Contact
  1. 7600-Autorijden na een CVA / TIA

Onlangs heeft u een (lichte) beroerte, hersenbloeding of TIA doorgemaakt. In medische termen noemen we dit een CVA of TIA. Omdat u een CVA of TIA heeft doorgemaakt, heeft dit gevolgen voor uw rijgeschiktheid (het mogen autorijden). In deze folder vindt u meer informatie over het autorijden en wat er van u wordt verwacht.

Wanneer mag u autorijden na een CVA / TIA?

Privégebruik

  • Als u een CVA of TIA heeft gehad zonder restverschijnselen die van invloed zijn op de rijgeschiktheid, dan mag u twee weken niet autorijden. Na deze twee weken mag u, in overleg met uw neuroloog, weer autorijden.
  • Als u een CVA heeft doorgemaakt met lichamelijke en/of geestelijke restverschijnselen waar u langer dan twee weken last van heeft gehad, mag u in ieder geval drie maanden niet autorijden. Na deze drie maanden moet u een zogenaamde ‘Eigen verklaring’ ophalen bij het gemeentehuis. Deze moet u invullen en opsturen naar het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR).

Beroepschauffeur

  • U bent beroepschauffeur, heeft een CVA/TIA gehad en u heeft binnen twee weken geen restverschijnselen meer die van invloed zijn op de rijgeschiktheid: u mag vier weken geen auto rijden. Dit geldt voor de rijbewijzen C, CE, D en DE. Na deze vier weken mag u, in overleg met uw neuroloog, weer autorijden.
  • U heeft een CVA gehad waarbij u na twee weken nog wel restverschijnselen heeft die van invloed zijn op de rijgeschiktheid: u mag drie maanden niet autorijden (bij beroepschauffeurs geldt een termijn van vier weken). Na deze drie maanden moet u een Eigen verklaring ophalen bij het gemeentehuis.

Eigen verantwoordelijkheid

Het is uw eigen verantwoordelijkheid het CBR te informeren dat u een (lichte) beroerte heeft gehad. Het CBR bepaalt uiteindelijk uw rijgeschiktheid. Aan de aanschaf van een Eigen verklaring, het laten ondertekenen van dit document en het ondergaan van een neurologische keuring zijn kosten verbonden. Deze kosten worden soms vergoed door de zorgverzekering. Informeer hiervoor bij uw zorgverzekeraar.

Bovenstaande trajecten zijn de meest voorkomende, maar hierop zijn ook uitzonderingen mogelijk. Als dit voor u het geval is, bespreekt uw neuroloog dit met u.

Contact

Heeft u vragen? Stel deze dan gerust aan:

  • uw neuroloog
  • de verpleegkundige op de CVA-polikliniek
  • de verpleegkundige die bij u de nazorg huisbezoeken aflegt.

U kunt de CVA-polikliniek bereiken via telefoonnummer (0522) 23 32 09. Voor meer informatie kunt u uiteraard ook terecht bij het CBR: www.cbr.nl.

12 december 2018 / 7600

Voor specifieke vragen aan een afdeling, ga naar de contactpagina. U kunt ook kijken bij de meestgestelde vragen.