zonder recept verkrijgbaar bij een apotheek of drogist. U kunt pijnstillers het beste regelmatig innemen. Zo bouwt u een spiegel op in uw bloed.

Neem bijvoorbeeld iedere 6 uur 2 tabletten paracetamol en eventueel daarbij nog iedere 8 uur een tablet ibuprofen. Helpen de pijnstillers niet voldoende? Neem dan contact op met de polikliniek Keel-, neus- en oorheelkunde voor aanvullende pijnstilling of adviezen.

Complicaties

Na elke operatie is er een kans op complicaties. Bij een operatie aan de neusbijholte is de kans op complicaties heel klein.

Nabloeding

Na een operatie aan de neusbijholten verliest u altijd wat bloed uit uw neus. De wond is nog open en het slijmvlies moet nog genezen. Vaak zijn de tampons voldoende om dit bloed op te vangen.
Bij het aanraken van de tampons of door druk op de neus te zetten (bijvoorbeeld tijdens het niezen) kan er wat bloed ontsnappen uit de tampon. Dit is niet erg.

Bij een nabloeding verliest u veel meer bloed. Er loopt dan echt een spoor bloed langs de tampon uit de neus. Neem contact op met het ziekenhuis als er bloed langs de tampons blijft komen. Vaak is het plaatsen van nieuwe tampons voldoende om het bloeden te stoppen. Heel soms moet een patiënt voor de tweede keer onder narcose gebracht worden.

Tamponverlies

Het komt bijna nooit voor, maar u zou de tampons uit de neus kunnen verliezen, bijvoorbeeld door te niezen. Neem dan contact op met de polikliniek Keel-, neus- en oorheelkunde.

Infectie

Bij iedere operatie kan een infectie optreden. Als u een infectie heeft, merkt u dit aan:

  • pus uit de neus;
  • koorts;
  • kloppende pijn.

Neem bij deze klachten contact op met de polikliniek Keel-, neus- en oorheelkunde. Waarschijnlijk krijgt u een antibioticum voor een week voorgeschreven om de infectie te genezen.

Zwelling van de oogkas

Soms ontstaat er een kleine bloeduitstorting in de ooghoek bij uw neus: dit is onschuldig en trekt vanzelf weg. Ook kan er opeens een zwelling ontstaan op één van uw oogleden na bijvoorbeeld een hoest- of niesbui. Hierbij gaat het meestal om lucht dat onderhuids onder de oogleden komt, maar het zou ook bloed kunnen zijn. Als u plotseling een zwelling ontdekt op uw ooglid, neem dan contact op met de polikliniek Keel-, neus- en oorheelkunde.

Controle

Als u naar huis mag na de operatie krijgt u een controleafspraak mee. Meestal is deze na ongeveer een week.
Tijdens de controleafspraak worden de eventuele tampons uit uw neus verwijderd. Daarna wordt uw neus verdoofd met watjes en maken we uw neus schoon. Het duurt enkele weken tot soms enkele maanden voordat uw neus helemaal genezen is. Soms krijgt u een aanvullende kuur medicijnen voorgeschreven om het slijmvlies rustig te maken. Als alles er goed uitziet, wordt er meestal een vervolgafspraak op de polikliniek gemaakt voor 1 tot 2 maanden na de operatie.

Belangrijke tips voor thuis

Om uw neus goed te laten genezen, is het belangrijk dat u uw neus goed schoonhoudt en verzorgt. Door het achterblijven van bloedkorsten en slijm kan namelijk littekenweefsel ontstaan. Littekenweefsel kan de openingen weer verkleinen en het effect van de operatie verminderen. Om littekenweefsel te voorkomen, krijgt u een recept mee naar huis voor:

  • spoelwater (fysiologisch zout NaCl 0.9% en een 20cc spuit);
  • neusspray of neusdruppels;
  • soms ook antibiotica.

Neusspoelen bestrijdt ook een eventuele onaangename geur.

Spoelen

Vanaf de tweede dag gaat u thuis uw neus spoelen:

  • Buig voorover boven de wasbak.
  • Spuit het fysiologisch zout rustig in uw neus terwijl u uw neus opsnuift.

Begin rustig. Als uw gewend bent geraakt aan het opsnuiven, mag u iets krachtiger spoelen. U mag gerust enkele spuiten per kant gebruiken. Als de flessen leeg zijn, kunt u zelf een zoutwateroplossing maken door een afgestreken theelepel keukenzout op te lossen in een glas lauw kraanwater.

Neusspray

Vaak krijgt u een neusspray of neusdruppels voorgeschreven. Gebruik deze volgens het voorschrift van uw arts. Gebruik de spray of druppels na het spoelen. Laat uw neus wel eerst goed uitdruppelen.

Antibiotica

Neem de voorgeschreven antibiotica volgens het recept in. Maak de kuur altijd af. Stop alleen als u overgevoelig op antibiotica reageert. Neem dan contact op met de polikliniek Keel-, neus- en oorheelkunde.

Snuiten

Snuit de eerste paar dagen na de operatie uw neus niet. Uw neus ophalen mag wel.

Bloeden

De eerste week kan er regelmatig nog wat bloed of stolsels uit uw neus komen. Dit is normaal. Het vrijkomen van korsten of stolsels kan zelfs enige weken aanhouden. Blijf goed spoelen. Neem wel contact op met de polikliniek Keel-, neus- en oorheelkunde als er veel helderrood bloed uit uw neus komt.

Roken en alcohol

Wij raden u aan de eerste dagen na de operatie niet te roken en geen alcohol te drinken. Voorgoed stoppen met roken is natuurlijk nog beter. Ook raden we u aan om in deze periode prikkelende stoffen te vermijden.

Verstopte neus

Gebruik geen andere neusdruppels dan die u zijn voorgeschreven! Als de neus erg verstopt is, helpt een keertje extra spoelen. Ook kunt u het hoofdeinde van uw bed wat hoger zetten.

Weer aan het werk

Doe de eerste week geen zwaar lichamelijk werk en neem voldoende rust. Als u zich goed voelt, kunt u daarna weer gewoon aan het werk gaan. 

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle, Kampen of Heerde
Keel-, neus- en oorheelkunde
(038) 424 23 84 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 17.00 uur)
(038) 424 50 00 (buiten kantooruren)

Meppel of Steenwijk
Keel-, neus- en oorheelkunde
(0522) 23 32 48 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 16.30 uur)
(0522) 23 33 33 (buiten kantooruren)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.

Daarnaast bestaat de mogelijkheid om de website van de Nederlandse Vereniging voor Keel-, Neus- en Oorheelkunde te raadplegen via www.kno.nl rubriek 'voorlichting'.

23 november 2018 / 5334

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.