Contact
  1. 5629-Prostaatbestraling
Punt Coronavirus (COVID-19) Bent u patiënt, begeleider of bezoeker? Hier vindt u belangrijke informatie over uw bezoek aan Isala.

Bijlage van het PID Prostaatkanker

Radiotherapie is de meest toegepaste behandeling bij prostaatkanker. Tijdens deze behandeling bestralen wij de tumor in uw prostaat. Hoe uw bestralingsbehandeling eruitziet, hangt af van het type en grootte van de tumor. Uw radiotherapeut kijkt samen met u welke behandeling het beste voor u is. De radiotherapeutisch laboranten voeren de behandeling uit. 

De behandelperiode duurt meestal een paar weken. Tijdens deze weken wordt u 2 of 5 keer per week bestraald. Dit hangt af van welke behandeling uw arts u voorschrijft. Uw behandeling kan ook bestaan uit radiotherapie in combinatie met hormonale therapie.  

Voorbereiding op de bestraling: CT-scan

Als voorbereiding op de bestraling maken wij een CT-scan en eventueel een MRI-scan. Het is belangrijk dat uw blaas gevuld wordt door het onderstaande plasvoorschrift te volgen. Zo heeft uw lichaam de tijd om het vocht naar de blaas te laten gaan. Dit is belangrijk omdat de ligging van de organen in de onderbuik afhangt van hoe vol uw blaas en endeldarm zijn.
Daarom krijgt u de volgende aanwijzingen:

  • plasvoorschrift voor de juiste vulling van de blaas
  • het tegengaan van luchtvorming in de darmen
  • het tegengaan van veel poep in het laatste stukje van de darm.

CT-scan

Voor deze CT-scan is het belangrijk dat uw blaas gevuld is. Houd u daarom goed aan het onderstaande plasvoorschrift. Dit plasvoorschrift moet u ook tijdens de bestralingen volgen. 

MRI-scan

Het kan zijn dat u voor uw CT-scan nog een aantal afspraken heeft staan zoals een MRI-scan. Bij deze MRI-scan is een juiste vulling van de blaas ook belangrijk. 

Plasvoorschrift

  • 1 uur voor uw afgesproken bestralingstijd te plassen.
  • Meteen daarna drinkt u twee tot drie glazen water (in totaal zo’n 400 ml en dit binnen 10 à 15 minuten).

Na afloop van de CT, de MRI en de bestraling mag u weer uitplassen. De voordelen van een gevulde blaas tijdens de behandeling zijn:

  1. Minder kans op bijwerkingen – bij een gevulde blaas wordt een kleiner deel van de blaas mee-bestraald, met als resultaat minder irritaties van de blaaswand.
  2. Een nauwkeuriger bestraling – een min of meer gelijke blaasvulling draagt bij aan de nauwkeurigheid van de bestralingen.

Voorkomen van lucht in de darmen

Lucht (ook wel gasvorming) in de darmen kan de ligging van de prostaat veranderen. Door uw voeding en leefwijze aan te passen, kunt u meer of minder last krijgen van lucht in uw darmen. Probeer deze producten zo weinig mogelijk te eten, want hiervan kunt u last krijgen van winderigheid (gasvorming):

  • Ui, koolsoorten (vaak kan broccoli en bloemkool wel), peulvruchten, prei, spruiten, paprika;
  • Producten met veel suiker of sorbitol (zoetstof);
  • Bier en koolzuurhoudende dranken.

Vermijd het inslikken van lucht. Liever niet: 

  • kauwen op kauwgom;
  • te snel eten;
  • praten tijdens het kauwen;
  • drinken door een rietje;
  • roken.

Algemene tips om regelmatig naar de wc te kunnen gaan

Veel ontlasting in het laatste stukje van de darm kan de ligging van de organen in de onderbuik beïnvloeden. Hierbij algemene tips om regelmatig naar de wc te kunnen gaan:

  • Beweeg minimaal 30 minuten per dag;
  • Eet op regelmatige tijdstippen;
  • Drink voldoende, tenminste 1,5 liter per dag;
  • Voelt u dat u moet poepen? Wacht dan niet en ga meteen naar de wc. 

Goudmarkers

De ligging van uw prostaat kan per dag variëren. Om tijdens de bestralingen precies te zien waar de prostaat zich bevindt, kunnen goudmarkers gebruikt worden. Dit zijn heel kleine staafjes van goud. Deze markers worden in uw prostaat ingebracht. Daarna zijn ze te zien op röntgen en MRI-scans. Voor elke bestraling maken we een scan waarop de goudmarkers te zien zijn. Zo kunnen wij elke dag precies de plek van de prostaat vaststellen en weten we zeker dat de bestraling op de juiste plaats komt.
Leest u voor meer informatie ook de folder ‘Inbrengen van goudmarkers’.

Bijwerkingen

Zowel tijdens als na de periode van bestraling kunt u last van bijwerkingen krijgen. Meestal ontstaan deze bijwerkingen niet direct, maar pas na enige tijd. Ook verschillen de bijwerkingen van persoon tot persoon.
Een algemene bijwerking van bestraling is vermoeidheid. Lees hierover meer in de algemene folder. Daarnaast heeft u bij de bestraling van uw prostaat kans op darmklachten, plasklachten en erectiestoornissen.

Mogelijke bijwerkingen op korte termijn (tijdens en vlak na de bestralingsperiode):

Plasklachten

Een gedeelte van uw blaas ligt in het te bestralen gebied. Daardoor kunnen klachten ontstaan. De klachten die kunnen ontstaan lijken op die van een blaasontsteking:

  • Vaak kleine beetjes plassen;
  • Heel nodig moeten plassen (maar vaak laat de eerste straal op zich wachten en verloopt het plassen moeilijk of komt er niets);
  • Een schrijnend gevoel tijdens het plassen;
  • Pijn in de onderbuik;
  • Troebele urine.

Door u aan het plasvoorschrift te houden, zorgt u ervoor dat uw blaas steeds op dezelfde manier gevuld is tijdens de bestraling. Dit helpt om uw blaas zoveel mogelijk buiten het bestralingsgebied te houden.

Adviezen bij vaak plassen:

  • Drink veel: 1,5 tot 2 liter per dag. Als u veel drinkt, verdunt dit uw urine waardoor de kans op blaasontsteking afneemt.
  • Beperk alcoholische dranken.
  • Gebruik niet te veel kruiden.
  • Controleer altijd de kleur van uw urine: heel donkergekleurde of roze urine kan op een blaasontsteking wijzen.

Darmklachten

Bij de bestraling van de prostaat, kunnen uw darmen reageren omdat deze daar in de buurt liggen. Het kan zijn dat u dan vaker naar het toilet moet voor kleine beetjes ontlasting (stoelgang/poep). Na enige tijd kan uw ontlasting ook dun worden, met wat slijm erbij en/of een beetje bloed. Dit is een normale reactie. Als u klaar bent met de bestralingen, gaan deze klachten meestal weg of worden minder.  
Heeft u een stoma, dan kan het zijn dat u slijm verliest tijdens de bestralingsperiode. Hier hoeft u zich geen zorgen over te maken.

Adviezen bij darmklachten:

  • Eet meerdere kleine maaltijden per dag.
  • Drink voldoende: 1,5 tot 2 liter vocht per dag.
  • Beperk voedingsmiddelen en dranken die uw darmen stimuleren, zoals vetrijke maaltijden, alcohol, koolzuurhoudende dranken en scherpe kruiden.
  • Beperk voedingsmiddelen die gasvorming veroorzaken. Dit zijn: prei, peulvruchten, kool, ui, knoflook en kauwgom. Bloemkool en Chinese kool mogen wel.
  • Gebruik vezelrijke voeding. Vezels binden het vocht in de ontlasting. Fijne voedingsvezels prikkelen de darm minder dan grove voedingsvezels. Voedingsmiddelen die fijne voedingsvezels bevatten zijn: All Bran®, Nutrigan®, bloem, havermout, griesmeel, maïzena, Bambix®, Brinta®, bruinbrood en fijn volkorenbrood, volkorenbeschuit, ontbijtkoek, aardappelen, fijngesneden gekookte groente en zeer fijngesneden rauwkost, geschild en ontpit fruit en vruchtensap.
  • Zure melkproducten (bijvoorbeeld karnemelk) hebben de voorkeur boven zoete melkproducten.
  • Ga bij het plassen op het toilet zitten. Hiermee voorkomt u dat het ongewenste verlies van slijm en/of ontlasting uw kleding vies maakt.

Mogelijke bijwerkingen op lange termijn (maanden, jaren na de bestralingsperiode):

Veranderd ontlastingspatroon

Sommige patiënten houden ook na de behandeling nog klachten bij de ontlasting (poepen). Het kan zijn dat u vaker naar het toilet moet dan voorheen. Ook lukt het soms niet meer om het lang op te houden. U kunt ook last krijgen van blijvend slijm bij uw ontlasting. In een enkel geval kunnen medicijnen of een andere manier van eten deze klachten minder erg maken.

​Bloedverlies bij de ontlasting

Soms blijft een deel van de endeldarm kwetsbaar. Er treden dan sneller kleine slijmvliesbeschadigingen op met als gevolg bloedverlies bij de ontlasting.

Is dit bij u zo? Dan is het belangrijk dat uw ontlasting niet te hard wordt.

Harde ontlasting beschadigt het slijmvlies eerder dan zachte ontlasting. Als u maar een klein beetje bloed verliest en het komt niet vaak voor, dan is er geen behandeling nodig. Gebruik van bloedverdunnende medicijnen kunnen het bloedverlies erger maken.

Erectiestoornissen

Ongeveer een derde van alle patiënten die bestraald worden voor prostaatkanker hebben na verloop van tijd problemen met de erectie. Deze erectiestoornissen zijn meestal een gevolg van blijvende veranderingen in de kleine bloedvaten die de penis van bloed voorzien.
Ook het gebruik van medicijnen tegen prostaatkanker heeft invloed op uw erecties en seksualiteitsbeleving. Deze medicijnen werken doordat ze de mannelijke geslachtshormonen beïnvloeden. Nadat u gestopt bent met deze medicijnen, verdwijnen meestal ook deze bijwerkingen.

Voorlichtingsfilm

Ter voorbereiding op uw behandeling kunt u de voorlichtingsfilms op onze website bekijken (www.isala.nl/filmsradiotherapie).

Vragenlijst

Voor kwaliteitsdoeleinden en een beter inzicht in de bijwerkingen worden op verschillende momenten vragenlijsten via “mijn Isala” voor u klaar gezet die betrekking hebben op de behandeling. Als deze vragenlijst klaar staat in “mijn Isala”, ontvangt u hierover een mail. Het zou fijn zijn als u deze vragenlijst wilt invullen. Is er iets onduidelijk of heeft u vragen? Stel deze aan uw radiotherapeut.

Contact

Heeft u nog vragen, dan kunt u bellen met de locatie waar u onder behandeling bent:

Zwolle

Radiotherapie
088 624 54 49 (bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 17.00 uur)

Kunt u niet komen? Laat het ons snel weten, dan maken wij een nieuwe afspraak.

Laatst gewijzigd 16 juni 2022 / 5629 / P